-
Het meetveld van het KNMI in De Bilt.
De locatie van het KNMI in De Bilt, op de achtergrond is de radartoren te zien.
De inhoud van een weerhut, zoals die er lange tijd heeft uitgezien.
Op de plaats waar de mast te zien is, bevindt zich waarschijnlijk de test4-locatie, die in het rapport van het KNMI genoemd wordt.
Het meetveld van het vliegveld Twenthe bij Enschede. Bron: Weerstation Lichtenberg, Silvolde.
Het weerveldje van het weerstation bij Hupsel in de Achterhoek. Hier kan van verstorende invloeden nauwelijks gesproken worden.
Een modern weerhutje. De muur op de achtergrond kan een verstorende invloed hebben op de waarnemingen.
-
KNMI verplaatst thermometer stilletjes23.09.2009 11:12
Het meten van het weer is een ingewikkelde zaak. Iedere weerliefhebber met weerinstrumenten in de tuin weet dit. Hoe opener het terrein is, waarin je je metingen verricht, hoe kleiner het verstorende effect op die metingen van objecten in de directe omgeving en hoe representatiever dus ook je meting. Heb je een kleine achtertuin, dan is het niet eenvoudig om daar op een representatieve manier het weer te meten. Veel weeramateurs hebben bij hun metingen dan ook last van het zogenoemde tuineffect: een verstorende invloed op de metingen van objecten die te dicht bij hun instrumenten staan. Naar nu blijkt, bevinden ze zich in goed gezelschap. Ook de thermometer van het KNMI blijkt de laatste jaren steeds meer last te hebben gekregen van ‘tuineffect’. En dan kun je maar een ding doen: de thermometer verplaatsen naar een meer representatieve locatie. De afgelopen winter is dat in stilte gebeurd.
-
Advertentie
De thermometer van het KNMI is in de weerkamer van Meteo Consult al jarenlang onderwerp van discussie. Zonder er precies een vinger achter te kunnen krijgen, viel het veel meteorologen (onafhankelijk van elkaar) op dat het vooral op zonnige zomerdagen meer dan eens gebeurde dat De Bilt hogere temperaturen doorgaf, dan je op basis van meetstations in de omgeving zou verwachten. Geregeld ontstonden discussies over de vraag of het hier slechts een gevoel betrof, dat verder niet hard gemaakt kon worden, of toch een werkelijk structurele afwijking naar boven, mogelijk veroorzaakt door het oprukken van de stad Utrecht. De KNMI-locatie raakt daardoor steeds meer ingebouwd en zou op warme dagen warmer kunnen worden. We kregen er de vinger niet achter, maar elk jaar kwam de vraag steeds toch weer terug.
Tot dit jaar. Gedurende de afgelopen zomermaanden bleek het effect ineens verdwenen. Daar waar zomerse dagen zich in andere delen van Nederland aaneenregen, en De Bilt daar vroeger volgens ons zeker ook bij had moeten horen, gebeurde het nu ineens dat de temperaturen in de weertuin bij het KNMI, ‘achterbleven’ bij stations in de omgeving. De afgelopen zomer leverde zo bijvoorbeeld maar 1 tropische dag op, daar waar het er voor ons gevoel toch best 3 of 4 hadden kunnen zijn geweest. Verder leken we ook enkele zomerse dagen mis te lopen. Opnieuw laaiden de discussies op. Nu kwamen verschillende meteorologen, onafhankelijk van elkaar, met de veronderstelling dat er iets veranderd moest zijn in de metingen in De Bilt.
Verschillen Cabauw en De Bilt
We besloten de proef op de som te nemen. Aan de hand van overzichten van de maximumtemperatuur, de minimumtemperatuur en de totale stralingssom, voor elke dag in de periode van 15 mei tot en met 15 september (126 dagen om precies te zijn) in de jaren 2008 en dit jaar (grofweg dus de zomer van 2008 en die van 2009) rekenden we steeds het verschil uit tussen de metingen bij de meetmast Cabauw (ongeveer 16 kilometer van Utrecht) en die op het meetveld van het KNMI in De Bilt. De uitkomsten waren opmerkelijk. Leverde het gemiddelde van de maximumtemperaturen in de zomer van vorig jaar nog een verschil van 0,53 graden op in het voordeel van De Bilt, dit jaar was daarvan met slechts 0,02 graden vrijwel niets meer over. Bij de minimumtemperaturen was er ook een verschil, maar dan minder groot. Hier was Cabauw in het voordeel, vorig jaar met 0,36 graden, dit jaar nog met 0,22 graden.We besloten het onderzoekje nog iets te verbreden en gingen kijken naar de verschillen op zonnige dagen, dagen waarvan ook weerliefhebbers met eigen instrumenten weten dat het tuineffect een behoorlijke rol kan spelen. Dagen waarbij de stralingssom voor beide locaties boven de 2000 Joules uitkwam, dienden als referentie. In 2008 leverden dergelijke dagen een temperatuurverschil op van grofweg 0,7 graden, in het voordeel van De Bilt. Dit jaar bleek dat verschil helemaal te zijn verdwenen. Er waren zonnige dagen waarop De Bilt warmer was, er waren zonnige dagen waarop Cabauw warmer was, maar ze middelden elkaar mooi uit en gemiddeld bleek er nauwelijks meer een verschil tussen de twee locaties te zijn.
Thermometer verplaatst
Inmiddels hebben we onze vraag ook aan het KNMI voorgelegd en is bevestigd wat wij al vermoedden. De thermometer is gedurende de afgelopen winter verplaatst naar ‘een opener’ locatie, omdat de metingen op de oude locatie te veel verstorende invloed ondervonden van een bomenrij in de buurt die de afgelopen jaren langzaam steeds hoger is geworden. Uit een rapport, terug te vinden op de KNMI-site, blijkt dat al sinds 2003 onderzoek werd verricht naar de representativiteit van de metingen op de nu oude locatie. Twee jaar lang (tussen 2003 en 2005) zijn op vijf verschillende plaatsen op het KNMI-terrein temperatuurmetingen verricht. Na vergelijking van de resultaten bleek dat de plaats waar de metingen werden gedaan significante invloed had op de uitkomst van de metingen. De meest open van de 4 testlocaties mat in de zomerperiode van het eerste jaar een gemiddelde maximumtemperatuur die 0,28 graden lager was dan de temperatuur die op de officiële locatie werd gemeten. De gemiddelde minimumtemperatuur bleek 0,48 graden hoger te zijn dan die op de officiële locatie. Middel je beide effecten dan bleek de nieuwe locatie een gemiddelde temperatuur op te leveren die 0,15 graden hoger was dan de temperatuur gemeten op de oude locatie.In die tussenrapportage, het onderzoek liep nog een jaar langer door, stond al als aanbeveling opgenomen de thermometer te verplaatsen van de nu oude locatie naar de veel opener locatie die als ‘test4’ in het rapport staat. Als belangrijkste veroorzaker van de waargenomen verschillen werd de bomenrij genoemd en de remmende invloed die deze had op de wind op de nu oude meetlocatie. Op de test4-locatie was van dat effect vrijwel niets meer te merken. Omdat het om conclusies van al jaren geleden gaat, is niet bekend waarom de thermometer nu pas verplaatst is en welke onderzoeksresultaten van later daarbij nog een rol hebben gespeeld.
Centraal Nederlandse Tijdreeks
Duidelijk is wel dat de verplaatsing van de thermometer merkbare gevolgen heeft (we wisten in Wageningen niets van de verplaatsing af) voor de temperaturen die in De Bilt worden gemeten. In een gedachte-experiment hebben we voor de zonnige dagen van de afgelopen zomer maar eens de 0,7 graden opgeteld bij de dit jaar gemeten temperaturen, om die van de oude locatie terug te halen. Het zou voor de afgelopen maanden 5 zomerse dagen en 2 tropische dagen extra hebben opgeleverd. Niet bekend is of de meetreeks van De Bilt aangepast zal worden aan de nieuwe meetplaats. Voor wetenschappelijke doeleinden wordt de reeks van De Bilt overigens al langere tijd niet meer gebruikt. Daarvoor is een aantal jaar geleden de Centraal Nederlandse Temperatuur in het leven geroepen, die meerdere stations in Midden-Nederland middelt en met terugwerkende kracht is bepaald. Deze reeks is de wetenschappelijke standaard geworden, waaraan bij voorbeeld alles met betrekking tot klimaatverandering en dergelijke wordt afgeleid. Voor alle rapportages met betrekking tot die klimaatverandering heeft de verplaatsing dus geen grote gevolgen.Blijft over de vraag waarom de verplaatsing van de thermometer zo ‘stilletjes’ is gebeurd en in maar zo’n beperkte kring bekend was. Het is toch niet niks dat de thermometer van het nationale weerinstituut een nieuwe plaats krijgt omdat de oude niet meer voldoet. Daarnaast geeft het niet aan de grote klok hangen van zo’n verandering alleen maar voeding aan die mensen die het met de klimaatverandering en alles wat daarmee samenhangt toch al niet zo zien zitten. Het uitdragen van een moeilijke boodschap begint met het uitstralen van betrouwbaarheid en degelijkheid. Het stilletjes verplaatsen van een thermometer lijkt moeilijk met een dergelijk streven te verenigen.
Bron: Meteo Consult.
Door: Meteo Consult
Beoordeel dit verhaal en/of stuur een reactie. -
