-
Net als gisterenochtend, moest ook vanochtend vroeg de ijskrabber worden gehanteerd. Dat de IJsheiligen voor wat het optreden van vorst in de nacht niet 'heilig' zijn, blijkt dit jaar dus maar weer.
De temperatuur van het water rondom ons land, gemiddeld over 5 tot en met 11 mei. De hele Waddenzee en het IJsselmeer heeft een temperatuur van rond 18 graden. Ook een smalle kuststrook is al warm, op volle zee is het water nog een stuk koeler.
Het cumulatieve radarbeeld van 19 mei, tussen 5 en 8 uur. Op zee zitten een paar buitjes, het land is nog neerslagvrij, op de markante 'Markermeerbui' na! Een dergelijk beeld zou men eerder in september of oktober verwachten.
De gevallen neerslag op 19 mei. Ook hier springt de bui die boven het Markermeer ontstond en zuidwaarts dreef, er duidelijk uit.
De opgetreden temperaturen in Bennekom, in mei 2000. De temperatuursprong na de 16e is markant.
De gevallen neerslag in mei 2000, in Bennekom. Hier springt de zeer natte tweede maandhelft in het oog.
De opgetreden temperaturen van deze meimaand vertonen veel overeenkomsten met die van acht jaar geleden. Gelukkig voor de liefhebbers van zon en warmte lijkt het vervolg er dit jaar rooskleuriger uit te zien.
-
Typisch herfstverschijnsel in mei20.05.2008 11:11
Qua weer is het moeilijk om de Nederlander tevreden te houden. Het is te nat, en/of te koud, of juist veel te heet of te lang droog, zodat de tuinplantjes een paar keer in de week besproeid moeten worden. Wat een ieder er ook van mag vinden, veranderlijk is ons weer zeker. Dat hebben we ook de afgelopen dagen en weken mogen ervaren. Na een warme periode die in de zomer niet zou misstaan, is het sinds zaterdag behoorlijk fris. De afgelopen twee nachten kwam het landinwaarts tot een stevige vorst aan de grond, in Eelde werd zelfs -5.1 graden gemeten. Grondvorst in mei is natuurlijk alles behalve bijzonder, maar valt nu extra op, gezien de warme periode die we achter de rug hebben. De gemiddelde etmaaltemperatuur lag gisteren (19 mei) in De Bilt op 9.2 graden en het is tekenend dat we precies één maand terug moeten in de tijd om een lagere waarde aan te treffen. Ondanks het koudere weer van de afgelopen dagen zal mei als geheel toch méér dan twee graden warmer worden dan gemiddeld, en misschien zelfs recordwarm worden!
-
Advertentie
Herfstverschijnsel in mei
Hier en daar werd voorzichtig de kachel alweer ontstoken en sommige mopperden dat het wel herfst leek, vooral het afgelopen weekeinde toen het in delen van het land nogal langdurig regende. Maar ook kille regendagen in mei zijn eigenlijk een normaal verschijnsel in ons kikkerlandje. Wat dat betreft was de lange periode met zomerse middagtemperaturen die nu achter ons ligt, veel ongewoner.
De lucht die gisteren met een noordelijke wind over ons land werd gevoerd, was erg koud qua oorsprong. Op het midden van de Noordzee daalde de temperatuur op rond 1500 meter hoogte naar -5 graden of nog iets daaronder. Aangekomen bij ons land, was de temperatuur op deze hoogte opgelopen naar 0 tot -1 graad. Ook dat gebeurt nog wel vaker in deze tijd van het jaar, maar slechts zelden is daar een zo langdurige warme periode aan voorafgegaan. Door de hoge temperaturen en de uitbundige zonneschijn van de voorbije weken is de temperatuur van de Noordzee al flink opgelopen. Vooral het water nabij de kust is al flink aangewarmd en dat geldt ook voor de wateren van de Waddenzee en het IJsselmeer (zie afbeelding).
Het gevolg was dan ook dat we gisterenochtend een verschijnsel zagen wat voor mei zeldzaam is en men eerder in september of oktober zou verwachten. Rond zonsopkomst en de paar uren daarna was het koud boven land, maar was de Noordzee voor de lucht die daarover streek, relatief ‘warm’. Er ontstonden boven zee dan ook stapelwolken en buitjes, een verschijnsel dat normaal past bij de herfst en winter. Maar de Waddenzee en het IJsselmeer zijn inmiddels al aangewarmd tot een graad of 18. Heel opvallend was te zien dat er een aantal uren lang steeds een bui boven het Markermeer ontstond, precies halverwege tussen de landtong van Noord-Holland in het noorden en Zuid-Flevoland in het zuiden. Met een noordelijke wind werd deze bui vervolgens over Flevoland en Utrecht gestuurd, waar hij geleidelijk uitdoofde. Daarbij groeide de bui aan de achterkant boven het Markermeer, steeds op hetzelfde punt, weer aan! De afbeeldingen hiernaast laten dat duidelijk zien.
Halverwege de ochtend raakte het beeld verstoord. Ook boven land liep het kwik op en ook elders gingen stapelwolken ontstaan. Deze konden zich echter niet erg verticaal ontwikkelen omdat de dikte van de onstabiele laag niet groot was. Verder was de lucht tamelijk droog en verliep de zogenaamde convectie nogal ‘ruig’, waardoor het ’s middags boven land toch nauwelijks tot buien kwam.
De overeenkomst met mei 2000
Hierboven is al opgemerkt dat een langdurige zomerse periode gedurende de eerste meihelft nogal zeldzaam is. Acht jaar geleden tapte de temperaturen echter uit een vergelijkbaar vaatje. Ter illustratie en vergelijking zijn hierbij de temperatuurgrafieken van Bennekom geplaatst. Dit jaar kwam het kwik op acht achtereenvolgende dagen tot tenminste 24 graden en werden er twaalf warme dagen op rij geregistreerd. De temperatuurval van de laatste dagen is opvallend, al ligt het kwik nu veel minder onder de norm, dan hij de periode daarvoor erboven lag.
Tot en met de 19e verliep de temperatuur in mei 2000 vergelijkbaar. Ook toen verliepen de eerste meidagen relatief koel, maar volgde er al snel een warme periode die zijn weerga niet kende! Ditmaal werd er een reeks van dertien warme dagen op rij opgetekend, met daarin tien zomerse dagen. Op 16 mei werd het bijna tropisch warm, waardoor de sterke temperatuurval die vervolgens inzette, zich extra deed gevoelen.
Toen in 2000, kwam het daarna eigenlijk niet meer goed. Gedurende de rest van die meimaand wist alleen op de 23e het kwik nog net de 20 graden te overschrijden en na 15 mei traden er nog maar twéé geheel droge dagen op. De helft van al deze dagen leverden 5 mm of (veel) meer neerslag op en mei 2000 ging in Bennekom (en daar niet alleen) als een zeer natte maand de klimaatboeken in. Ook gedurende de zomer die daarna volgde, vierde de wisselvalligheid hoogtij met geregeld buien. Warmte-uitspattingen ontbraken niet, maar bleven veelal beperkt tot één, of een paar dagen. Uiteindelijk was de zomer van 2000 een echte, spreekwoordelijke ‘grijze muis’.
En dit jaar?
Wat dat betreft zien de ontwikkelingen er voor dit jaar rooskleuriger uit. De komende dagen verlopen droog en zullen opnieuw flink wat zonneschijn gaan opleveren. De temperaturen gaan daarbij geleidelijk omhoog. Morgen (woensdag) kan zeer lokaal de 20 graden alweer worden bereikt en de dagen daarna zijn ‘twintigers’ of hoger, veel algemener. Pas vanaf zondag lijken regen- en onweersbuien vanuit het zuiden weer kans te maken om tot onze omgeving door te dringen. Hoe dat precies gaat uitpakken, is nu nog onduidelijk, maar een drastische weersomslag lijkt dan niet aan de orde te zijn. Mei zal dus in ieder geval als een zeer warme en zeer zonnige maand in de herinnering blijven hangen en ook de meteorologische zomer lijkt veelbelovend te beginnen. Via de Meteo Consult weerlijn (0900-9725) kunt u dagelijks de mid-lange weersverwachting beluisteren van 5 tot 10 dagen vooruit. Iedere vrijdag wordt in de loop van de dag een meer globale verwachting ingesproken voor de komende vier weken en ook kunt u een globale maandverwachting beluisteren, nu voor juni en juli. Deze verwachtingen vindt u allemaal onder optie 5 en 6.
Bronnen: Meteo Consult, eigen archief, KNMI. Foto’s: Jannes Wiersema (voorpagina); Ria Luttkhold, KNMI, Tom van der Spek.
Beoordeel dit verhaal en/of stuur een reactie. -
