Zomerse prachtflarden

Advertentie
  • Foto 1. Opstijgende mistflarden boven water nabij Udenhout (NB) zondagochtend vroeg. Foto: Jan Bijvelt.

    Foto 2. Mist boven water zondagochtend nabij Waalwijk (NB). In feite zijn het allemaal piepkleine wolkjes die recht omhoog opstijgen. Klik op de foto voor een vergroting. Foto: Martha Kivits.

    Foto 3. Mistflarden nabij Waalwijk, zondagochtend vroeg. Foto: Marhta Kivits.

    Foto 4. Bij de zo kenmerkende zomerse mistflarden boven de sloten en plassen in de eerste drie foto's hierboven is sprake van lichte onstabiliteit in de onderste (deci)meters van de atmosfeer. Warme vochtige luchtbellen van vlak boven het relatief warme water stijgen op, doordat de warme lucht lichter is dan de koude erboven. In de winter komt dit soort 'onstabiele mist' boven water niet voor (met uitzondering van buitenzwembaden). De winterversie van mist boven water kenmerkt zich juist door een zeer stabiele opbouw van de atmosfeer. Deze laatste en vierde foto laat een mistbank zien vanochtend vroeg boven land. Hierbij is, net als in de winter boven water, de atmosfeer dichtbij de grond juist zeer stabiel. Het is 's nachts flink afgekoeld dichtbij de grond. De lucht erboven is warmer en daarmee ook lichter dan de koude lucht dichtbij de grond. Hierdoor stijgen geen luchtbellen op vanaf de grond. Daardoor heeft de mist een duidelijke horizontale structuur in plaats van de verticale lijnen die terugkomen in de zomerse mistflarden boven water in foto's 1 t/m 3. Foto: Corina Magielse, Wernhout (NB).

  • Zomerse prachtflarden
    13.06.2010 16:14

    Het levert mooie plaatjes op: zomerse mistflarden boven sloten in de vroege ochtend. Vandaag in Weer in het Nieuws: hoe ze ontstaan en waarin ze verschillen van hun winterse broertje.

    • Advertentie



    Jaarlijkse gang: temperatuursverloop water minder scherp dan het land
    Eerst hoe ontstaan de mistflarden boven de sloten? In de lente en zomer warmt het steeds verder op door de hoogstaande zon. De jaarlijkse gang in temperatuur is boven land altijd wat scherper dan boven zee. Tijdens de lente en zomer warmt het water daardoor minder snel op dan het land. Het zeewater voor onze kust is bijvoorbeeld momenteel nog maar zo’n 13 graden.

    Sloten warmen een stuk sneller op dan de zee
    Het water in onze sloten warmt een stuk sneller op. Dit komt doordat het water veel minder diep is dan de zee en wordt geflankeerd door het overdag snel in temperatuur stijgende land.

    Dagelijkse gang: slootwater ’s nachts veel warmer dan lucht
    Naast de jaarlijkse gang van temperatuur, is er natuurlijk ook de dagelijkse gang. Overdag geeft de zon warmte af aan de aarde. Meer dan het aardoppervlak warmte verliest. Per saldo loopt de temperatuur dus op. ’s Nachts verliest het aardoppervlak (zowel land als water) alleen maar warmte terwijl de zon niets levert ter compensatie: het koelt af.

    De sleutel voor het ontstaan van zomerse mistflarden boven de sloten ligt in het feit dat ook bij dagelijkse gang geldt dat het landoppervlak veel sneller afkoelt dan water. Zo daalde het kwik tijdens de afgelopen nacht naar zondag toe in het oosten en zuiden van het land bijvoorbeeld nog tot een graad of 5. Direct aan de grond kwam de temperatuur lokaal zelfs dichtbij nul: Woensdrecht (Brabant) en Ell (Limburg) noteerden grondminima van +1 graad.

    De nachtelijke afkoeling van de lucht staat in schril contrast met de temperatuur van het slootwater die ver boven 15 of zelfs 20 graden blijft.

    Het resultaat: mistflarden en onstabiliteit
    De koude lucht (zwaarder dan warme lucht) zakt van de wallenkant de sloot op. Hierdoor gebeuren er twee dingen. Ten eerste koelt de veel warmere en vochtige lucht boven het relatief warme slootwater snel af op het moment dat de koude lucht vanaf de zijkant instroomt.

    Ten tweede stijgt de warme vochtige lucht (lichter dan de koude) op. Dit gebeurt in de vorm van luchtbellen die - afhankelijk van het temperatuursverschil - enkele decimeters tot soms vele meters aan hoogte winnen. In feite wordt de atmosfeer boven de sloot in de onderste meters van de atmosfeer onstabiel.

    Beide factoren leveren een afkoeling van de warme vochtige lucht van boven het slootwater op. Doordat koele lucht minder vocht in gasvorm kan bevatten dan warme, condenseert een deel van het vocht. Zo ontstaan kleine zwevende waterdruppeltjes: een wolk, een mistflard.

    In de winter: hetzelfde, maar dan omgekeerd
    Overigens komt er ook in het winterhalfjaar regelmatig mist voor boven water. Dit gebeurt in een omgekeerde situatie. Wanneer zachte vochtige lucht over koud vloeibaar dan wel bevroren water strijkt - bij voorkeur boven grote wateroppervlakten – dan koelt de warme vochtige lucht koelt zo ver af dat een deel van de waterdamp condenseert. Het gevolg: mistvorming. Daarbij zijn de onderste meters van de atmosfeer in tegenstelling tot de zomerse variant van de ‘watermist’ juist zeer stabiel: de koude lucht vlak boven het water is zwaarder dan de warme lucht die erover heen strijkt, en er stijgen dus geen luchtbellen op.

    Zichtbaar anders
    Het verschil tussen mist boven water in het winterhalfjaar en mist boven water in het zomerhalfjaar is overigens met het blote oog te herkennen. De ‘zomermist’ boven water laat veel verticale structuren zien (van vele kleine toefjes mist in de eerste paar decimeter vlak boven het water tot in extreme gevallen stapelwolkachtige opbollende mistformaties van meer dan 5 meter hoog). Bij de winterversie van de ‘watermist’ is het egaal grijs en grauw.

    Afbeelding homepage: uitsnede foto Jan Bijvelt, Udenhout

    Bron: Meteo Consult

    Door: Casper Hootsen
    Beoordeel dit verhaal en/of stuur een reactie.
Volg MeteoConsult op Twitter