Zomers begin van de herfstvakantie

Tropische orkaan Ophelia wakkert het nazomerweer in de Benelux aan.

Wie had gedacht dat de zomer dit jaar als een nachtkaars zou doven, heeft het mis. Tropische orkaan Ophelia wakkert de figuurlijke zomerkaars in West-Europa namelijk weer aan. De thermometer kan komende maandag op een enkele plek in ons land zomaar de zomerse 25 graden aantikken. En dat halverwege oktober. Hoe anders was dat twee jaar geleden…

In de weerkunde wordt vaak gesproken over de ‘normale’ waarde als het gaat om bijvoorbeeld de temperatuur. Daarmee wordt het klimatologisch gemiddelde bedoeld, ofwel een berekend gemiddelde over een tijdvak van dertig jaar. De ‘normale’ waarde suggereert dat een hogere of lagere temperatuur dan de norm als abnormaal gezien wordt. In werkelijkheid komt het echter vrijwel nooit voor dat het weer zich op een willekeurige dag exact aan de ‘normale’ waarden houdt. De warmte van de komende dagen is daar een mooi voorbeeld van.

Subtropische warmte naar Nederland
Dat de lucht in ons land tijdens het weekeinde flink opwarmt is inmiddels geen nieuws meer. Al de hele week reppen we er over en ook in diverse andere media is er veel aandacht aan besteed. De West-Europese warmte wordt veroorzaakt door een flink meanderende straalstroom, waarbij ons land aan de warme kant van een zuidelijk uitslaande staande golf terecht komt. Deze zogenaamde grootschalige hoogtetrog is mede ontstaan door de zeer noordelijke gelegen hurricane Ophelia.

Aan de oostflank van de zojuist genoemde hoogtetrog, komt een bijzonder langgerekte zuidzuidwestelijke bovenstroming naar West-Europa tot stand. Van origine subtropische lucht vanuit de regio van de Canarische Eilanden, stoomt dit weekeinde daarmee gemakkelijk tot onze omgeving door. De middagtemperaturen lopen daardoor langzaam verder op met op maandag de waarschijnlijk de hoogste waarden.

Plaatselijk 25 graden
Een deel van de warme lucht bereikt ons vandaag al. Ondanks vrij veel wolkenvelden weet het kwik op de meeste plaatsen toch al te stijgen tot tussen 17 en 20 graden. Morgen neemt het aandeel wolken vanuit het zuiden merkbaar af, zodat de zon steeds beter uit de verf komt. De warme grens van 20 graden zal daarom morgen op meer plekken gehaald of iets overschreden worden.

Zondag en maandag verlopen zonovergoten met hoogstens wat dunne sluierbewolking of een paar onschuldige wolkjes. Ook in Friesland kan het dan 20 graden worden. Verder zuidwaarts wordt het nog wat warmer. Vooral op maandag kan het boven de droge zandgronden van Oost-Brabant en Noord-Limburg mogelijk 25 graden worden. En dat terwijl de ‘norm’ daar voor die fase van het jaar rond slechts 15 graden ligt!

Records?
De verwachte maximumtemperaturen komen dus circa tien graden boven het langjarig gemiddelde uit. Dat is weldegelijk extreem te noemen, al zijn flinke uitschieters van alle tijden. Een abnormaal hoge of lage temperatuur kan zo geredeneerd toch heel normaal zijn.

Bij dergelijke afwijkingen van het langjarig gemiddelde wordt logischerwijs al snel gedacht aan records. In de ruim honderdjarige meetgeschiedenis is het in oktober echter nog wel eens warmer geweest dan 25 graden. Het absolute oktoberwarmterecord staat op naam van Maastricht. Daar werd het op 10 oktober 1921 maar liefst 28,7°C. Voor het landelijk KNMI-hoofdstation in De Bilt staat de recordwaarde op 26,5°C, gemeten op 4 oktober 1983. Het ziet er niet naar uit dat deze records verbroken zullen worden. Kijken we puur naar de tweede decade van oktober (11-20 oktober) dan staat het warmterecord voor De Bilt op 23,6°C (13 en 15 oktober 1990). Volgens de huidige inzichten zou dit record op zondag of maandag nipt verbroken kunnen worden.

Koude uitschieters
Dat de temperatuur ook flink lager dan de ‘normale’ waarde uit kan pakken, bleek onder meer twee jaar geleden. Op 13 oktober 2015 blies een ijskoude noordoostenwind zeer koude lucht onze landsgrenzen binnen. In het oosten en zuidoosten bleef het kwik die dag op sommige plekken onder 5 graden steken (Heino bijvoorbeeld had een maximumtemperatuur van 4,8°C!), goed voor verscheidene decadekouderecords. Een dag later kwam het in de Zuid-Limburgse heuvels zelfs tot het eerste prille sneeuwdekje. In Maastricht werd het niet warmer dan 4,0°C!

In 2004 werd het in oktober nog een stuk kouder. Op de 24e vroor het ’s ochtends in Enschede maar liefst 8,5 graden. Dat is nog altijd de landelijk laagste oktobertemperatuur uit onze metingen. Ook op die dag kwam het op meerdere plekken tot sneeuwbuien.

Ook verder terug in de geschiedenis liet de winter zich soms vroegtijdig zien. Exact 42 jaar geleden, op 13 oktober 1975 werden veel Nederlanders verrast door de nog altijd vroegste sneeuwval van het winterseizoen. Zo blijkt maar weer dat abnormale temperaturen toch best normaal kunnen zijn.

Bron: MeteoGroup, weergegevens.nl, KNMI