Nieuwe finishboog eert mytische Elfstedentocht

Vandaag wordt de nieuwe boog over de Bonkevaart onthuld. Een ode aan Nederlands grootste sportevenement.

In Friesland, op de Bonkevaart net buiten Leeuwarden, wordt vandaag een nieuwe boog boven de finish van het Elfstedentochtparcours onthuld. De boog stelt de helft van het Elfstedenkruis voor. De andere helft krijg je erbij door de reflectie in het water, of op het ijs, als dat er is. Met het onthullen van de boog, die er overigens al een tijdje staat, krijgt de Elfstedentocht een finishplaats die het hele jaar door gemarkeerd is. En eigenlijk ook een soort monument, zoals er in het Friese landschap meerdere plaatsen zijn waar de Elfstedentocht min of meer geëerd wordt.

Zonder enige twijfel is de Elfstedentocht het grootste en ook belangrijkste sportevenement dat we in Nederland hebben. Met name als gevolg van de barre tocht van 1963, toen van de bijna 10.000 gestarte deelnemers er slechts 126 binnenkwamen, hebben evenement en de toenmalige winnaar Reinier Paping een bijna mythische status gekregen. Een ander, niet te onderschatten onderdeel van het succes is dat de Tocht bijna nooit meer wordt gehouden. Sinds die tocht van 1963 is het nog 3 keer gelukt: in 1985 en 1986, en – voor het laatst – op 4 januari 1997. Straks op 4 januari 2020 is dat dus 23 jaar geleden. Nooit eerder zat er zo’n lange tijd tussen Elfstedentochten.

De magie

Mensen van 25 jaar en jonger hebben waarschijnlijk geen idee meer waar de magie van de Elfstedentocht vandaan komt. Ze kennen de spanning niet die door het land gaat, als de vorst heeft toegeslagen en de vorstperiode een echt lange lijkt te worden. Of de opstekende Elfstedenkoorts, gepaard gaand met al die speculaties over óf en zo ja wanneer de Tocht kan worden gehouden. En wat te denken van de goed bedoelde raadgevingen uit heel het land aan de organisatie, die dan in Friesland weer met nuchterheid en soms ook gehoon worden ontvangen. Want laat de rest van Nederland zich nu niet met de Elfstedentocht bemoeien, die is van hen.

De rayonhoofden

Hoe vaak hebben we wel niet aan de TV gekluisterd gezeten als de rayonhoofden weer eens bij elkaar kwamen. Harmen Roeland van de NOS daarbij als wakend oog buiten, wachtend op nieuws. Nieuws dat er dan bijna nooit kwam. Je zag zorgelijk en serieus kijkende rayonhoofden naar binnen en weer naar buiten gaan. Immer wijzend op knelpunten die nog opgelost moesten worden en de strenge vorst, die nog dagenlang aan moest houden. En dan daarna beelden van ijstransplantaties in wakken die maar niet dicht wilden, planningen van klûnplekken (de plaatsen waar op de schaatsen gerend moest worden – om van de ene sloot naar de andere te gaan óf om een zwakke plek te omzeilen) en andere maatregelen die de tocht mogelijk moesten maken.

De Elfstedenaardbeving

Helemaal spannend werd het als het aantal knelpunten echt kleiner begon te worden en de eerste data begonnen rond te zingen. Als er dan weer eens een vergadering met alle rayonhoofden was, werd het druk in het perscentrum in de Frieslandhallen, het episch centrum van de Elfstedenaardbeving. Als de voorzitter zijn verklaring in het Fries begon, dan zat je gebeiteld. Begon hij in het Nederlands, dan volgde een teleurstellende mededeling. Soms werd de beslissing opgeschoven, andere keren werd meteen al gezegd dat het dit jaar niet zou gebeuren.

It sil heve

Alleen al de voorpret was een evenement op zich. Rayonhoofden van de rayons met knelpunten kwamen zo vaak in beeld, dat ze bekende Nederlanders werden. En dan nog was er geen tocht. ‘It sil heve’, zei voorzitter Jan Sipkema in 1985, toen op 21 februari de 13e Elfstedentocht werd gehouden. Voor een hele generatie was het een nieuwe ervaring. En meteen ook billenknijpen. Want in de nacht al was het in Friesland gaan dooien en de Tocht werd op nat ijs verreden. Evert van Benthem won en – hoewel het bestuur de hele dag zorgen had – ging alles uiteindelijk goed.

Kroonprins

Een jaar later kon Sipkema de Tocht opnieuw uitschrijven. Dat jaar reed – toen – kroonprins Willem-Alexander mee. Opnieuw won Evert van Benthem. Werd er in 1985 nog op nat ijs geschaatst, in 1986 was het prachtig weer en was het rijden van de Tocht voor veel mensen zelfs een plezierige aangelegenheid. Hierna duurde het 11 jaar voordat er opnieuw een Elfstedentocht kon worden verreden. Leek het er in de winter van 1996 al van te komen – toen lukte het op het nippertje niet en werd nog een onofficiële tocht gereden –, een jaar later was het op 4 januari 1997 wel zover. Het was de koudste van de drie tochten sinds 1963. Henk Angenent won, voor Erik Hulzebos.

Voortekenen niet goed

Sindsdien is aan het lange wachten geen einde meer gekomen. De voortekenen zijn niet goed. Door het veranderende weer beginnen we tegenwoordig met warmer water dan vroeger aan de winter en is er eigenlijk meer vorst nodig om aan de vereiste 15 centimeter ijs over het gehele parcours te komen. In 2012 leken we er nog dichtbij te komen. De voorgeschiedenis van nat en zacht weer gooide echter roet in het eten. Er was nog veel kwelwater en het was lastig om de gemalen uit te schakelen. Vooral in de zuidwesthoek van Friesland, maar ook in plaatsen als Harlingen lag bij lange na niet voldoende ijs om het te kunnen wagen. Wel werd het gehele parcours van sneeuw ontdaan, en dat maakte individuele tochten even mogelijk. Duizenden hebben die uiteindelijk gedaan.

Vele vragen
Een andere moeilijkheid is dat, mocht de Elfstedentocht alsnog wel een keer worden gehouden, zoveel publiek wordt verwacht dat het maar de vraag is of het evenement nog wel in goede banen te leiden is. De Koninklijke Vereniging De Friesche Elf Steden buigt zich nog jaarlijks over al deze vragen, tijdens de repetities voor de Tocht, die feitelijk ieder jaar, maar dan virtueel wordt georganiseerd. Maar het kan zomaar zijn, dat de antwoorden op die vragen nooit meer zullen worden gegeven.

Bron: MeteoGroup.