Na de IJsheiligen warmer

De wind keert terug in de frisse noordhoek, in het weekend en maandag. Precies met de IJsheiligen wordt het kouder. Daarna gloort warmer lenteweer.

De IJsheiligen gaan hun naam eer aandoen, zo is de verwachting. In de nachten kan het vooral aan de grond regionaal vriezen. In de loop van volgende week is het overdag vrij warm lenteweer. We zien een blokkade op de weerkaarten verschijnen.

Naamdagen
Komende zaterdag, 11 mei, is de naamdag van de eerste IJsheilige Sint Mamertus. Zondag, moederdag 12 mei, hebben we Sint Pancratius, maandag 13 mei Servatius van Maastricht en dinsdag 14 mei Bonifacius. Bij ons en ook in enkele andere landen, waaronder Duitsland, Hongarije en Zwitserland, wordt ook 15 mei nog tot de IJsheiligen gerekend, genaamd Sophia, ofwel ‘koude Sofie’. Deze laatste dateert uit de elfde eeuw, toen Sophia beschermelinge van de vorst was. In het Alpengebied werden toen op die dagen vuren ontstoken voor bescherming tegen de vorst.

Juli en augustus vrijwel zonder nachtvorst

Abrupte temperatuurveranderingen, die onder andere het gevolg zijn van het nog relatief koude zeewater, zijn kenmerkend voor de lente en kunnen ook in juni nog geregeld voorkomen. Het is bijzonder dat nog later in de lente/voorzomer temperaturen onder nul worden gemeten, maar dit gebeurt soms nog wel. Zo kwam het in 2006 in de nacht van 2 op 3 juni nog tot nachtvorst, in 2008 vroor het aan de grond in de nacht van 23 op 24 juni en in 2013 kwam het kwik in de nacht van 25 op 26 juni nog in de min. Eigenlijk zijn de enige 'nachtvorstvrije' maanden in ons land juli en augustus, al kan het ook dan heel soms bij heldere, rustige situaties - in die enkele erg frisse zomernacht - in vooral een duinpan tot vorst aan de grond komen.

Hoe koud wordt het?
Vorst aan de grond is in de nacht naar zaterdag lokaal mogelijk, vooral in het heldere noorden. In het zuiden kunnen nog wolkenvelden en 'restbuien' voorkomen en dit staat een sterke afkoeling in de weg. De drie nachten hierna kan het op grotere schaal flink afkoelen, met en door de aanvoer van frisse lucht en weinig of geen wolken. De zogeheten grasminima, die we meten op 10 centimeter, komen dan her en der onder nul uit: ongeveer -2 graden is haalbaar. Misschien dat er ook een paar weerstations zijn die op 1,5 meter (nipt) vorst noteren. Dus vorst in de thermometerhut. Waarschijnlijk zijn dat de meetpunten op zandgrond, zoals Twenthe. Maar op windluwe plaatsen in de duinen, in een duinpan, kan het ook altijd sterk afkoelen in dit soort situaties. En de middagtemperaturen? Die komen dit weekend op schamele waarden voor de tijd van het jaar uit: 11 tot 14 graden, maandag is het ook nog zo fris. Hierna warmt het op.

Geblokkeerde luchtdruksituatie
Vrijdag en zaterdag is nog wisselvallig. Dit heeft ook te maken met de aanvoer van vrieslucht op 5,5 km hoogte. In de nacht naar zondag en zondagochtend is de bovenlucht het koudst. Vanaf zondag gaat de luchtdrukverdeling overigens op de schop. Een sterk hogedrukgebied krijgt op grote hoogte een ferme uitloper naar onze omgeving. Dit gaat samen met een hoeveelheid relatief warme lucht op die hoogte. Aan de grond schuift een hogedrukgebied via het Verenigd Koninkrijk naar de Noordzee. Het blokkeert de weg voor storingen met regen/buien. Het verdere gevolg is bij ons noordoostelijke stroming met aanvoer van warmere en droge lucht, al kan af en toe ook een wolkenveld van boven de Noordzee worden aangevoerd en ontstaan landinwaarts stapelwolken. Maar over het algemeen is het vanaf zondag een tijd droog (neerslagtekort loopt verder op....) met veel zonneschijn. Het warme weer komt vooral na dinsdag. Er komen twintigers in zicht. Met meer noordelijke bries is het aan zee en op de Wadden telkens koeler. Een blokkade kan een tijdje aanhouden, maar of het meer dan een week stabiel en droog lenteweer is, moet worden afgewacht.

Bron: MeteoGroup.