Nu

Al bijna 160 miljoen kilo zout gestrooid deze winter, maar waarom werkt dat eigenlijk tegen gladheid?

Dit jaar is er door Rijkswaterstaat al bijna 160 miljoen kilo zout gestrooid. Dat is veel meer dan het gemiddelde van 70 miljoen kilo, dat normaal gesproken over de hele winter wordt uitgereden. Ook komend weekend verschijnen er weer lage temperaturen en sneeuwkansen op de weerkaarten, met gladheid tot gevolg. De strooiwagens zullen dan opnieuw uitrukken. Maar waarom strooien we eigenlijk met zout, en wanneer is strooien nuttig?

Zout verlaagt het vriespunt van water

In Nederland wordt zout gestrooid om gladheid tegen te gaan. Zout dat oplost in water verlaagt namelijk het vriespunt van water met ongeveer 10 graden Celsius. Normaal bevriest water bij 0°C. Bij de overgang van vloeibaar naar vast stil gaan watermoleculen verbindingen aan met elkaar tot een nette vaste structuur.

Als er echter zout in water is opgelost, zitten de deeltjes waaruit zout bestaat (natrium en chloride) tussen de watermoleculen. Daardoor kunnen watermoleculen minder makkelijk die vaste structuur vormen. Het water bevriest dan pas bij een lagere temperatuur, waardoor het minder snel glad wordt.

Deze werking ontstaat overigens pas als het zout goed vermengd is met water of sneeuw. Het water raakt dan verzadigd met zout: dan spreken we van pekel. Voor het ontstaan van pekel is het dus belangrijk dat het zout goed wordt ingereden door verkeer, zodat menging ontstaat.

Is strooizout hetzelfde als keukenzout?

Strooizout is in principe hetzelfde zout als u en ik in de keuken gebruiken. Wel is de korrel meestal groter en zit er een middel in waardoor het zout minder snel klontert, waardoor het zeker niet voor consumptie bedoeld is. Bovendien maakt Rijkswaterstaat tegenwoordig vaak gebruik van zout dat in de strooiwagens al met water wordt gemengd tot pekel. Daardoor blijft het beter liggen én werkt het direct, omdat het minder hoeft te worden ingereden.

Waarom wordt er vaak gestrooid bij temperaturen boven het vriespunt?

Als het sneeuwt, lijkt strooien logisch. Maar vaak zie je strooiwagens ook rijden als de temperatuur een paar graden boven nul ligt. Dat lijkt misschien gek, maar is het niet. Gladheid kan namelijk op verschillende manieren ontstaan. Naast gladheid door sneeuw kan het ook glad worden door bevriezing van natte wegen, of door condensatie op een koude weg (vocht uit de lucht slaat neer en kan bevriezen).

Bovendien is de temperatuur van het wegdek vaak lager dan de luchttemperatuur, zeker tijdens heldere nachten. Daardoor kunnen wegen toch glad worden. Op meer dan 300 locaties wordt de wegdektemperatuur gemeten. Op basis van die metingen en de weersverwachting wordt bepaald of strooien nodig is.

Er wordt dan preventief gestrooid: met pekel wordt voorkomen dat water op de weg bevriest of dat condens snel tot ijsvorming leidt. Uiteraard kan er ook worden gestrooid als er sneeuw wordt verwacht, zodat de sneeuw door verkeer snel mengt met het zout en de weg minder snel glad wordt.

Ook komend weekend weer kans op gladde wegen

Komend weekend dalen de temperaturen in het hele land weer tot onder het vriespunt. Regionaal kan er zelfs wat sneeuw van betekenis gaan vallen. Dit betekent dat het weer glad kan worden op de Nederlandse wegen. De strooiwagens zullen daarom weer de weg op gaan om de wegen zo begaanbaar mogelijk te houden.

Foto gemaakt door Jolanda Bakker
Foto gemaakt door Jolanda Bakker