-
Ondanks het bord, wagen velen zich toch op de prachtvlakte van ijs. Op weg naar de ijsbergen. Ook wij gaan op pad.
Dichtbij de kant is het ijs her en der aan de slechte kant. Hier is niet lang geleden een wak weer dichtgevroren. De oude ijsstukken zijn ingevroren in het nieuwe ijs.
Het is grotendeelsl bewolkt. In de verte de ijsbergen; het doel.
Een tornado aan vogels. Duizenden ganzen vliegen op en langs het grote wak. Ze cirkelen even en vliegen vervolgens luid gakkend een eindje verder het IJsselmeer op.
Een prachtig schouwspel; zoveel ganzen die de pleiterik maken.
En de ganzen lieten als afscheidskado vele duizenden groene hopen achter.
Hier kun je met je schaatsen gemakkelijk over vallen. De vogelpoep is een stuk stroever dan het ijs.
De ganzenpoep vormt kleine holtes, ondieptes, aan de bovenzijde van het ijs. Het was immers warm toen het werd geproduceerd.
We zijn er bijna. Wel blijven opletten dat we ook op het laatste moment niet uitglijden.
De bergen van ijsschotsen zijn uniek!
Het is een rijte aan ijsbergen. De een nog wat hoger dan de ander.
Als in de verte even de zon doorbreekt, wordt het ijzige landschap enigszins oranje aangelicht.
Terug naar Gaast. Ons richtpunt is de kerk in de verte.
-
Op schijtijs naar ijsbergen10.02.2010 11:49
Hoe vaak komt het nog voor in Nederlandse winters; dat een deel van het IJsselmeer dicht ligt? Amper. Hoe vaak komt het voor dat we bergen met kruiend ijs kunnen bewonderen? Ook amper. Genoeg redenen om naar het westen van Friesland te trekken en het geheel met eigen ogen te aanschouwen. Een echte aanrader.
-
Advertentie
Als we met de auto in het plaatsje Gaast arriveren, piepen er net een paar opklaringen tussen de bewolking door. We parkeren langs de weg, en kunnen niet wachten om de dijk op te lopen. Daarachter immers, ligt een vlakte aan ijs, met aan het einde een rijtje heuse ijsbergen. We hebben wel wat foto’s gezien, maar de echte beleving moet nog komen. Als we de groene dijk oplopen en het weidse uitzicht zien, is het gelijk al genieten. Wat een prachtige vlakte. Wat een leegte. Wat een mooie ijsheuvels in de verte. Het is nu al mooi, en dan staan we nog niet eens op het ijs.
Eerst de blaas legen
Een vrouw die net haar schaatsen uitdoet, is ook een en al glundering. “Het is prachtig,” zegt ze met Friese tongval, “dat moet je gewoon zien.” Wij kunnen dat nu al beamen. Omdat het ongeveer 2,5 a 3 kilometer lopen is, heenwaarts over de ijsvlakte, en mijn blaas zich behoorlijk heeft gevuld, zoek ik eerst een plekje in het riet. Oeps, als het hier komend weekeinde druk wordt, heb ik al medelijden met die pluimbegroeiing. Aannemende dat niemand midden op het ijs zal gaan plassen, hoop ik dat er een zakenman/vrouw een mobiele toiletpot kan plaatsen. Iedereen een euro om te plassen, en verboden in het riet te duiken. Dat moet een gouden handel opleveren…..Het ijs op
We zijn klaar om te gaan, zetten onze eerste stappen op het ijs. Hier aan de randen is het nog niet overal even sterk en even breekt twijfel door; het zal toch wel houden? In de verte loopt een klein groepje mensen, bij de ijsbergen zijn ook 2 of 3 personen aanwezig. Zij zijn er in ieder geval heelhuids gekomen. Bovendien, als één van ons tweeën er doorheen zakt, kan diegene maximaal 70 cm diep zakken en heb ik droge kleren in de auto liggen. Kortom, we lopen kwiek, maar ook voorzichtig, verder. Dat voorzichtige geldt niet alleen de ijsdikte maar bovenal de gladheid. Je wilt niet onderuit gaan, want ijs is naast glad, ook erg hard.Terwijl we de eerste kilometer op het ijs afleggen, is het heel erg genieten. De weidsheid van de koude vlakte is immens. In de verte ons doel; de bergen van ijsschotsen. Achter ons het pittoreske dorpje Gaast. En dan ook nog ganzen. Heel veel ganzen. Het gegak zwelt verder en verder aan. In een groot wak, een paar honderd meter verderop, liggen vele honderden ganzen. Terwijl er vanuit het land steeds meer ganzen aan komen vliegen, wordt het geluid harder en harder. Een deel van de aanvliegers landt, een deel stijgt op, een deel cirkelt rond en zo ontstaat een prachtige ‘gansnado’. Meer dan duizend ganzen moeten het zijn, die na een tijdje cirkelen allemaal westwaarts vliegen en ons op de vlakte achterlaten.
Groen ijs?
Ze hebben nog meer achtergelaten. Een heleboel stront. We komen nu op een stuk ijs dat werkelijk bulkt van de groene slierten. Diegenen die hier schaatsend van wal naar de ijsbergen gaan, kunnen volgens mij gevaarlijk gemakkelijk onderuit zwiepen door al die poep. Schijtijs, dat is de naam die mij te binnen schiet voor deze vlakte.Ondertussen lopen en schuifelen we verder. De ijsbergen komen dichterbij. Al om ons heen kijkend (naar lucht, ijs, ijsbergen, dorp, dijk) worden de bergen groter en groter. Het ijs onder onze voeten wisselt daarbij sterk in uiterlijk. Witte ijsdelen geven geen zicht op hoe dik het is, de zwarte delen van het ijs laten dat wel zien. Gemakkelijk 12 centimeter is onze schatting.
Witte Hollandse bergen
En daar zijn we dan, bij de ijsbergen. Het zijn er meerdere op een rij. Allemaal gevormd van kruiend ijs dat een paar weken terug vanaf het IJsselmeer oostwaarts is geduwd. Daar is het op een hoop gekruid en de daardoor ontstane bergen liggen er nu al een week of twee. Het duurde even voor ze bereikbaar waren, ze zijn ook weer tijdelijk onbereikbaar geworden door korte dooi, maar nu weer in volle glorie van dichtbij te aanschouwen.Het oogt blauwwit, het ijs. Dikke schotsen zijn het, op elkaar gedrukt door de wind, en zo’n 3 tot 5 meter hoog. Pal aan de achterzijde van deze bergen ligt open water, dus blijven we aan de veilige zijde. Ook aan de voorzijde van de schotsen moeten we voorzichtig zijn. Her en der zien we water er doorheen sijpelen. We gaan dan ook geen toppoging wagen, maar blijven aan de flanken staan genieten. Net zoals als een Ierse Nederlander die we ontmoeten. Hij is overgekomen naar zijn Friese geboortestreek en ziet het ijs ook met verwondering aan. “Prachtig.” Ook zegt hij te hebben gehoord dat een deel van de ijswandeling gisteren nog open water was. Dus dat we over 1 nacht ijs hebben gelopen. Hmm, dat geloven we nog niet zo.
Een andere man oogt als een Friese oerbikkel en schaatst niet alleen dit rijtje ijsbergen af, maar glijdt rustig verder noordwaarts. Later zullen wij hem in het iets verder gelegen Makkum rond een volgende ijsberg zien darren. Door mijn verrekijker herken ik dan zijn zekere glijstijl.
Terug
Na enige tijd van bewondering, lopen we weer terug. Nu houden we niet meer de ijsbergen als richtpunt aan, maar de contouren van Gaast. Uiteraard blijven we opletten op ijsdikte. 1 Nacht ijs? Wat je wel ziet, is dat de ene plek dunner is dan de andere. Ook zijn bepaalde stukken eerder deze maand ontdooid en nu weer vastgevroren. De kwaliteit is niet al te denderend, en op sommige delen houden we voor de zekerheid –net als op de heenweg- wel een afstand tussen ons beiden.Als we weer aan de kant staan, kijken we nog een tijdje de vlakte op. Terwijl we over het dijkje wandelen, komt een ander stel ons tegemoet. “Zijn jullie er geweest?” Wij antwoorden bevestigend en met pretoogjes gaan ook zij wandelend het IJsselmeer op.
Door: Grieta Spannenburg
Beoordeel dit verhaal en/of stuur een reactie. -
