Home > Nieuws > Zon wordt langzaam wakker
Volg Weer.nl

Nieuws

Dit kleine zonnevlekje hoort bij de oude cyclus. Bron: Soho.

Zon wordt langzaam wakker

Na een lange periode min of meer inactief te zijn geweest, begint de zon langzaam een beetje wakker te worden. Het zonnevlekkenminimum waarin we ons bevinden, het diepste in meer dan een eeuw tijd, is nog niet voorbij, maar na een lange periode van stilte zijn deze week eindelijk weer eens enkele (kleine) zonnevlekken te zien. Eén ervan hoort bij de oude cyclus (24), de twee andere die er waren bij de nieuwe (25). En het toenemende aantal vlekjes dat bij de nieuwe cyclus hoort, laat zien dat het minimum langzaam afloopt.

Op zich merken we niet veel van het minimum, behalve dan dat de straling die de aarde vanuit de ruimte bereikt nu sterker is dan normaal. En dat heeft normaal gesproken vooral gevolgen voor mensen die in de lucht werken. Wie vaak in vliegtuigen zit, zoals vliegtuigbemanningen, wordt aan meer straling blootgesteld dan anders. Ter illustratie: een vlucht van rond 4 uur levert een hoeveelheid straling op die vergelijkbaar is met het laten nemen van een röntgenfoto. Op dit moment speelt dat allemaal natuurlijk minder een rol omdat er door de coronacrisis nauwelijks wordt gevlogen.

Voor het weer betekent het eindigende zonnevlekkenminimum de komende 3 jaar dat we mogelijk met een of meer wat koudere winters te maken krijgen. Dat is overigens wel nodig ook en niet moeilijk na de totaal weggebleven winter van 2020.

Wat zijn zonnevlekken?
Zonnevlekken zijn tijdelijk aanwezige donkere plekken op de zon, die ten opzichte van hun omgeving minder heet zijn. Er zijn vlekken die enkele honderden kilometers in doorsnee zijn, maar ook vlekken die tienduizenden kilometers bemeten. De zon kent perioden met veel en weinig zonnevlekken, die elkaar afwisselen, de zogeheten zonnevlekkencycli. Gedurende de perioden met de meeste zonnevlekken spreken we van een zonnevlekkenmaximum en de perioden met geen of nauwelijks zonnevlekken staan bekend als zonnevlekkenminima.

Het zijn vlekken op een gigantisch hete bol. De buitenrand van de zon is ongeveer 6000 graden warm, in de kern is het een ondenkbare 15 miljoen graden Celsius. Vlak onder het zonoppervlak bevinden zich massieve circulaties van vuurplasma.

Cyclus 24
Na een top en een dal aan zonnevlekken, begint steeds de volgende cyclus met het verschijnen van de nieuwe donkere plekken. Teruggerekend tot 1750 hebben we 23 van deze cycli achter de rug en deze duurden per stuk ongeveer 11 jaar. Begin 2008 dachten de sterrenkundigen dat de 24e zonnecyclus zou starten, maar dat werd steeds weer uitgesteld omdat het aantal zonnevlekken nagenoeg nul bleef. Uiteindelijk ontstonden pas in juni 2009 de langverwachte eerste kleine zonnevlekken van de nieuwe periode. En zo werd dus de oude cyclus afgesloten en de nieuwe gestart. De NASA bepaalt het precieze moment daarvan. In totaal zaten we in 2009 maar liefst 260 dagen zonder zonnevlekken en dat jaar was dan ook lange tijd het jaar van het absolute zonnevlekkenminimum. Rond die tijd beleefden we tevens een tweetal relatief koude winters (de winter van 2008/2009 en de winter van 2009/2010).

In 2010 liep het aantal zonnevlekloze dagen terug tot 51 en in 2011 was er nog maar 1 dag zonder één of meerdere zonnevlekken. Het maximum was dus gestart. Inmiddels zijn we alweer lang voorbij de top van het maximum. In 2015 was er geen enkele dag zonder zonnevlekken, maar in 2019 was de zon 77 procent van de dagen zonnevlekvrij, een nieuw record sinds we het meten. En dit jaar tot nu toe was er op 75 procent van de dagen aan het oppervlak van de zon geen vlek te zien.

We zitten dus nog in het zonnevlekkenminimum, maar de nieuwe cyclus 25 begint al wat te sputteren, zo zien we ook deze week. Toch was ook nog een vlek van de oude cyclus te zien. Dat is iets wat wel vaker gebeurt op de grens van twee verschillende cycli. De meeste nieuwe vlekken horen inmiddels bij de nieuwe cyclus en dat biedt aanknopingspunten om te denken dat het huidige minimum nu snel voorbij zal zijn.

De nieuwe cyclus
In het voorjaar van 2019 heeft de NASA een verwachting uitgebracht voor zonnevlekkencyclus 25, de cyclus die er dus aan zit te komen. Men verwacht dat die nieuwe fase ongeveer hetzelfde pad volgt als de voorgaande cyclus 24. Dat wil zeggen dat het maximum aan zonnevlekken gelijk zal liggen als in de bijna afgesloten cyclus en dat wil weer zeggen dat de intensiteit van de nieuwe cyclus beperkter is dan cyclus 23. En cyclus 23 was weer minder krachtig dan cyclus 22. De nieuwe cyclus lijkt dus nu zo zoetjes aan te beginnen, het maximum zal tussen 2023 en 2026 liggen.

Koudere winters?
Er lijkt een relatie te zijn tussen weinig zonnevlekken en koude winters in onze contreien, al is dat nog steeds in onderzoek. De statistieken tonen dat er vlak na een zonnevlekkenminimum, dus bij het begin van een nieuwe cyclus, gemakkelijker koude winters optreden. Zo hadden we aan het begin van de nu aflopende cyclus een koude winter in 2009, 2010 en de 3 winters daarna.

Alleen de winter van 2012 was toen als geheel aan de zachte kant. Maar juist die winter bracht in de februarimaand een zeer koude fase met zich mee. Sterker nog, het Elfsteden-comité kwam bij elkaar. Uiteindelijk ging de tocht niet door, maar het evenement was wel even in zicht. Verder terugkijkend was het vlak na het begin van cyclus 23, ook koud in de jaren 90. Met destijds de 15e Elfstedentocht in 1997.

Reinout van den Born / Weer.nl

Meer Nieuws