De winterdans van het ECMWF

Advertentie
  • De opgetreden temperaturen in De Bilt tot en met 11 januari. Het gemiddelde zit dik onder nul en meer dan vijf graden onder de maandnorm. Gezien het verwachte weerbeeld van de komende anderhalve week is er een aanzienlijke kans dat januari als geheel een negatieve gemiddelde temperatuur gaat opleveren.

    De weerkaart, geldig voor vrijdag 15 januari 1 uur, volgens de 0u run van het ECMWF van donderdag 7 januari. Zie de tekst hiernaast voor een nadere uitleg.

    De weerkaart voor vrijdag 15 januari, volgens de 0u run van het ECMWF van vrijdag 8 januari.

    De pluimverwachting van vrijdag 8 januari van het ECMWF. voor Wageningen. De rode lijn is de hoofdrun van het ECMWF, de blauwe lijn die van de NCEP en de gele lijn geeft het gemiddelde van alle ensembles weer.

    Stuifsneeuw waait vanaf de garagedaken op zaterdag 9 januari, in Bennekom. Krijgen we deze taferelen later in deze winter nogmaals te zien? Foto: Tom van der Spek.

    De weerkaart van vrijdag 15 januari, volgens de 0 uur ECMWF run van zaterdag 9 januari.

    De pluim van zaterdag 9 januari.

    Nog een foto van de stuifsneeuw in Bennekom, gemaakt door Tom van der Spek.

    De weerkaart van vrijdag 15 januari, volgens de 0u run van het ECMWF van zondag 10 januari.

    De pluim van zondag 10 januari.

    De weerkaart van vrijdag 15 januari, volgens de 0u run van het ECMWF van maandag 11 januari.

    De pluim van maandag 11 januari (gisteren dus).

    De weerkaart voor vrijdag 15 januari, volgens de 0u ECMWF run van vandaag (dinsdag 12 januari).

    De pluim van vandaag (dinsdag 12 januari).

  • De winterdans van het ECMWF
    12.01.2010 11:58

    Met het aanhoudende winterse weer is het logisch dat ook de verhalen op deze site in het teken van de winter blijven staan. Op de diverse weerfora wordt reikhalzend naar de nieuwe modelruns en de pluimen uitgezien. Blijft het vriezen? Gaat het dooien? Feit is dat de modellen er moeite mee hebben om te berekenen hoe het op de mid-lange termijn verder gaat met de winter.

    • Advertentie



    In het navolgende verhaaltje concentreren we ons op één dag, namelijk aanstaande vrijdag 15 januari (de winter sluit op die dag de eerste helft af) en kijken hoe de pluimen in het algemeen en de 0u run van het ECMWF in het bijzonder, met deze dag omgingen. Maar we beginnen met een zeer korte terugblik op het winterweer tot dusverre.

    Waar staan we nu?

    Zeker als we alleen naar de 21e eeuw kijken, dan neemt de winter van dit jaar al een bijzondere plaats in. In De Bilt is de vorstsom tot en met gisteren (11 januari) gestegen naar 137.9 punten en het Hellmanngetal naar 52.2 punten. Daarmee zijn we de winter van vorig jaar net voorbijgestreefd. Op 11 januari vorig jaar werd een totaal van 51.5 Hellmannpunten bereikt, maar zou het tot 27 januari duren alvorens er een verdere (kleine) bijdrage werd gescoord. Deze eeuw lag alleen in 2003 het Hellmanngetal met 58.4 punten nog wat hoger, maar ook toen volgde er een relatief lange vorstloze periode. Die winter uit 2003 is nu nog steeds de koudste van de 21e eeuw met een totaal van 80.1 Hellmannpunten, maar de kans is groot dat in het voorlopige tussenklassement over de eerste winterhelft, de huidige winter de koppositie gaat overnemen. Daartoe hoeven immers nog maar ruim zes puntjes bijeengesprokkeld te worden. Gezien de verwachtingen, is de kans groot dat dat gaat lukken. Kijken we trouwens naar alle winters sinds 1901, dat zijn er honderdentien dus, dan wisten maar vijfentwintig daarvan tot en met 11 januari  méér dan 52 Hellmannpunten te scoren. De huidige winter kan zich tot nu dus nog aardig meten met de koudere broeders uit het verleden. De laatste écht koude winter, die uit 1997, had toen trouwens met 127.9 punten méér dan het dubbele vergaard tot 11 januari, maar vond toen zijn Waterloo… De tweede winterhelft scoorde destijds minder dan drie puntjes, waardoor het totaal op 131.6 punten bleef steken.

    De verleden en huidige opties.

    Dit jaar lijkt het er voor wat betreft de ontwikkeling van winterweer betreft, een stuk beter voor te staan. Goed, van een écht duurzame vorst lijkt de komende periode geen sprake te zijn, maar koud blijft het wel. De vorstdagen blijven zich aaneenrijgen. Hoewel het ’s middags soms licht dooit, ligt de gemiddelde etmaaltemperatuur op veel plaatsen in ons land nog steeds onder nul en zo blijft de tweede vorstperiode van deze winter die op Nieuwjaarsdag startte, nog steeds voortduren. Wel gaat het er allemaal op de weerkaarten minder overtuigend uitzien en opnieuw lijkt het begin van de tweede januaridecade een keerpunt in de winter aan te kondigen. We concentreren ons nu op vrijdag 15 januari en tonen hiernaast hoe de modelrun van het ECMWF van afgelopen donderdag deze dag voorspiegelde.

    Voor winterliefhebbers was dit een droomkaart (zie hiernaast). Ten noorden van ons land lag een krachtig hogedrukgebied en een actieve depressie lag boven de Pyreneeën. Tussen deze druksystemen in  stond er in onze omgeving een forse oostelijke stroming, waarin koude vrieslucht vanaf het continent naar onze omgeving werd getransformeerd. Langs de oostflank van de depressie probeerde wel zachte Middellandse Zeelucht naar het noorden op te stomen, maar die lucht kon ons bij lange na niet bereiken. Uiteraard was dat toen een verwachting voor méér dan een week vooruit, dus er moesten wel nogal wat slagen om de arm worden gehouden.

    Dat bleek een etmaal later. Twee runs verder zag de weerkaart er voor vrijdag 15 januari opeens een stuk minder florissant uit, bezien door de bril van de winterliefhebber. Het hogedrukgebied ten noorden en oosten van ons land was opeens veel meer noordwest – zuidoost georiënteerd en een serie lagedrukgebieden van Ierland, via Frankrijk naar Italië, leken een heuse dooiaanval voor te bereiden! Gezien de loop van de isobaren, waaide er op het tijdstip van de weerkaart in het grootse deel van de Benelux nog een (oost)zuidoostenwind, maar de knik in de isobaren suggereerde dat een eventueel dooifront toch al minstens tot het zuiden van België was opgerukt.

    De pluim van die dag (zie hiernaast) zag er echter nog geruststellend uit. De operationele run was een van de zachtste members. Het gemiddelde zat nog ver onder nul en er waren genoeg members die het ’s nachts zelfs streng lieten vriezen.

    Weer een etmaal later was Nederland in de ban gekomen van krachtige winden en stuifsneeuw. Ondertussen was de verwachting voor vrijdag 15 januari er niet winterser op geworden. Het hogedrukgebied ten noorden van ons was opnieuw wat beter gepositioneerd, maar kon toch kennelijk niet verhinderen dat de vore van lage druk ten zuiden van ons nu echt boven België, ja zelfs boven Noord-België werd berekend. Hierdoor zou de zuidelijke helft van de Benelux in de dooi terechtkomen. Het zou dan maar afwachten zijn hoever de dooi noordwaarts zou oprukken. Kijkend naar de pluim was te zien dat de operationele run voor Wageningen kouder was geworden dan de dag daarvoor, en nu ook keurig op het ensemblegemiddelde was gekomen. Dat gemiddelde lag nu echter wel drie tot vijf graden hoger dan een dag tevoren. Daar waar een grote groep members eerst op matige tot strenge vorst zat, lag de hoofdmoot nu tussen -7 en +2 graden.

    De trend naar verzachting die leek ingezet, werd in de 0u run van afgelopen zondag echter doorbroken. Opnieuw kreeg het hoog ten noorden van ons een sterk filiaal boven Scandinavië en was het laag ten zuiden van ons opeens weer boven zuidelijk Midden-Frankrijk te vinden, met in onze omgeving opnieuw een stevige oostelijke stroming, met aanvoer van vrieslucht! De pluim van zondag liet dan ook geen verdere verzachting meer zien. Een grotere groep members ging opnieuw naar de matige vorst en de operationele run suggereerde zelfs een nieuwe (lange?) vorstperiode, ook al liet de pluim als geheel na de 18e een duidelijk bifurcatie zien, waarbij de members óf zeer koud, óf (vrij) zacht waren, terwijl er maar weinig members in het gebied tussen 0 en -5 graden waren te vinden.

    De weerkaart die gisteren (maandag) voor vrijdag 15 januari werd voorgeschoteld, liet het zwaartepunt van hoge druk opnieuw wat meer boven de Baltische Staten en boven West-Rusland liggen. Op de oceaan was een omvangrijke depressie verschenen en krachtige zuidelijke winden transporteerde zachte oceaanlucht ver naar het noorden. In onze omgeving was er sprake van een patstelling. Aan de noordflank van een vlak lagedrukgebied nabij Parijs was de wind nog steeds zuidoost en daarmee zou, althans in de grenslaag koude lucht vanaf het continent worden aangevoerd. De eventuele kou zag er bij deze kaart toch wel wankel uit en dat bleek ook toen de pluim was verschenen. De operationele run liet ons inderdaad in de vorst vertoeven, een behoorlijke vorst zelfs die matig was in de nacht, maar duidelijk te zien was dat de operationele run zo ongeveer de allerkoudste member was. Het ensemblegemiddelde zat rond het vriespunt, dus op basis van de pluim was het verstandig te verwachten dat het weerbeeld meer kwakkelig zou uitpakken. Uiteraard zou het daarbij in Groningen nog veel winterser zijn dan in Zeeland.

    En dan zijn we nu bij vandaag aanbeland. Met het naderbij komen van de verwachtingstermijn (we bekijken nu al de weerkaart voor 72 uren vooruit) neemt de kans op grote schommelingen af. Toch zijn er nog wel wat verschillen met de dag van gisteren. Het laag bij Parijs is verdwenen en Nederland bevindt zich nu min of meer onder een rug van hoge luchtdruk, met weinig wind. De Britse eilanden zijn echter in een straffe zuidwestelijke stroming gekomen met aanvoer van zachte oceaanlucht en deze stroming tipt gevaarlijk aan onze westkust. De winter lijkt te wankelen…

    Dit alles wordt nu in de pluim duidelijk aangegeven. De meeste members gaan overdag voor een lichte dooi, die in veel members nog wat sterker is dan de operationele run suggereert, maar de operationele run zit wel keurig op het ensemblegemiddelde. Die dooi wordt echter hoogstwaarschijnlijk voorafgegaan en gevolgd door een nacht met lichte vorst. Geen ‘totaalwinter’ dus, maar zacht is het evenmin. Bij een dergelijk weerbeeld is de kans op gladheid bovendien behoorlijk groot.

    Lange adem?

    We zeiden het al aan het begin van dit verhaal, de winter van 2010 lijkt over een lange adem te bezitten. Kijkend naar deze nieuwste pluim zien we namelijk dat er een behoorlijke kans is dat na een paar kwakkeldagen de winter aan een nieuwe koudere fase gaat beginnen. Uiteraard zien we in de loop van de volgende week de spreiding tussen de members fors toenemen, dus een uitgemaakte zaak is het nog niet. Daar waar de koudste members het (zeer) streng laten vriezen, laten de zachtste members het flink dooien. Uit het hierboven behandelde voorbeeld van één dag, blijkt ook al dat een verwachting in de loop van de tijd nog behoorlijk kan veranderen. En dat geldt vooral als de vorstgrens zich in de buurt van ons land ophoudt. Het verschil tussen -4 en +4 graden kan dan simpelweg het verschil tussen twee roosterpunten van het model zijn. Wordt vervolgd dus.

    Bron: Meteo Consult, KNMI, MCMWF, NCEP, eigen archief. Alle getoonde weerkaarten en pluimen kan een ieder zelf bekijken op deze website. Kies daartoe ‘pluimen’ in het menu hiernaast, of ‘weerkaarten’, ‘professioneel’ en dan ‘ECMWF’. Foto voorpagina: Tom van der Spek.

    Door: Tom van der Spek
    Beoordeel dit verhaal en/of stuur een reactie.
Volg MeteoConsult op Twitter