-
De verwachte maximumtemperaturen voor vanmiddag. Op veel plaatsen wordt de 15 graden gehaald of overschreden, alleen op de Wadden blijft de temperatuur duidelijk achter. Bron: Meteo Consult.
De warmte-uitschieter in Beek in januari 1947 blijft zeer opmerkelijk. Daarvoor was het al flink koud geweest en ook daarna barstte de winter in volle hevigheid los.
De jassen kunnen vanmiddag uit! Foto: Stan Bouman.
Dat de winter in het noorden nog maar amper afscheid heeft genomen, blijkt uit het feit dat in Roodeschool gisteren (17 maart) diverse sloten nog vol lagen met sneeuw. Foto: Jannes Wiersema.
Het temperatuurverloop in februari 2004 in Eelde. Na de vroege lente-uitschieter werd het in de loop van de maand steeds meer winters.
In maart 1920 verliep een meerderheid van de dagen uit de eerste decade lenteachtig, terwijl het aan het eind van de maand zelfs warm werd.
In maart 1972 beperkte de warmte zich niet alleen tot het zuiden van het land, want zelfs in Eelde werd halverwege maart de 19 graden overschreden.
Lammetjes zijn onverbrekelijk met de lente verbonden, hoewel ook zij wel eens al in januari of februari worden geboren. Foto: Corina Magielse.
Ook bloeiende crocussen zijn een overduidelijk lentebeeld, maar niet zelden kunnen deze mooie bloembollen in de sneeuw worden gefotografeerd. foto: W. Bonnink Naves.
-
Vroege lentedagen18.03.2010 10:46
Na een koude winter kan men bij weinig wind en in het zonnetje gezeten het bij een graad of tien al echt een beetje lenteachtig vinden. Het is wat dat betreft moeilijk om een harde grens te trekken bij welke temperaturen we van ‘lenteweer’ kunnen spreken. Om bij het eerste voorbeeld te blijven, tien graden bij weinig wind en volop zonneschijn is lenteachtiger dan twaalf graden, bij regen en een stevige wind.
-
Advertentie
Hoe dan ook, een temperatuur van vijftien graden of hoger zal door de meeste mensen toch echt als een lentetemperatuur worden beschouwd, zelfs als het daarbij niet stralend zonnig is. We kunnen dus stellen dat we vandaag de eerste échte lentedag van dit seizoen beleven in een groot deel van ons land.
Klein landje, groot verschil.
Als we de landkaart van geheel Europa bezien, dan moeten we toch stellen dat we in een klein landje leven, zeker in vergelijk met het grote Duitsland, Frankrijk en Engeland om ons heen. Ondanks dat zijn de klimaatverschillen in ons land behoorlijk groot, zelfs als we daarbij de Waddeneilanden en een brede kuststrook buiten beschouwing laten. Dat zien we bijvoorbeeld aan het optreden van vroege lentedagen. De temperaturen weten met name in oostelijke Brabant en Limburg al een stuk gemakkelijker hoger op te lopen, in vergelijk met bijvoorbeeld Groningen en Drenthe.
In het navolgende verhaaltje vergelijken we het voorkomen van vroege lentedagen in Beek en Eelde. Beek is sowieso relatief een continentaal station – er zijn maar weinig Nederlandse plaatsen die hemelbreed nóg verder van zee liggen – maar ook Eelde ligt best een stukje van zee af en merkt weinig van die waterplas als de wind waait uit richtingen tussen zuidzuidwest en oost. Aangezien vroege lentedagen en winden tussen west en noord lastig samengaan, is dat wel gunstig. Toch zal het ook met zuidelijke winden in de winter en het vroege voorjaar in Eelde dikwijls kouder blijven dan in Beek.
Lente komt hier sluimerend op gang.
In gebieden met een landklimaat voltrekt de overgang van winter naar zomer zich niet zelden in slechts een aantal weken. Maar in ons land verloopt de wisseling van winter naar zomer zeer langgerekt en beleven we niet zelden een langdurige lente, die naast zomerse trekjes, soms nog nadrukkelijk knipoogt naar de winter. Aan de andere kant lijkt het hier zelfs hartje winter soms al voorjaar te zijn. Denk maar eens aan de trouwdag van Willem Alexander met Maxima, op 2 februari 2002. Bij volop zonneschijn werd het toen zelfs in Den Helder 14,3 graden en op veel plaatsen in het midden en zuiden van het land vijftien graden of warmer. In Beek werd toen zelfs 17,2 bereikt, een record zo vroeg in het jaar.
Maar het kan nog gekker. In Beek is het sinds 1906 vijf keer voorgekomen dat zelfs al in januari de lentegrens van 15 graden werd overschreden. In 1999 werd het al op 5 januari 15,5 graden. Verder is tweemaal in januari 15,4 graden gemeten, maar de toppers zijn 16,0 graden op 23 januari 1937 en 16,8 graden op 16 januari 1947, wat de hoogste januaritemperatuur is die in ons land is gemeten. Dat is zeer opmerkelijk, omdat die warmte-uitschieter plaatsvond in de één na strengste winter van de afgelopen ruim honderd jaar, tussen twee flinke vorstperiodes in (zie hiernaast).
Het verschil met Eelde is duidelijk. Daar is de hoogste januaritemperatuur 14,5 graden, die op 6 januari 1999 werd bereikt (in Beek werd het toen 14,8 graden). De top drie wordt in Eelde volgemaakt met 13,6 graden op 13 januari 1993 en 13,4 graden op 9 januari 2007. Wat dat betreft zijn in het noorden van ons land de warmte-uitschieters écht van de laatste tijd, want ook op 10 januari 2005 werd net de dertien graden bereikt.
Kans op lenteweer stijgt langzaam in februari.
Kijkend naar Beek, dan zien we dat met het vorderen van het winterseizoen, de kans op lentedagen langzaam toeneemt. Sinds 1906 is het in de eerste decade van februari op tien dagen tot een maximumtemperatuur van tenminste vijftien graden gekomen. In de tweede februaridecade verdubbelde dat aantal bijna tot 19 en in de derde (korte) februaridecade was er op 28 dagen sprake van vroeg lenteweer. Op 24 februari 1990 werd het daar zelfs bijna warm met een maximumtemperatuur van 19,1 graden.
Reizend naar het noorden van het land, zien we dat in Eelde de lente duidelijk meer moeite heeft om op gang te komen. In de eerste decade van februari is het alleen in 2004 gelukt om het kwik op of boven de vijftien graden te krijgen, maar toen gebeurde dat wel meteen twee dagen op rij. Op 3 februari werd het 15,3 en de dag daarna 15,0 graden. Daarna hield de lente het vlot voor gezien en naarmate de maand vorderde, werd het steeds winterser. Vanaf de 19e traden er louter vorstdagen op en de laatste twee dagen, waaronder een schrikkeldag, waren de koudste van de hele maand met ’s nachts matige vorst en ook een gemiddelde etmaaltemperatuur van onder de -1 graad. Er viel in de laatste februariweek ook flink wat sneeuw. Op 28 februari lag er in het zuidwesten van het land lokaal zo’n 20 cm en landinwaarts kwam het plaatselijk tot strenge vorst!
Ook verderop in de sprokkelmaand komt de lente in het ‘hoge noorden’ van ons land nog maar moeizaam op gang, getuige de vier vroege lentedagen in de tweede decade en de drie in de derde, die daar sinds 1906 zijn opgetreden. We zien hier dus een duidelijk verschil met het zuiden van het land.
In maart barst de lente los!
Op 1 maart begint volgens de meteorologen de lente, die astronomisch bezien meestal pas op de 20e begint. Hoe dan ook, de bijnaam ‘lentemaand’ voor maart, is zeker terecht. Maar ja, we leven in Nederland, dus nog steeds geldt dat de winter soms nog nadrukkelijk van zich laat horen, zeker gedurende de eerste helft van de maand. Het aantal dagen met een maximumtemperatuur van tenminste vijftien graden, begint echter wel flink te stijgen. Toch blijft het verschil tussen het noorden en zuiden van het land nog steeds groot. In Eelde is in de eerste maartdecade het kwik op twaalf dagen boven de vijftien graden gekomen, op minder dagen dus dan al in de tweede februaridecade in Beek. Wat dat betreft maken we niet zo’n grote fout om te stellen dat het voorjaar in Zuid-Limburg zo’n twee tot drie weken eerder begint dan in Zuid-Groningen. In Beek kwam het sinds 1906 al op 72 dagen in de periode 1 tot en met 10 maart tot een aangename middagtemperatuur van 15 graden of hoger. In 1920 gebeurde dat begin maart zelfs al op een meerderheid van zes van de tien dagen.
In de tweede maartdecade werd die meerderheid al in drie decades gehaald, met als topper 1972 met zeven dagen. Het totaal aantal vroege lentedagen is in Beek sinds 1906 uitgekomen op 126 dagen, terwijl dat aantal van die dagen in Eelde ook fors steeg naar 54. Ook daar werd in 1972 tussen 10 en 21 maart op zeven van de tien dagen de 15 graden gehaald of overschreden, sterker nog, in de oostelijke helft van het land werd het op meerdere dagen tussen 18 en 21 graden. Bij volop zonneschijn en heldere nachten was het verschil tussen dag- en nachttemperatuur trouwens wel groot, want in diverse nachten kwam het tot vorst aan de grond en lokaal ook in de hut op anderhalve meter hoogte.
Vandaag beleven we dus de eerste ‘vijftiener’ in een groot deel van land, en klimatologisch is dat aardig volgens het boekje. In sommige jaren gebeurt dat dus al veel eerder, maar soms ook ruim later. Vorig jaar nog moesten we zelfs in Beek wachten tot 1 april op de eerste 15 graden van dat jaar. Het hek was toen wel meteen van de dam, want er volgde een van de warmste aprilmaanden sinds het begin van de waarnemingen, dus soms loont het om geduld te hebben… De komende dagen zal het trouwens zacht blijven, al wordt het wel een stuk wisselvalliger en wat dat betreft dus minder lenteachtig. Maar goed, het startschot van het warme seizoen is vandaag wel gegeven.
Bronnen: Meteo Consult, KNMI, eigen archief. Foto voorpagina: Burry van den Brink.
Door: Tom van der Spek
Beoordeel dit verhaal en/of stuur een reactie. -
