-
Op 4 december bracht een dooiaanval in twee fases…
… tussen 10 en 15 cm sneeuw, zoals hier in Bennekom.
Op 19 december lag er wederom een dik wit tapijt.
In Bennekom leverde deze winter in totaal 34,5 cm sneeuw op, waarvan slechts een halve cm na de eerste kerstdag tot vandaag (28 februari) is gevallen.
De vele sneeuw leidde tot zouttekorten en een beperkt strooibeleid, zo ook in Bennekom (foto gemaakt op 24 december).
In een groot deel van het land was het een witte kerst, die veel mooier was dan het jaar daarvoor.
Na het invallen van de dooi zette deze aanvankelijk niet al te krachtig door, waardoor de sneeuwlaag op de trottoirs tot een soort ijsmassa transformeerde. Zelfs op 5 januari was deze nog vrijwel onbegaanbaar, zoals hier is te zien.
Eind januari kregen we nog een klein weekje met ‘droge’ vorst en alleen wat rijpvorming. De foto is genomen tussen Bennekom en Wageningen op 29 januari.
Gisteren (27 februari) werd er in de loop van de middag hier en daar wit door (natte) sneeuwval, zoals hier nabij Terwolde. Foto: Mark Wolvenne.
-
De spagaat van de leraar28.02.2011 12:04
Stel dat een docent drie gelijkwaardige proefwerken geeft om het rapportcijfer te bepalen en een leerling scoort achtereenvolgens een ‘10’, een ‘6’ en een ‘5’, wat voor eindcijfer zou hij die leerling dan geven? Puur rekenkundig zou dat een ‘7’ moeten zijn, maar de kans is groot dat de desbetreffende leraar een ‘6’ geeft, gezien het zorgwekkende verloop in de behaalde cijfers. Zou deze cijferreeks precies andersom zijn geweest, dan zou de docent er wellicht geen moeite mee hebben gehad deze leerling wél een ‘7’ te geven.
-
Advertentie
Vanwaar deze inleiding? Vandaag is het de laatste dag van de meteorologische winter. Terugkijkend naar de drie wintermaanden en naar het winterweer dat deze drie maanden hebben gebracht, dan lijkt het verloop op de cijferreeks van hierboven, gezien door de bril van de winterliefhebbers. Het was een winter, waarbij vrijwel al het (koude) vuurwerk in december viel.
28 Februari: einde meteorologische winter.
Volgens de meteorologen eindigt de winter vandaag en morgen, op 1 maart, begint de meteorologische lente. We leggen het nog even uit. De meteorologen houden van een gemakkelijk hanteerbare indeling per maand. Omdat december, januari en februari de koudste maanden van het jaar zijn, vormen die dus de winter, terwijl de warmste maanden, juni, juli en augustus de zomer vormen en de maanden daar tussenin de herfst en de lente. De astronomische lente begint meestal op 20 maart, als de zon pal boven de evenaar staat en dan noordwaarts beweegt. Vanaf die datum duren de dagen op het noordelijk halfrond langer dan de nachten. Volgens de Keltische seizoensindeling, waarbij veel meer naar de verdeling tussen het daglicht en het nachtelijke duister wordt gekeken, is de lente al drie weken geleden begonnen.
Gemengde gevoelens…
De winter van 2010-2011 ging in de laatste novemberweek (eigenlijk nog in de meteorologische herfst dus), voortvarend van start met vorst en sneeuw. Die lijn werd in december krachtig doorgetrokken, resulterend in één van koudste decembermaanden in meer dan honderd jaar tijd. Het enige wat men kon opmerken was dat de vorst niet aanhoudend was, maar dooiaanvallen duurden steeds kort of zetten zelfs helemaal niet door. Het enige was dat echt felle kou ontbrak. In heel wat nachten kwam het wel ergens in het land tot strenge vorst, maar in De Bilt vroor het slechts in één nacht meer dan 10,0 graden. Toch kon er op veel plaatsen geschaatst worden en hier en daar werden zelfs wat grotere toertochten georganiseerd. Verder viel er nogal wat sneeuw, alleen delen van Friesland werden nogal karig bedeeld.
Tijdens de prachtig witte kerstdagen begon het echter te kwakkelen en dat kwakkelweer hield tot in de eerste januariweek aan. Daarna was het min of meer over en uit met de winter, op wat korte periodes na. Eind januari hadden we een aantal dagen met ‘droge vorst’ en ook een week geleden hebben we een ‘speldenprikje’ gehad met ook een beetje sneeuw. Ook gisteren (27 februari) viel er in de middag en avond natte sneeuw, die vooral in het noorden en oosten een dun paplaagje naliet.
Toch zullen veel winterliefhebbers met gemengde gevoelens naar de afgelopen winter terugkijken. Zij voelen zich wellicht als de docent die een leerling moet beoordelen die begint met een fantastisch cijfer, maar het daarna er een beetje bij laat zitten. Het is wel zeker dat indien december en januari zacht en vrijwel sneeuwloos waren verlopen en dan gevolgd waren door een sneeuwrijke en vorstige februari, de beoordeling van de winter als geheel, gunstiger zou zijn uitgepakt.
Vrij normaal beeld.
Dankzij de zeer koude december, zal de gemiddelde temperatuur van de winter als geheel toch nog duidelijk onder de norm uitkomen, zelfs als we daarvoor de ‘oude’ norm zouden nemen. Het verschil is ongeveer één graad. Kijken we naar het Hellmanngetal in De Bilt (de sommatie van alle negatieve temperaturen, met weglating van het minteken) dat staan we nu op 80,4 punten, nipt boven die uit de winter van 2003 die tot 80,1 punten kwam, maar onder die van vorig jaar. Met 94,7 punten is dit tot dusver de koudste winter van deze eeuw.
Van die 80,4 punten heeft januari slechts 8,2 en februari 4,6 punten bijgedragen, wat optelt tot 12,8 punten. Ook hieruit blijkt duidelijk dat de afgelopen winter voor wat betreft de hoeveelheid vorst vooral in 2010 viel.
We worden hiermee duidelijk met onze neus op de feiten gedrukt dat winterweer in ons land meer uitzondering dan regel is. Wat blijkt namelijk? Sinds 1901 zijn er in totaal 30 winters geweest die in De Bilt in januari en februari bij elkaar opgeteld minder dan 12,8 Hellmannpunten hebben opgeleverd en in drie winters (1990, 1988 en 1951) bleef de teller zelfs op 0,0 staan! Gemiddeld is dat dus één op iedere drie tot vier winters, een betrekkelijk normaal beeld dus. In déze eeuw is het beeld voor de winterliefhebbers trouwens nog een stuk somberder, want de winters uit 2000, 2002, 2004, 2005, 2007 en 2008 (een meerderheid dus) leverden allemaal minder vorst op dan de huidige winter in de lauw- en sprokkelmaand.
In theorie kan maart het wintergetal nog flink doen opkrikken, zoals we bijvoorbeeld in 2005 en 2006 nog zagen, maar dit jaar lijkt dat wel mee te vallen. Lenteweer staat er echter evenmin voor de deur. Het huidige ‘soepkippenweer’ loopt gelukkig echter af. Vanaf woensdag komt de zon breeduit tevoorschijn, maar voert een noordoostenwind vrij koude lucht aan. In de nachten en ochtenden gaat het dan op veel plaatsen licht vriezen en overdag komt het kwik tussen 4 en 8 graden uit. Lenteweer kunnen we dat nog niet noemen, maar veel mensen zullen wel blij zijn dat we het lentezonnetje wél uitgebreid kunnen gaan begroeten. Uit de wind en in de zon kan ’s middags het lentegevoel langzaam ontwaken…
Bronnen: Meteo Consult, KNMI, eigen archief. Foto voorpagina: Gerard Kiewiet. Overige foto’s, tenzij anders vermeld: Tom van der Spek.
Beoordeel dit verhaal en/of stuur een reactie. -
