Dit zijn de stormnamen voor het komende seizoen
Met de herfst is ook het stormseizoen begonnen en daarmee zijn de nieuwe stormnamen bekend. Stormen krijgen een naam om mensen tijdig bewust te maken van gevaarlijk weer. Dit jaar komen zeven namen uit Nederland. Sommige zijn een eerbetoon aan een bijzonder persoon, terwijl een andere naam voortkomt uit een oude belofte over een niet-opgeruimde slaapkamer.Waarom geeft het KNMI namen?
Stormen waarvoor het KNMI code oranje of rood voor windstoten afgeeft, krijgen een naam. Zo worden mensen al voor de storm toeslaat bewust gemaakt van het gevaarlijke weer en kunnen zij zich beter voorbereiden. Dit wordt gedaan in samenwerking met de weerdiensten Met Office (Groot-Brittannië) en Met Éireann (Ierland). Elke weerdienst levert zeven namen aan. Het geven van namen aan stormen maakt de communicatie over gevaarlijk weer duidelijk en herkenbaar.
Waarom samen met Groot-Brittannië en Ierland?
Sinds 2015 werken de Britse Met Office en de Ierse Met Éireann samen in de naamgeving van de stormen. In 2019 is de westgroep ontstaan, doordat het KNMI er vanaf toen ook aan deelnam. Dit was een logische stap, omdat de meeste stormen uit het westen komen, en Ierland en Groot-Brittannië dus ook deze stormen over zich heen krijgen. Ook neemt het KNMI sinds 2019 deel aan EUMETNET, het samenwerkingsverband van Europese Nationale Meteorologische Diensten, waarbij stormen een naam krijgen.
Zuidelijk van Nederland ligt de zuidwestgroep, die wordt gevormd door België, Luxemburg, Frankrijk, Spanje en Portugal. Zo zijn er ook een centraalgroep, noordgroep en zuidoostgroep. Elke groep heeft zijn eigen namenlijst, en de eerst gegeven naam wordt behouden als de storm zich van het ene naar het andere gebied verplaatst. Zo kunnen we ook te maken krijgen met stormen die niet uit dit lijstje voorkomen, maar misschien wel impact kunnen hebben op ons land.
Zo komen deze namen tot stand
Elk jaar leveren Ierland, Groot-Brittannië en Nederland namen aan voor een nieuwe stormnamenlijst. Elk van de drie landen levert zeven namen aan. De namen worden vervolgens in alfabetische volgorde op de gezamenlijke lijst gezet. Zo is de eerste stormnaam dit jaar Austen, een Ierse inzending. Daarna volgt een Nederlandse inzending: Boelo. Deze Groningse naam is ingezonden door een Groninger bij wie deze naam al generaties lang voorkomt. Daarna komt Chloe, een Britse inzending. Elk land bepaalt apart hoe de namen tot stand komen. In Nederland kan het publiek zelf namen insturen. Soms gaat het om namen van bekende of bijzondere mensen. Zo is Dano een blijk van waardering voor professor Dano Roelvink, die dit jaar met pensioen is gegaan. Hij was kustonderzoeker en grondlegger van modellen die stormvloeden en duinerosie berekenen. In Groot-Brittannië en Ierland zijn sommige namen bepaald door de weerdiensten zelf, en andere ingestuurd.
Andere Nederlandse namen
De derde Nederlandse inzending is Gwendolyn. Als kind werd haar beloofd dat het KNMI ooit een storm naar haar zou vernoemen als ze haar kamer niet zou opruimen. Met de stormnaam komt die belofte nu uit. Een andere naam is Jade, vernoemd naar de influencer Jade Kops, die dit jaar overleed aan kanker. Maar liefst 549 mensen stuurden haar naam als eerbetoon in. Ook de naam Olaf was een eerbetoon. Hij was een goede vriend van de inzender en was ongeneeslijk ziek. Toch haalde hij alles uit het leven en was hij gek op stormen. De laatste twee Nederlandse inzendingen zijn Vesna en Wende.
Namen uit Ierland en Groot-Brittanië
De Ierse weerdienst viert zijn 90-jarig jubileum en koos daarom vier namen van belangrijke personen uit de wereldgeschiedenis. De overige Ierse namen zijn afkomstig van het Ierse publiek. De Britse weerdienst vernoemde een storm naar de animatieserie Shaun the Sheep, waardoor Shaun op de lijst terechtkwam. De overige Britse namen kwamen van het publiek.

Stormnamen voor de westgroep. Bron: KNMI

