Nu

Kans op super El Niño vanaf deze zomer neemt toe

Afgelopen maanden hadden we nog te maken met La Niña, maar door een snelle opwarming van het zeewater in de Stille Oceaan lijkt het er steeds meer op dat dit al vanaf de zomer gaat omslaan naar El Niño. Eerder schreven we al dat die omslag waarschijnlijk is, maar nieuwe berekeningen laten nu zien dat deze El Niño wel eens extreem zou kunnen worden en waarschijnlijk ook de rest van 2026 aanhoudt. We spreken dan van een super El Niño, met als gevolg meer extreem weer op veel plekken op aarde.

Wat is El Niño ook alweer?

Je hebt de term de afgelopen jaren vast al vaker langs zien komen, maar wat is El Niño ook alweer? Het is een klimaatfenomeen waarbij het zeewater in een strook langs de evenaar in de Stille Oceaan warmer is dan normaal. Normaal komt daar door oceaanstromingen relatief koel water uit de diepe oceaan omhoog, maar in sommige jaren warmt het water aan het oppervlak juist veel sterker op. Bij een opwarming van het oppervlaktewater van meer dan 0,5 graad boven normaal spreken we al van El Niño.

Dat klinkt niet als veel, maar het gaat om extra warmte die in de atmosfeer terechtkomt en die de atmosfeer als het ware uit zijn ‘normale’ evenwicht kan duwen. Het gevolg is dat bepaalde weerpatronen verschuiven en dat er wereldwijd vaker uitzonderlijk weer voorkomt. In grote delen van Australië en Zuidoost-Azië kan het bijvoorbeeld (veel) droger worden, met gevolgen voor bosbranden en landbouw. Tegelijk kan het in delen van Zuid-Amerika en de Verenigde Staten juist vaker voor hevige regen en overstromingen zorgen.

Het gebied in de stille oceaan waar de temperatuur van het oppervlak van het zeewater warmer is dan normaal bij een El Niño. Dit was de situatie tijdens de laatste super El Niño in 2015. Bron: NOAA.

Deze zomer al de overgang naar El Niño?

De computermodellen berekenen momenteel dat de kans 62 procent is dat er al in de zomer een El Niño ontstaat. Meestal gebeurt dat pas later in het jaar en ligt de piek pas richting het einde van het jaar; vandaar ook de naam El Niño, wat het kerstkind betekent.

Daarnaast zijn er steeds meer berekeningen die erop wijzen dat deze (ongewoon) vroege overgang gepaard kan gaan met veel hogere temperaturen dan normaal. Waar we bij een halve graad boven normaal al van El Niño spreken, spreekt men bij een opwarming van meer dan 2 graden boven normaal van een super El Niño. De laatste keer dat dit gebeurde was in 2015, met wereldwijd veel extreme hitte, mislukte oogsten door droogte, bosbranden en overstromingen.

Weermodellen berekenen super El Niño

De verwachting wordt gemaakt met pluimen: veel berekeningen die allemaal net anders uitpakken, vergelijkbaar met hoe een temperatuurpluim werkt. In met name het Europese weermodel gaan inmiddels bijna alle berekeningen richting een super El Niño, waarbij sommige scenario’s zelfs boven de 3 graden uitkomen. Dat is echt ongekend en daarmee zouden ze ruim boven de super El Niño’s van 2015 en 1997 uitkomen.

In het Europese weermodel gaan bijna alle opties inmiddels voor een super El Niño later dit jaar.

Daarbij moet wel worden aangetekend dat dit weermodel niet volledig corrigeert voor het feit dat de oceanen door klimaatverandering sowieso al warmer zijn geworden. De Amerikaanse verwachting doet dit wel, maar ook daarin zitten steeds meer scenario’s die richting de 2 graden Celsius gaan, met uitschieters richting de 3 graden Celsius.

Tegelijk zijn er ook berekeningen die het minder extreem maken en uitkomen op een minder sterke El Niño, waardoor het uiteindelijk mee kan vallen. Maar dat we op een El Niño afstevenen lijkt in ieder geval duidelijk. Hierbij geldt dat elke sterkte van een El Niño al extra warmte betekent, terwijl de aarde door klimaatverandering sowieso al opwarmt. Zo is 2026 nu al hard op weg om zich in het lijstje van de drie warmste jaren ooit te mengen. Een El Niño, super of niet, kan de temperatuur wereldwijd daarbij nog een extra impuls geven.

Wat gaan wij hiervan merken?

Hoewel El Niño invloed heeft op het weer in grote delen van de wereld, ligt Europa relatief ver van de Stille Oceaan. Daardoor is het effect in Nederland meestal beperkt. Wel is in statistieken terug te vinden dat het voorjaar na een El Niño gemiddeld wat natter is. In Spanje en Portugal is de herfst juist wat natter dan normaal, terwijl het voorjaar en de zomer wat droger kunnen uitpakken.

Het Europese weermodel laat zien dat we in augustus al te maken hebben met een El Niño, waarbij de temperatuur van het zeewateroppervlak in de Stille Oceaan warmer is dan normaal. Bron: ECMWF.
Het Europese weermodel laat zien dat we in augustus al te maken hebben met een El Niño, waarbij de temperatuur van het zeewateroppervlak in de Stille Oceaan warmer is dan normaal. Bron: ECMWF.