-
In korte tijd viel veel regen naar benenden, plaatselijk enkele tientallen millimeters. Foto: Alexandra Smink, Wijk bij Duurstede
Hagelstenen met een diameter tussen 3 en 5 centimeter in Zetten (Betuwe) Foto: Oscar Wijsman
Na de hagel was het landschap tijdelijk omgetoverd tot een winters tafereel. Foto: Oscar Wijsman, Zetten.
Dreigende kolkende wolkenmassa's tijdens de hoosbuien in Oud Leusen (Overijssel) Foto: Reinier van Assen.
-
Noodweer na de kater22.06.2008 14:53
In de broeierig warme atmosfeer ontstonden zondagmiddag een aantal stevige regen- en onweersbuien die plaatselijk voor noodweer hebben gezorgd. Het buienfront met onweer, hagel en windstoten ontstond aan het begin van de middag op de lijn Texel-Bergen op Zoom en trok vrij snel van west naar oost over het land. Onderweg activeerden de buien in de warme vochtige lucht. Daarbij waaide het soms stevig. Ook viel er in korte tijd veel neerslag, plaatselijk enkele tientallen mm in een nog geen kwartier. Opvallend waren ook de enorme hagelstenen die tijdens de zwaardere buien naar beneden vielen met een diameter van 3 tot 5 centimeter, zo groot als pingpong ballen. Hierdoor werd er veel schade aangericht mede door de vele inslagen van het onweer.
-
Advertentie
Onweer is een spectaculair meteorologisch verschijnsel maar roept ook bij veel mensen angstgevoelens op. Dat is niet onterecht want jaarlijks vallen er in Nederland gemiddeld toch vijf dodelijke slachtoffers. Wereldwijd zijn er ongeveer 1000 mensen die dodelijk worden getroffen door de bliksem.
Onweer is gekoppeld aan buienwolken en die we kunnen herkennen aan de bloemkoolstructuur met vaak een karakteristieke aambeeldvorm erbovenop. Een buienwolk begint als een stapelwolk die, als de lucht aan het aardoppervlak vochtig en warm genoeg is, kan uitgroeien tot een bui. In eerste instantie zien we de typische, scherp omlijnde structuur van een bloemkoolwolk. De wolk bestaat dan nog uitsluitend uit waterdruppeltjes. Stijgt de wolk verder door, dan gaat de bovenkant bevriezen. Er vormen zich ijskristallen en de bovenkant van de wolk krijgt de vorm van een aambeeld met vezelige randen. Soms zitten buienwolken verscholen tussen de andere wolken waardoor deze minder goed te herkennen zijn.
De gevaren bij deze buien zijn uiteraard de bliksem die bij een inslag veel schade kan aanrichten. Maar er zijn ook nog een aantal randverschijnselen die veel ellende kunnen veroorzaken. Zoals de hevige neerslag die er vaak bij hoort. In korte tijd kunnen straten blank komen te staan. Vaak valt er bij de zwaardere buien ook hagel naar beneden. Afhankelijk van de intensiteit van de buien kunnen er in Nederland hagelstenen voorkomen ter grote van duiveneieren, 3 tot 6 cm. De windstoten die tijdens de felle buien vaak voorkomen kunnen takken afrukken en andere schade toebrengen.
Voor onweer hebben we in de atmosfeer een ladingsverschil nodig, ook wel potentiaal verschil genoemd. Dit ladingsverschil ontstaat doordat regendruppeltjes een andere polariteit aannemen dan ijskristalletjes. De laatste zijn positief geladen en bevinden zich bovenin de bui terwijl de regendruppels onderin de bui negatief geladen zijn.
Door deze verdeling aan lading krijgt het aardoppervlak (als gevolg van inductie) een positieve lading. Op een gegeven moment is het ladingsverschil tussen wolk en aarde zo groot dat de wolk alvast een voorkanaal opent tot bijna aan het aardoppervlak. Het potentiaalverschil is dan tot enkele miljoenen volts opgelopen. In een stopcontact vinden we een potentiaalverschil van 220 volt. Daarin fungeert een koperdraad als geleider voor de stroom. In de atmosfeer wordt lucht als geleider gebruikt. Omdat lucht een minder goede geleider is hebben we een potentiaalverschil van 3 miljoen volt nodig om een stroom te kunnen laten lopen. Het voorkanaal dient ter voorbereiding voor de hoofdontlading die de feitelijke bliksem vormt.
Zodra het voorkanaal een bepaald punt vlak boven het aardoppervlak heeft ‘gekozen’, kan de hoofdontlading zijn gang gaan. Deze ontlaadt zich van de grond naar de wolk! De elektrische stroom loopt immers van plus naar min. Dit gebeurt met een snelheid van 10.000 kilometer per seconde waarbij in 1 op 10.000ste van een seconde de temperatuur zo’n 30.000 graden oploopt. Er loopt dan ongeveer 20.000 Ampére aan stroom tussen aarde en wolk om een potentiaalverschil van miljoenen volts te vereffenen. Na de felle bliksemstraal, horen we vanaf enige afstand ook een donderslag.
Het geluid van onweer wordt veroorzaakt doordat de lucht zeer snel opwarmt. Als reactie zet de lucht uit en krimpt vlak daarna weer in. Er lopen vervolgens direct daarna geluidsgolven weg met een snelheid van 330 meter per seconde. Een goede vuistregel is dat iedere 3 seconden tijdsverschil tussen bliksem en donder een afstand van 1 kilometer tot de inslag inhoudt. De reden dat het geluid van de donder vaak zo onregelmatig tot ons komt, is dat geluidsgolven reflecteren op allerlei oppervlakken en uiteindelijk als een complex patroon ons oor bereiken.
Wegrennen voor bliksem heeft geen zin. De bliksem zoekt altijd het hoogste en het best geleidende punt op z’n weg naar het aardoppervlak. Als je in het open veld staat levert dat een direct gevaar op. Het beste in een dergelijk geval is om je zo klein mogelijk te maken door gehurkt op de grond te gaan zitten met de benen dichtbij elkaar. Ook het zoeken van een greppel kan zinvol zijn, mits daar geen water in staat, want water is juist weer een goede stroomgeleider. In de bergen moet je spullen die goed geleiden, zoals pikhouweel, ijsbijlen, skistokken en bergtouw af leggen. Hoe minder je geleidt, des te kleiner is het gevaar. De beste schuilplaats buitenshuis is de auto die een zogenaamde “Kooi van Faraday” vormt op zijn rubberen banden.
Beoordeel dit verhaal en/of stuur een reactie. -
