-
Met behulp van irrigatie kan men nu in plaats van 1, soms 2 of 3 keer oogsten.
Ook ik probeer mijn steentje bij te dragen.
Met behulp van een trappomp wordt grondwater opgepompt om gewassen te irrigeren.
Mensen wordt geleerd hoe ze met klei zelf een energiezuinige stoof kunnen maken. In plaats van 10 houtjes heb je dan nog maar 3 stukjes hout nodig om een maaltijd te kunnen bereiden.
Ondanks zoveel ellende, armoede, honger, aids, malaria en het veranderende klimaat blijven de Malawianen lachen en kom ik positief terug uit Afrika. Meer dan ooit ben ik gemotiveerd om iedereen te vertellen dat het de hoogste tijd is om mensen in de derde wereld te helpen zich aan te passen aan klimaatveranderingen.
-
Klimaatverandering raakt ons allemaal, maar niet iedereen gelijk10.12.2009 14:35
In de Deense hoofdstad Kopenhagen zijn maandag de onderhandelingen over een nieuw klimaatakkoord begonnen. Meer dan 15.000 onderhandelaars, politici, journalisten en activisten wonen de top bij. Bij de opening liet de Deense premier Rasmussen weten dat Kopenhagen voor de komende twee weken "Hopenhagen" is. Rasmussen stelde dat de hoop van de wereld is gevestigd op de afgevaardigden van ruim 190 landen, die in de Deense hoofdstad onderhandelen over een nieuw klimaatakkoord.
-
Advertentie
Deze week staat in het teken van regeringsdelegaties die het met elkaar eens moeten worden over de onderhandelingstekst. Die bestaat momenteel uit tweehonderd pagina's om aan alle wensen te voldoen, maar moet worden teruggebracht tot hooguit dertig kantjes voor een efficiënt akkoord.
Volgende week schuiven ook de milieuministers aan. Voor Nederland reist minister Jacqueline Cramer van milieu naar Kopenhagen, samen met minister Bert Koenders van ontwikkelingssamenwerking. Het einde van de top zal worden bijgewoond door meer dan honderd regeringsleiders, onder wie de Amerikaanse president Barack Obama, minister-president Jan Peter Balkenende en de Britse premier Gordon Brown. De onderhandelaars moeten het onder meer eens worden over de reductie van de uitstoot van broeikasgassen. Ook ontbossing en financiering voor arme landen die kampen met de gevolgen van klimaatverandering, zijn onderwerp van gesprek.
In Nederland gaat de temperatuur de komende 40 jaar 2 à 3 graden omhoog en stijgt de zeespiegel met 20 à 30 centimeter. In 2050 is ons klimaat te vergelijken met het klimaat in Zuid-Frankrijk. Daar is best in te leven. Een zeespiegelstijging tot 30 centimeter kunnen we dan nog wel aan. Bovendien heeft oud-minister Veerman in 2008 met zijn Deltacommissie aanbevelingen gedaan om ons land tegen het opkomende water te beschermen. Dat kost een paar centen…… Gelukkig hebben wij in Nederland de financiële middelen om ons de komende jaren aan te passen aan het veranderende klimaat.
Klimaatverandering in Afrika, Azië en Midden-Amerika is al lang geen ver-van–mijn- bedshow meer, maar harde realiteit. De Inuit in het noorden van Canada, Siberië, Alaska en Groenland zakken door de ontdooiende permafrostbodem. Bewoners van het laag gelegen Bangladesh zullen nog vaker dan voorheen worden geconfronteerd met overstromingen en cyclonen. Arme boeren in het grensgebied van Honduras en El Salvador vechten tegen de voordurende landverschuivingen die hun leefgebied aantasten en traditioneel levende herders in het noorden van Kenia zien hun toch al dorre leefgebied nóg droger worden. Volgens een recent rapport van het Global Humanitarian Forum (GHF) vallen er wereldwijd jaarlijks 300.000 doden door ondervoeding en ziektes als gevolg van de klimaatverandering. Het GHF verwacht tegen 2030 een half miljoen doden per jaar.
Als ambassadeur van Vastenaktie Cordaid ben ik in november naar Malawi gereisd en heb ik met eigen ogen kunnen zien hoe het is om in een steeds droger wordend klimaat te overleven. Malawi is een land in het zuiden van Afrika. Het is 3 keer zo groot als Nederland en is arm. Meer dan de helft van de bevolking leeft onder de armoedegrens van 1 euro per dag. De mensen worden gemiddeld niet ouder dan 50 jaar, mede door ziektes als malaria en aids. De meeste mensen in Malawi zijn boer en hebben een eigen akkertje. Ze verbouwen maïs en maken daar een soort pap van, n’zima. Die maïspap is voor velen het enige voedsel dat ze zich kunnen veroorloven.
Ik sprak met boeren en was verbaasd dat iedereen het klimaat heeft zien veranderen in een periode van slechts 20 jaar! 20 jaar geleden begon de regentijd in Malawi in oktober of november. Je kon de klok er op gelijk zetten. Men wist precies wanneer je moest zaaien en een week na de regen ontkiemde het zaad. De laatste jaren is de neerslag onvoorspelbaar. Soms komt de regen in december, maar soms ook nog later. Hierdoor weten boeren niet meer wanneer ze moeten zaaien. Want als je zaait als er geen regen komt, groeit er niets. En als de regens dan eindelijk komen, valt er zoveel regen dat de zaden wegspoelen en er helemaal geen planten meer opkomen.
De regentijd duurde vroeger tot april. De regen stopt nu veel eerder, waardoor de oogst niet helemaal volgroeit. Vroeger viel er in de droge tijd tussen april en november ook nog wel eens een buitje, maar tegenwoordig is het droog, kurkdroog en groeit er niets meer. Tegen het einde van de droge tijd is al het reservevoedsel op en sterven er zelfs mensen van de honger.
Buiten Nederland zijn de gevolgen van de klimaatveranderingen veel erger. Als we op korte termijn niets doen, zullen de gevolgen nog schrijnender worden in landen waar sowieso al veel ellende is. Denk bijvoorbeeld aan overbevolking, oorlogen en ziektes zoals malaria en aids.
Nederland gaat in Kopenhagen op een aantal maatregelen aandringen, die ervoor moeten zorgen dat de gemiddelde wereldwijde temperatuurstijging beperkt blijft tot maximaal twee graden. Een dergelijke stijging is volgens wetenschappers nog net te overzien. Stijgt de gemiddelde temperatuur op aarde met meer dan 2 graden, dan zal dat desastreuze gevolgen hebben.
De maatregelen die voorgesteld worden zijn:
· Ontwikkelde landen moeten in 2020 30% minder CO2 uitstoten dan dat ze nu doen. In 2050 moet dit 80 tot 95% zijn.
· Alle landen moeten zich aanpassen aan de klimaatveranderingen. Kennis en financiële middelen moeten daarvoor beschikbaar worden gesteld.
· De ontwikkeling en verspreiding van schone technologie moet versneld worden.
Ook van ontwikkelingslanden moet worden verwacht dat zij minder gaan uitstoten. In 2020 moet er worden gestreefd naar 15 tot 30% minder C02 uitstoot. Omdat men daar niet de financiële middelen voor heeft, moet de internationale gemeenschap deze landen helpen dit doel te bereiken. Verder moet de ontbossing in 2030 worden gestopt. In de tropenlanden moet deze in 2020 zijn gehalveerd. Ontbossing is verantwoordelijk voor een vijfde deel van de wereldwijde CO2-uitstoot. Bomen die zijn omgehakt kunnen geen CO2 meer opnemen. De grootste CO2-uitstoot wordt echter veroorzaakt door de vele aangestoken bosbranden om plaats te maken voor onder andere palmolieplantages. De bossen van Indonesië zijn een van de rijkste opslagplaatsen van CO2 ter wereld. Als die worden gekapt of verbrand, ontsnapt de CO2. Daardoor is Indonesië wereldwijd één van de grootste CO2-uitstoters! Omgekeerd is klimaatverandering een grote bedreiging voor bossen. In de Amazone bijvoorbeeld zie je al dat het oerwoud verdroogt.
Ook in Malawi wordt op grote schaal hout gekapt en is er nog slechts 30 % van het oorspronkelijke bos over. Het hout in Malawi is niet voor de internationale houtmarkt bestemd, maar wordt door de inheemse bevolking zelf gebruikt om hun potje op te koken. Paraffine is te duur en wordt niet overal verkocht. Dus zie je vrouwen het bos in gaan. Zij sprokkelen daar de laatste restjes hout bij elkaar en lopen dan soms uren met een bos sprokkelhout op hun hoofd naar huis. Maar mensen die niets hebben, kun je moeilijk verbieden hout te gebruiken om voedsel te bereiden.
Beperking van C02 en ontbossing staan hoog op de agenda in Kopenhagen. Daarnaast is er financiële hulp nodig om mensen in ontwikkelingslanden zich te kunnen laten aanpassen aan het veranderende klimaat. Daarom pleiten ontwikkelingsorganisaties zoals Cordaid voor een eerlijk, effectief en juridisch bindend akkoord in Kopenhagen. De grootste vervuilers moeten de armsten helpen, omdat juist zij nu het hardst worden getroffen door klimaatverandering. Rijke landen zouden vanaf 2020 minstens 131 miljard euro per jaar ter beschikking moeten stellen voor adaptatie in ontwikkelingslanden. Het gaat om extra geld, dat dus bovenop het reguliere ontwikkelingshulpbudget komt. Belangrijk is dat dit geld niet blijft 'hangen' op overheidsniveau, maar daadwerkelijk gebruikt kan worden door de getroffen gemeenschappen.
In Malawi zijn al kleine projecten opgestart om mensen weerbaarder te maken tegen de steeds langer durende droge periodes. Ik heb met eigen ogen gezien dat dorpen zich verenigen en samen waterbekkens uitgraven om het water dat in de steeds korter wordende regentijd valt toch op te vangen. Met behulp van irrigatie kunnen, ondanks de verkorte regentijd, oogsten toch volgroeien en kan er ook tijdens de droge tijd gezaaid worden. Tevens worden er naast maïs, een gewas dat veel water vraagt, ook andere droogtebestendige zaden zoals pinda’s, cassave en zoete aardappelen verbouwd. Het resultaat is dat in plaats van 1, soms 2 of zelfs 3 keer geoogst kan worden en het hongerprobleem verminderd wordt. Ik heb ook kleine herbebossingprojecten gezien. Met behulp van financiële steun van buitenaf worden, naast het verbouwen van voedsel, bomen geplant om het water beter vast te houden en de verdamping tegen te gaan.
Al met al kom ik positief terug uit Afrika en ben ik geïnspireerd en gemotiveerd om aan iedereen te vertellen dat we niet alleen moeten denken aan de C02 uitstoot. Juist in landen als Malawi is het aanpassen nu en in de komende jaren van levensbelang. Ik hoop dat de rijke landen in Kopenhagen de noodzaak zien en dat er naast de afspraken over het uitstoten van CO2 duidelijke afspraken worden gemaakt over het financieel steunen van de arme landen om zichzelf weerbaar te maken. Tijdens mijn reis heb ik mijn verhalen en gedachten in een blog bijgehouden. Dit kun je lezen op www.margotribberink.nl.
Om de regeringsleiders in Kopenhagen duidelijk te maken dat zij tot een sterk en rechtvaardig klimaatakkoord moeten komen, worden aanstaande zaterdag (12 december) wereldwijd acties georganiseerd. In Nederland is dat 'Beat the Heat Now' in de Jaarbeurs in Utrecht. De finale van het evenement is het vertrek van een speciale, door de Nederlandse Spoorwegen gearrangeerde trein, de 'Beat the Heat-Express'. Met deze klimaattrein reizen minister Cramer, kamerleden, ambtenaren, wethouders, burgemeesters, vertegenwoordigers van natuur-, milieu- en ontwikkelingsorganisaties, wetenschappers en journalisten naar de klimaattop in Kopenhagen. De 'Beat the Heat-Express' wordt de langste rijdende petitie ter wereld. Iedereen kan z’n persoonlijke boodschap aan de politieke leiders in Kopenhagen op de trein zetten. Voor dit allergrootste klimaatevenement in Utrecht zijn nog steeds kaarten verkrijgbaar via de website www.beattheheatnow.nl.
Door: Margot Ribberink
Beoordeel dit verhaal en/of stuur een reactie. -
