Noodweer in de Achterhoek: 'Waar is dat raam?'

Drie bijzondere weerherinneringen van Jordi Huirne, deze keer uit de Achterhoek. En daar kan het goed spoken!

Vandaag krijgt de zomerrubriek een Achterhoeks tintje, want als geboren en getogen Achterhoeker heb ik een hoop extreem weer meegemaakt in mijn kinderjaren. Zowel in de winter als in de zomer heeft het oosten landklimaattrekjes, waardoor het weer voor een ‘weergek’ als ik vaak net even wat interessanter is dan in het westen van Nederland. Niet voor niks staat het nationale kouderecord op naam van de Achterhoek en behielden ‘we’ ook bijna het warmterecord deze zomer.

Als je opgroeit op een boerderij midden in de Achterhoek, zit je dagelijks écht in het weer. Als tiener moest ik tussen 2005 en 2011 dagelijks ruim een half uur fietsen op weg naar school van Ruurlosebroek naar Groenlo. En het leuke was, in die tijd had je nog traag of helemaal geen mobiel internet en werd zelfs ik nog regelmatig prettig verrast door het weer.

Sneeuwdump in bijna warmste herfst ooit

We gaan even terug in de tijd, naar de brugklas. Het was de vroege, donkere en druilerige ochtend van 25 november 2005. Met een groep vrienden fietste ik als 12-jarig jochie rond 8 uur door Beltrum in de richting van Groenlo. De eikenbomen langs de weg waren deels nog steeds groen en dat was opmerkelijk voor eind november. Het was in de Achterhoek immers met gemiddeld 11,4 graden (Hupsel) de op twee na warmste herfst ooit gemeten, alleen in 1949 en in 1982 was het op het toenmalige weerstation in Winterswijk nog 0,2 graden warmer.

Warm was het overigens die beruchte ochtend niet meer, de temperatuur lag slechts 1 graad boven het vriespunt en we moesten door de stromende regen fietsen. Verder hadden we ‘de wind voor’, zoals we dat zeggen in de Achterhoek. En dat was geen pretje, tegen een vrij krachtige en waterkoude zuidwestenwind in fietsen.

Het mooie aan die tijd was dat mobiel internet nog niet bestond naar mijn weten, sterker, ik had nog niet eens een telefoon. Ook radarbeelden waren niet of zeer beperkt beschikbaar. Als weerliefhebber moest je het hebben van teletekst, TV en de radio. Het zou deze dag echt herfstweer worden met flink wat wind, regen en natte sneeuw.

Winterse verassing!

Tijdens de fietstocht valt de regen met bakken uit de lucht, iedereen heeft regenpakken aan en we komen maar moeizaam vooruit door de wind. Ik denk dat er om 8 uur al zo’n 20 mm is gevallen. Plots, werkelijk uit het niets, vallen enorm dikke watten uit de lucht. Huh? Wat is dat? De eerste sneeuw van het winterseizoen is altijd iets om naar uit te kijken, maar dit was toch wel de mooiste verrassing van mijn leven op dat moment. Ik weet nog precies waar het was, een paar honderd meter vóór Groenlo. Mijn mond viel open van verbazing toen de zware regen binnen 1 minuut overging in zware sneeuw. Het zicht verslechterde en binnen 5 minuten was het compleet wit, ondanks bakken water die waren gevallen. Het duurde niet lang of het werd spekglad en de eerste valpartij was al bijna een feit.

Toen we om kwart over 8 op school aankwamen lag er een gesloten sneeuwdek en het bleef zwaar sneeuwen. De temperatuur was inmiddels in korte tijd gedaald tot het vriespunt en bleef daar ook de rest van de dag op liggen. Vrienden van mij moesten lachen omdat ik ernaast zat met mijn weersverwachting (ik werd toentertijd al als weerman van het dorp gezien) en wisten zelf ook niet wat ze zagen.

Jordi, let eens op!
Je raadt het al, als weergek is het op zo’n dag lastig om bij de les te blijven. Het bleef maar sneeuwen, de hele dag door. Rond het middaguur lag er al een dik pak op het schoolplein en knapten de eerste takken van de bomen door het gewicht van de zware natte sneeuw. Na de wiskundeles aan het eind van de middag mocht ik dan eindelijk naar huis. Zo snel als ik kon vluchtte ik naar buiten, het was geweldig! Er lag een pak sneeuw van 20-25 cm en door de wind waren er tegen de muren sneeuwduinen tot een meter hoog ontstaan. Mijn fiets was bedolven onder een sneeuwduin en kon ik bijna niet terugvinden. Samen met een vriend probeerde ik naar huis te komen. Fietsen bleek onmogelijk, omdat de plakkerige sneeuw aan de fietsbanden bleef kleven en zelfs tijdens het lopen vormde zich een klomp sneeuw onder je schoenen.

Het was natuurlijk chaos in Groenlo, wegen waren onbegaanbaar omdat sneeuwschuivers niet fatsoenlijk konden schuiven. Wegen lagen bezaaid met takken en her en der waren zelfs hele bomen gescheurd door het gewicht van de sneeuw. Achteraf levensgevaarlijk dat wij het nog 3 kilometer hebben volgehouden, lopend met de fiets onder de bomen door. Net buiten Groenlo hebben we bij de eerste beste boerderij aangebeld. Daar kregen we warme chocolademelk en kon ik via de huistelefoon mijn moeder bellen. Het duurde 2 uur voordat zij ons had bereikt! Uiteindelijk lag er ruim 25 cm tegen de avond en stopte het te sneeuwen. Er was in de omgeving 60 tot 90 mm aan neerslag gevallen. Door het enorme gewicht van de sneeuw was het sneeuwdek de volgende ochtend gehalveerd. De natuur had echter zwaar geleden. De laatste dagen van november lag de temperatuur dag en nacht enkele graden boven het vriespunt en in december was van winterweer geen sprake met maxima van een graad of 9. Toch bleven de enorme sneeuwhopen liggen tot na Kerst.

Vijf jaar later

Amper vijf jaar later was het opnieuw extreem weer in de Achterhoek. Nu niet in de winter, maar in de zomer. Elke onweerliefhebber herinnert zich het trio 10, 12 en 14 juli 2010 nog wel. Een week lag Nederland op het grensgebied tussen koele oceaanlucht en tropische hitte boven het Europese vasteland. Daar overheen denderde de straalstroom en dat zorgde regelmatig voor explosieve situaties in de oostelijke helft van Nederland. Zo was ik met vrienden op 10 juli al op jacht gegaan naar onweersbuien. We kwamen in Nistelrode midden in een zogenaamde supercel terecht, die hagelstenen van 4 cm losliet op onze auto. Maar het mooist blijft toch noodweer thuis meemaken.

Op 12 juli gingen mijn vrienden opnieuw ‘storm chasen’. Ik kon niet mee, omdat ik die middag moest werken. Ik baalde natuurlijk als een stekker. Zul je net zien dat zij wat geweldigs meemaken en ik niet! Als 17 jarige kon ik dat soort dingen nog moeilijk loslaten, maar het was niet anders. Het was een broeierige ochtend en de temperatuur ging als een raket omhoog. Even voor 12 uur gaf mijn weerstation in de wei 28,7 graden aan. Circa 10 km oostwaarts gaf weerstation Hupsel op dat moment al 30,7 graden aan en net over de grens in Duitsland was het 34 graden. In Ruurlosebroek werd het al bewolkt door de eerste onweersbuien die waren ontstaan. Deze trokken echter ten westen van de Achterhoek langs. De wind draaide door de uitstroom van koude lucht uit deze buien (outflow) van zuidoost naar west.

Squall line komt u maar!

Ik stond een tijdje in de wei te genieten van de woelige luchten. Op dat moment ontstond ten zuiden van de Achterhoek binnen een mum van tijd een zeer heftige buienlijn, in de VS ook wel squall line genoemd.  Deze lijn trok met een rotvaart van zuid naar noord over de Achterhoek en ging gepaard met zeer zware windstoten, slagregens en lokaal ook grote hagel. Op de Zwarte Cross, die nog in aanbouw was, werd enorme schade aangericht en iets verderop in Vragender stortte een kerktoren in. Vervolgens kwam Ruurlosebroek aan de beurt…

Boom voor boom

Op dat moment was iets verder naar het noorden in Ruurlosebroek nog niks aan de hand. Wel viel mij op dat de wind naar het noordwesten begon te draaien, dat was vreemd. Plots doemde vanuit het zuiden een groengele lucht op. Het was een kleur die ik nog nooit had gezien, het werd zelfs een stuk lichter. De groengele lucht werd begrensd door een lange wolkenkraag, een zogenaamde Arcus. Het opmerkelijke was, dat ik de kolkende lucht op mij af zag komen en in de verte al zag bewegen. De squall line had een snelheid van tegen de 100 km/u. De wolkenboog kwam steeds dichterbij en de lucht werd maar groener en geler. Ondertussen was de wind nog steeds noordwest. Je voelde dat de bui de warme lucht letterlijk opzoog. Dat duurde niet lang, want in de verte hoorde je een enorm gesuis aankomen en dit geluid werd harder en harder. Ik keek naar de populierenrij ten westen van de boerderij langs ons weiland. De populierenrij liep in zuidelijke richting en ik zag in de verte van populier tot populier de wind omklappen van noordwest naar zuidzuidoost. Zoiets had ik nog nooit gezien. Het was ook geen zwak windje, maar een volle storm stak op!

Ik had met mijn mobiele telefoon al veel foto’s gemaakt en begon nu snel te filmen. Ondertussen begon het zicht in zuidelijke richting te verdwijnen en kwam er een muur van water en wind op mij af. De Arcus kolkte recht boven mijn hoofd en de lucht werd grijs, groen en geel. Ik rende snel vanuit de wei de achtertuin in en de eerste valwinden vielen de tuin binnen. Zo heftig had ik het nog nooit meegemaakt. Normaal was ik met onstuimig weer juist buiten, maar dit was toch wel een beetje eng.

Oma in paniek
Naast mijn ouders, broertje en zusje, woonde toentertijd ook mijn oma nog bij ons op de boerderij. Die zag de bui wel hangen, want ze wist dat ik met storm altijd naar buiten ‘stormde’. Ze schreeuwde dat ik meteen binnen moest komen, dus voor deze keer luisterde ik toch maar even. Toen we eenmaal binnen waren zagen we niets meer door de ruiten in zuidelijke richting, dus ik rende snel naar de noordkant van het huis om vanuit binnen verder te filmen. Oma raakte in paniek want ze dacht dat ik weer naar buiten wilde gaan, maar dat deed ik toch maar niet. Inmiddels kwam ook mijn zusje bij mij staan en die was ook behoorlijk opgewonden. Ik keek mijn ogen uit naar het noodweer, het zicht liep helemaal terug tot onder 50 meter en zeer zware windstoten beukten op de boerderij.

Waar is dat raam???

Ondertussen moest mijn moeder abrupt het koken onderbreken om alle ramen in het huis dicht te doen. Omdat regen normaal gesproken vaak uit de westhoek komt, deed ze de ramen aan de westkant van het huis eerst dicht. Maar dit noodweer kwam uit het zuidzuidoosten. Toen ze naar haar slaapkamerraam ging, bleek er geen raam meer te zijn! De eerste beste rukwind had het complete kozijn uit de muur gerukt en in de tuin gesmeten. Beneden stonden wij te filmen. Ik hoor mijn moeder nog schreeuwen tegen ons: “Waar is dat raam? Waar is dat raam?”. Het duurde even voordat het binnendrong. Ondertussen lagen de bomen bijna met de toppen op de grond, zo hard waaide het.

Pok, pok, pok
De trampoline in onze voortuin, de noordzijde van het huis en dus in de windluwte, is een speeltje van de wind geworden. Mijn moeder ziet vanuit de woonkamer dat de wind de trampoline oppakt en het dak op smijt. Vervolgens komt het hele gevaarte met veel lawaai van het dak af kletteren en zo gaat het een paar keer over. Ik weet niet waar ik uit enthousiasme heen moet gaan en vlieg naar mijn slaapkamer, de westkant van het huis. Daar zie ik niets. Maar dat duurt niet lang, want opeens begint de wind af te nemen en naar het westen te draaien. Het zicht wordt beter, zou de bui afgelopen zijn? Ik hoor opeens ‘pok, pok, pok’ tegen het raam. Zomerhagel! Ook dat stond altijd nog op mijn weerkundige verlanglijstje. Het lawaai neemt toe en er vallen hagelstenen van circa 2 cm uit de lucht. Na een minuut of 5 is het noodweer voorbij.

Uiteraard staat noodweer, laat staan hagelstenen, niet op het verlanglijstje van mijn vader, melkveehouder. Alle lichtplaten op de boerderij zijn kapotgeslagen en mais nabij de boerderij is vernield. Dat gaf natuurlijk wel een dubbel gevoel. Overigens hadden wij met die hagel wel bijzonder veel pech (of geluk). Het was een kleine strook precies over onze boerderij. Bij onze buren, één kilometer naar het zuidoosten, was geen hagelsteen gevallen.

Scheve windmeter
In de zomer van 2010 had ik nog geen professioneel weerstation midden in de wei zoals dat nu het geval is. De windmeter had ik bevestigd op het dak van ons huis, maar deze was scheef gewaaid en noteerde slechts een windstoot van 88 km/u. De zwaardere stoten zijn dus niet geregistreerd. De temperatuur was gekelderd van afgerond 29 graden naar amper 18 graden en er was 28 mm gevallen in minder dan 30 minuten. Overal in de nabije omgeving zijn bomen omgewaaid of takken afgerukt. Ik verwacht dat mijn huidige weerstation, midden in de wei, windstoten van 120 km/u zou hebben gemeten. Weerstation Hupsel noteerde namelijk al een windstoot van 104 km/u en een hoogste windsnelheid over 10 minuten van 9 Beaufort, terwijl daar minder stormschade was. 

Geen goed jaar voor de boeren
Dat het jaar 2010 qua oogst geen goed jaar was voor de Achterhoekse boeren, maakte de maand augustus duidelijk. Nadat het in juni nog kurkdroog was en in juli vooral heftige buien overtrokken, stopte het in augustus niet meer met regenen. Aan het eind van de maand was al ruim 130 mm regen gevallen. En dat bleek nog niet eens de halve maandsom te zijn. Er viel donderdag 26 augustus namelijk 133 mm en verderop in Lievelde is 153 mm afgetapt.

Wolkbreuk
Net als de voorgaande gebeurtenissen was ook dit weer een grote verrassing. Het regende in de ochtend al van tijd tot tijd flink door een slepend front. Het front regende als het ware leeg in een strook van de Randstad naar Twente en de Achterhoek. Soms was het even droog, dit was ook het geval toen ik naar huis fietste van school. Eenmaal thuisgekomen begon het weer te plenzen en af en toe kwam het echt met bakken uit de hemel.

Rond 16 uur had ik 80 mm in de regenmeter en dat was al een persoonlijk record. Het bleef maar regenen en de landelijke slootjes begonnen te overstromen. De pinken in onze wei liepen door het water en werden snel naar binnen gehaald. Rondom de boerderij stond alles blank, putten konden het regenwater niet meer kwijt. Na het avondeten haalde ik de magische grens van 100 mm en rond middernacht kwam ik op 133 mm uit.

Ruurlosebroek aan zee!
De volgende ochtend fietste ik naar school door een kletsnat landschap. Het riviertje de Slinge was binnen 24 uur meters gestegen en veranderd in een kolkende rivier die zelfs over de dijk lekte. Ook raakte het water de brug aan. Niet alleen in de Achterhoek viel meer dan 100 mm, net over de grens in Duitsland was ook 150 mm gevallen. Dat water kwam op de 27e augustus allemaal de Achterhoek binnen.

Toen ik de vrijdag naar huis fietste stond de hele zandweg achter de Slinge, richting onze boerderij, onder water en kwam een krachtige stroom water over de dijk. Dat water stroomde de weilanden in en binnen een mum van tijd stond werkelijk alles onder water. De boerderij van mijn ouders ligt wat hoger en hield het nog net droog, maar in de weilanden stond het water hier en daar een halve meter hoog! Het duurde twee weken voordat het (inmiddels bruin gele) gras weer tevoorschijn kwam en de mais kon pas aan het begin van de winter worden gehakseld. Ook dit was een gebeurtenis die ik nooit meer zal vergeten en wellicht nooit meer zal meemaken.

Bron: Jordi Huirne, MeteoGroup.