Nu

Zekerheid van een (zeer) krachtige El Niño neemt toe

Of we afkoersen op een “super El Niño” of dat het met een sisser afloopt, wordt met de maand duidelijker. In de laatste update van het Climate Prediction Center, gisteren gepubliceerd, is de kans op een sterke tot zeer sterke gebeurtenis gestegen. Nog steeds geeft dit geen garantie op de krachtigste El Niño ooit gemeten.

Maandelijkse updates

Elke maand worden de omstandigheden in de tropische Stille Oceaan door de Amerikaanse weerdienst geanalyseerd en samengevat. Het gaat hierbij niet om de veranderingen van dag tot dag, maar de gemiddelden die per week of maand variëren. Omdat het El Niño/La Niña-systeem op grote schaal speelt en relatief langzaam tot ontwikkeling komt, geven de maandelijkse afwijkingen het duidelijkste beeld.

Langzaam gaan we van start

Over de afgelopen maand is het oppervlaktewater van de oostelijke tropische Stille Oceaan warmer geworden en is de ontwikkeling van El Niño begonnen. In welke fase het systeem zit, wordt bepaald door de temperatuurafwijkingen van het water in dit gebied. Afwijkingen groter dan +0,5°C duiden op El Niño-omstandigheden. De meest recente waarde is een afwijking van +0,7°C.

De temperatuur van het oppervlaktewater in de oostelijke tropische Stille Oceaan is aan het toenemen en ligt op sommige plekken al meer dan 2 graden boven het langjarig gemiddelde van de periode 1991-2020. Bron: NOAA CPC

Spreiding en onzekerheid

Er zijn meerdere weermodellen die het verloop van El Niño berekenen. Uit al deze berekeningen komt een gemiddelde en een onzekerheidsmarge. Hoe groter de spreiding tussen de modellen, hoe onzekerder de uitkomst. Zegt bijvoorbeeld model A dat de maximale kracht van El Niño uitkomt op een temperatuurafwijking van +1,0°C, maar zegt model B +3,0°C, dan kan er eigenlijk geen conclusie worden getrokken over de uiteindelijke evolutie. Dit was in april nog het geval.

63% kans op een zeer sterke El Niño

Inmiddels komen we steeds een stukje dichterbij de piek van het seizoen en hebben de modellen meer om mee te werken. Nog steeds is de spreiding groot, maar verschuift het zwaartepunt van de pieksterkte. Waar het eerst nog tussen een zwakke en een zeer sterke El Niño ging, liggen de verschillen nu vrijwel volledig tussen een sterke en zeer sterke gebeurtenis (1,6°C - 4,0°C).

De staafdiagrammen geven de kans op een bepaalde 'kracht' van El Niño weer. In de late herfst en door de winter heen is de kans op een zeer krachtige El Niño het grootst. Bron: NOAA CPC

Het is niet te zeggen hoe hoog de piek gaat zijn. Wel geeft het CPC nu een kans van 63% op de ontwikkeling van een zeer sterke El Niño in de periode van Oktober 2026 t/m Januari 2027. Er is in ieder geval sprake van een snelle ontwikkeling. Doorgaans is het systeem in het winterseizoen op zijn hoogtepunt en neemt daarna de kracht geleidelijk weer af. De invloed op wereldwijde weersystemen is dan ook het grootst. Pas als weersystemen wekenlang worden beïnvloed, zijn de effecten wereldwijd te zien.

Super El Niño – mediaterm of wetenschappelijk?

De komende El Niño zou tot de krachtigste El Niño-gebeurtenissen in de meetgeschiedenis (sinds 1950) kunnen behoren. Toen duidelijk werd dat een deel van de modellen voor een zeer hoge temperatuurafwijking ging, werd dit door de media groots opgepikt met de term ‘super El Niño’.

In 2003 dook de term voor het eerst op in een artikel van het Australische nationale wetenschappelijke agentschap CSIRO. Zij gebruikten het om El Niño-gebeurtenissen met een afwijking van minstens +3,0°C te beschrijven. Sindsdien wordt de benaming wel eens vaker gebruikt, met name in nieuwsartikelen en op sociale media, maar professionele ENSO-voorspellingen gebruiken het niet. Het is dus geen wetenschappelijke term.

Foto gemaakt door Copernicus C3S - De voorspellingen van de temperatuurafwijking van het zeewater, op basis van een combinatie van meerdere modellen, liggen nu tussen de 1,6 en 4,0 graden.
Foto gemaakt door Copernicus C3SDe voorspellingen van de temperatuurafwijking van het zeewater, op basis van een combinatie van meerdere modellen, liggen nu tussen de 1,6 en 4,0 graden.