Lenteperiode van start, maar onstabiel vervolg
Met de eerste 20-plusser in het vooruitzicht breekt een nieuwe periode aan van lenteweer. Het lijkt nog niet de definitieve doorbraak van warmer en zonnig weer, want op de weerkaart zijn er de komende tijd veel wisselingen tussen hoge- en lagedruk. Dit gaat hand-in-hand met variaties in het weer.Woensdag lokaal waarschijnlijk boven de 20°C
De aankomende warmte komt net na Pasen op gang. Woensdag maakt de meeste kans op de eerste (lokale) warme dag van het jaar. Een warme dag heeft een maximumtemperatuur van ten minste 20,0°C. De eerste officiële* warme dag van het jaar valt meestal halverwege april. Vorig jaar gebeurde dit vrij vroeg en werd het op 21 maart al 21,9°C. Dit jaar werd aan het begin van maart lokaal de 20 graden nog net niet gehaald, toen de temperatuur in het zuiden opliep tot ruim 19 graden.
*Officiële metingen worden gedaan in De Bilt – het centraal-gelegen hoofdstation van het KNMI
Geen reeks warme dagen
De stroming is niet lang genoeg zuidelijk om het tot meerdere warme dagen te laten komen. Dinsdag heeft de wind een oostelijk aandeel en donderdag een westelijk. Dit is het gevolg van de bewegelijkheid van de drukgebieden. Maandag komt hogedruk opzetten boven Noordwest-Europa, wat geleidelijk noordoostwaarts beweegt. Door het verschuiven van dit drukgebied naar Scandinavië draait de wind in ons deel van Europa naar het zuiden en wordt warme lucht aangevoerd.
Donderdag neemt de invloed van dit hogedrukgebied langzaam af en wint het windveld van lagedruk bij IJsland meer terrein. Hierdoor draait de wind naar het westen. Een deel van het lagedrukgebied zou zich donderdag kunnen afsplitsen en zich meer gaan bemoeien met het Nederlandse weer, maar de modellen zijn hierover niet eensgezind.
Het grootschalige Europese weermodel ECMWF laat dit drukgebied, met de bijbehorende neerslagzone, donderdagavond over Nederland trekken. Het fijnere ICON is daar wat eerder mee en berekent daardoor ook de regen een paar uur eerder, maar wel noordelijker. Het Amerikaanse model GFS komt helemaal niet met dit kleine lagedrukgebied en houdt het dan ook droog.
De temperatuur op donderdag verschilt daarom behoorlijk tussen de modellen. Hoe later het lagedrukgebied langstrekt, of hoe verder van Nederland af, hoe warmer het kan worden. Regionaal een tweede warme dag is op dit moment nog niet uitgesloten.
Wisselvallige of droge trend?
Tegen het einde van volgende week is er dus een gerede kans op één à twee wisselvallige dagen. Op dit moment zijn er weinig aanwijzingen dat deze wisselvalligheid doorzet. Volgens de klimatologie is de lente het droogste seizoen. Afgelopen maart was aan de droge kant en april zou zomaar die trend kunnen gaan volgen.
De komende tijd zijn de neerslagkansen klein. Het signaal is wel zichtbaar in de weerpluim, maar de hoeveelheden zijn niet groot. Het uitblijven van een stationair hogedrukgebied is de oorzaak van dit neerslagsignaal. Vorig jaar waren zulke hogedrukblokkades de oorzaak van een bijna recorddroge lente.
De temperatuur ligt op de meeste dagen tussen de 15 en 20 graden, met de meeste warmte tussen dinsdag en donderdag. Richting het weekend is het wat gematigder met 10-15 graden. De warmste dagen van de week gaan gepaard met flink wat zon, maar vanaf donderdag neemt de kans op bewolking toe. De daaropvolgende week zorgt een groot hogedrukgebied boven Scandinavië voor een oostelijke wind. Dit geeft een vooruitzicht op droger, zonniger en zacht weer.

