Nu

Komen blokkerende hogedrukgebieden in het voorjaar vaker voor in het “nieuwe” klimaat?

Het is gortdroog in Nederland. De situatie doet erg denken aan vorig jaar, toen het van maart tot halverwege mei bijna onafgebroken droog en zonnig was. De surplus aan zonneschijn en de schaarse neerslag van 1 maart tot nu zijn vergelijkbaar met 2025, toen hogedrukblokkades de hoofdrol speelden. Is deze dominantie van hogedrukgebieden slechts toeval, of is er meer aan de hand? Dat zochten we uit.

Vaker wind uit het zuiden

Het voorjaar van 2025 belandde op de eerste plaats van de meest zonnige lentes ooit. Op plek 2 en 3 staan 2020 en 2022, beide vrij recent. Zeven van de tien zonnigste lentes zijn in de laatste twintig jaar gemeten. Voor de kleinste neerslagsom geldt dit niet en staan alleen 2025 en 2011 in het rijtje. Dit heeft onder andere te maken met het feit dat een warmere lucht meer vocht kan bevatten (de Clausius-Clapeyron relatie), waardoor het onder de juiste windrichtingen juist meer kan regenen. Maar net bij deze windrichtingen zit de crux; een zuidelijke stroming komt steeds vaker voor.

Een theorie van wetenschappers is dat de opwarming van de aarde zorgt voor meer zuidenwind in dit deel van Europa. Is dit het geval, dan wordt in de toekomst de opwarming in het voorjaar verder versterkt.

Positie van hogedruk maakt verschil

De verdrogende weertypes komen vaak overeen met een blokkerend hogedrukgebied ten noordwesten of oosten van West-Europa. Hoge luchtdruk gaat gepaard met dalende luchtbewegingen en rustig weer. Vaak speelt de zon de hoofdrol en is er weinig aanvoer van regengebieden. Om hogedrukgebieden heen waait de wind met de klok mee door het corioliseffect. Ligt het hogedrukgebied ten noordwesten van Nederland, dan waait het hier uit het noorden tot noordoosten, is het wat koeler en dreigt er meer bewolking. Bij een hogedrukgebied ten oosten van Nederland komt de wind uit het oosten tot zuiden en wordt een stuk warmere lucht aangevoerd.

Het hogedrukgebied ten noordwesten van Nederland houdt de komende periode de meeste neerslag op afstand. De wind draait met de klok mee en voert droge lucht aan.

Vergroting van het Azorenhoog

Deze hogedrukgebieden die lang op één plek blijven hangen zijn vaak uitlopers van het Azorenhoog; het hogedrukgebied met een vrij vaste plek boven de Atlantische Oceaan. Uit onderzoek blijkt dat het Azorenhoog zich de laatste decennia verder uitstrekt tot over Europa. Als gevolg komen situaties met blokkerende hogedrukgebieden gemiddeld vaker voor. Het Azorenhoog wordt groter in omvang, wat in de afgelopen honderd jaar steeds prominenter bleek. De auteurs van de studie schrijven dit toe aan de door de mens veroorzaakte opwarming.

De posities van hoge- en lagedrukgebieden gaan hand-in-hand met de straalstroom. Blokkerende situaties komen voor wanneer de straalstroom zwak is en met grote bochten meandert. De straalstroom vormt door het temperatuurverschil tussen de middelhoge breedtegraden en de Noordpool. De Noordpool warmt sneller op dan het wereldwijde gemiddelde en dat verkleint het temperatuurverschil. Hierdoor verzwakt de straalstroom en kunnen gebieden van hoge luchtdruk langer op dezelfde plek blijven hangen. Ook duren perioden van een dubbele straalstroom langer dan 40 jaar geleden en komen daardoor hittegolven vaker voor in West-Europa.

Foto gemaakt door Dirk Riet - Eilandspolder De Rijp - Uitwaaiende cirrus op een zonnige lentedag
Foto gemaakt door Dirk RietEilandspolder De RijpUitwaaiende cirrus op een zonnige lentedag