Hittegolf heeft zomer doen kantelen

Begon de julimaand nog met twee relatief koude weken, de hittegolf van vorige week heeft dat beeld volledig doen kantelen. Wat zit er deze warme zomer nog meer in het vat?

De hitte van de laatste week heeft ervoor gezorgd dat de temperatuurachterstand, opgebouwd in de eerste twee weken van juli, nu meer dan is weggewerkt. Op basis van de verwachtingen van dit moment koersen we in juli op een gemiddelde temperatuur van rond 18,8 graden af, bijna een graad boven normaal en goed voor een positie in de top 15 van de lijst met warmste julimaanden ooit. De zomer staat nu op een gemiddelde temperatuur van 18,4 graden, goed voor een vierde plaats op de lijst van warmste zomers ooit. Wel liggen we gemiddeld 0,6 graden achter op de zomer van vorig jaar, die uiteindelijk tot de warmste ooit uitgroeide.

Een paar weken geleden publiceerden we op deze site een eerste evaluatie van de zomerverwachting voor dit jaar. Toen was het al een paar weken relatief koud in Nederland. Inmiddels is dat beeld dus gekanteld en koersen we, ondanks de relatieve kou in de eerste twee weken, toch op een warme julimaand af. Met een hittegolf die we niet snel zullen vergeten. Nog even voor het geheugen: wat stond er ook alweer precies in de zomerverwachting?


Warm en droog

Hogedruk in het noorden zou lagedrukgebieden in onze omgeving tegenhouden, zo stond in ons verhaal op 28 maart te lezen. Dit zou uitmonden in een warme en droge zomer, met de nadruk op de julimaand. Tegelijkertijd zouden de Britse eilanden in juli mogelijk al onder de invloed van lagedrukgebieden boven de Oceaan terechtkomen en was er een gerede kans dat de westkant van het Europese continent in augustus in toenemende mate met wisselvalligheid te maken zou krijgen.


Als belangrijkste drijver voor het warme zomerweer in Europa werd een positieve NAO-index gezien. De NAO-index wordt positief als de luchtdruk bij de Azoren hoog is en in de buurt van IJsland relatief laag. Is dat het geval, dan splitsen zich van het hogedrukgebied bij de Azoren steeds weer nieuwe hogedrukcellen af, die over onze omgeving naar het noordoosten trekken en boven Centraal- en Noord-Europa terechtkomen. Het is de situatie die we vorig jaar zomer lange tijd hadden.


Onzekerheden

Er werden ook een paar aanmerkingen gemaakt, die niet in ons verhaal van maart zijn meegenomen. Zo gaven de deskundigen van World Climate Service aan dat de warmte en de droogte in de zomer van dit jaar zich minder ver naar het westen en noorden zouden uitstrekken dan vorig jaar. Toen deden de Britse eilanden en Scandinavië nadrukkelijk mee. Voor de zomer van dit jaar werden deze twee gebieden echter grotendeels buiten het warme en droge gebeide gehouden.


Voor het westen van het Europese continent hield dit automatisch een risico in. Want wat als het koelere en nattere gebied boven de Britse eilanden nu een klein beetje groter werd dan gedacht? Dan zou ook de westrand van het Europese continent gaan meedoen. Dit scenario werd met een 20 procents kans in de verwachting opgenomen. Belangrijkste drijver zou in dat geval niet een positieve, maar een negatieve NOA-index zijn. Met relatief hoge luchtdruk in de buurt van IJsland en relatief lage barometerstanden in de omgeving van de Azoren. Wat je dan vaak ziet in de zomer is dat er op de Oceaan voor de Europese westkust een langgerekte trog komt te liggen.

Een andere onzekerheid, samenhangend met het voor ons somberdere zomerscenario, was de vraag waar de as van de hogedruk terecht zou komen. Het maakt voor het weer in Nederland veel uit of de hogedruk boven Centraal-Europa (met bij ons zuidelijke winden als gevolg), Noord-Europa (met bij ons oostelijke winden) of in de buurt van IJsland (met bij ons noordelijke winden) ligt. De zuidelijke variant levert warm weer op, met regelmatig onweer. De oostelijke variant is het best met die van de zomer van 2018 te vergelijken en de noordelijke variant is veel koeler en kan, afhankelijk van waar het hogedrukgebied dan precies ligt, uiteindelijk ook wisselvalliger zijn.


Hoe staat het ervoor?
Inmiddels weten we dat de NAO-index deze zomer, op een klein moment (in de aanloop naar) vorige week na, voortdurend negatief is geweest. Dit betekent dat er relatief gezien wel sprake was van een noordelijke hogedruk, maar op een andere positie (namelijk westelijker) dan de plek waarvan de zomerverwachting was uitgegaan. Toen de NAO-index toch even positief werd (vorige week), splitste zich meteen een hogedrukcel van het Azorenhogedrukgebied af. Vrijwel meteen daarna herstelde de lagedruk zich ten westen van onze omgeving, naar analogie van de situatie die we vrijwel steeds gedurende deze zomer hebben gehad. Het was de combinatie van die lagedruk in het westen en het hogedrukgebied boven Centraal-Europa, die de hitte van vorige week naar ons toe bracht.

Hittegolf eindigt

Omdat het in De Bilt gisteren geen 25 graden is geworden, is de hittegolf daar inmiddels voorbij. Dat geldt eigenlijk voor de hele zuidwestelijke helft van Nederland. In de noordoostelijke helft van het land houdt de hittegolf vandaag en morgen nog aan, daarna lijkt hij ook hier op te houden. Daarbij is er de afgelopen dagen vooral in het zuiden veel regen gevallen. In het noorden en oosten, nog steeds horend bij de droogste gebieden van Nederland, viel vrijwel niets. Met een gemiddeld neerslagtekort van 173 millimeter hoort de zomer dit jaar niet bij de 5 procent droogste jaren van de meetreeks, zoals vorig jaar wel het geval was. Ondanks dat zijn de tekorten op veel plaatsen groot, zeker als je bedenkt dat ze bovenop de droogte van vorig jaar komen, die nooit is weggewerkt.


Hoe gaat het verder?

Inmiddels lijkt het erop dat de NAO-index de komende tijd sterk negatief wordt. Het hogedrukgebied komt bij IJsland en Groenland te liggen, waar het even erg warm wordt. Lagedrukgebieden bij ons volgen een tamelijk zuidelijke koers en zorgen ervoor, zoals het nu lijkt, dat het weer de komende tijd iets wisselvalliger en voor wat de temperaturen betreft eerder gematigd zal verlopen. Voordat het zover is, hebben we vandaag en morgen nog wel zomerse omstandigheden met morgen temperaturen die in een deel van het land nog tot (tegen) 30 graden kunnen oplopen.


Wat gebeurt er in augustus?

Voor de afloop van de zomerverwachting ligt er nu de vraag wat er in de augustusmaand gaat gebeuren. Keren we inderdaad terug naar het wisselvalligere weerbeeld, met wat gematigdere temperaturen, zoals de verwachting aangeeft? Of gaan we door op het warme en relatief droge pad, zoals we dat in de eerste twee maanden van de zomer hebben gevolgd? Ook al was dat dan met een veel koudere onderbreking die toch een aantal weken in beslag nam. We gaan het zien.


Alle elementen zitten erin

Wat in elk geval duidelijk is, is dat de zomer anders is verlopen dan die van vorig jaar, vooral door het koude weer in de eerste helt van juli en ook omdat er op gemiddeld meer regen is gevallen. In de oostelijke helft van het land, is de droogte in grote lijnen wel vergelijkbaar met die van 2018. Daarmee zaten alle in de zomerverwachting genoemde elementen er wel in. Al is de verdeling (en ook het gewicht) wel duidelijk anders dan oorspronkelijk in de verwachting aangegeven.

Bron: MeteoGroup.