Heel Holland zakt

Buien worden zwaarder, de zeespiegel stijgt steeds sneller en…. in het drukst bevolkte deel van ons land blijft de bodem dalen!

Bodemdeskundigen luiden de noodklok. Dat doen ze trouwens al veel langer maar langzaam maar zeker wordt hun geluid gehoord. De bodem in een aanzienlijk deel van Nederland daalt. Deels betreft het een natuurlijk proces, maar een belangrijke bijdrage aan de bodemdaling hebben we aan ons zelf te danken. Er wordt wel gezegd: God heeft de wereld geschapen maar de Hollanders hebben hun eigen land vorm gegeven. Het zit ingeklonken in onze cultuur en ervaring. Nederlanders zijn experts op het gebied van landwinning op het water. Onze polders en dijken behoren tot het UNESCO Werelderfgoed.

Menselijk handelen

De Nederlandse bodem daalt voornamelijk in het westen en noorden. Dit proces verloopt behoorlijk snel en wordt vrijwel geheel toegeschreven aan menselijk handelen. Op de achtergrond zijn ook hele trage en zwakke geologische processen gaande van natuurlijke oorsprong, die verband houden het met einde van de laatste ijstijd. De bijdrage aan bodemdaling in het westen (en stijging in het oosten) zijn te verwaarlozen, zeker in vergelijking met de processen die wij zelf in gang hebben gebracht en houden. De bodemdaling in het noorden houdt overigens (ook) verband met de aardgaswinning.

Deltagebied

Een stukje geschiedenis. Nederland is geologisch gezien een deltagebied. De grote rivieren hebben in de afgelopen duizenden jaren enorme hoeveelheden sediment naar ons land gebracht. Op deze sedimenten kon veen zich nestelen. Uiteindelijk lag de veenlaag zelfs ruim boven het zeewaterpeil. Dat is uiteraard ook een heel natuurlijk verschijnsel. In een deltagebied ligt de grond rondom de in zee uitmondende rivieren altijd hoger dan de nabijgelegen zee. Ook de rivier zelf ligt hoger dan het gemiddelde zeewaterpeil. Alleen bij extreme stormvloed kan een deltagebied overspoeld worden door zeewater.

Kwetsbare spons

Veengebied heeft een aantal opmerkelijke eigenschappen. Het is eigenlijk te beschouwen als een sponsachtige laag die drijft op het (grond)water. Zolang het veen in het water ligt, is er niets aan de hand. Het is stabiel en het bodempeil blijft constant. Of wordt zelfs verhoogd naarmate er nieuwe sedimenten worden afgezet. Zodra veen droog komt te staan, beginnen de problemen. Als zuurstof de veenlaag kan bereiken, oxideert de laag als het ware. Bij dat proces komt CO2 vrij terwijl de veenlaag ineen schrompelt en de bodem daalt. Veen is daarmee erg kwetsbaar voor veranderingen in de waterhuishouding.

Van greppels graven naar molens

Toen de mens Nederland ging bewonen, nam de behoefte aan droog land toe. Ongeveer duizend jaar geleden leidde dit tot de eerste pogingen om de sponsachtige onbruikbare veengebieden te gaan gebruiken. In eerste instantie was het graven van greppels voldoende om het veen dusdanig te ontwateren dat er bruikbaar land werd gewonnen. In de loop van honderden jaren werd de behoefte aan land groter en uiteindelijk werden veengebieden ook met molens droog gemaald. Daarbij verschenen er ook steeds meer dijken in het Hollandse landschap. Het gevolg was dat de gronden steeds verder gingen dalen. Lag West Nederland duizenden jaren geleden boven de zeespiegel, inmiddels zijn de diepste delen gedaald tot meters onder NAP. Het laagste gelegen stukje Nederland, in de Zuidplaspolder ten noordoosten van Nieuwerkerk aan de IJssel, ligt zelfs op circa 6,76 meter onder NAP!

Stoepje ophogen

Het probleem is, dat deze bodemdaling nog altijd in een fors tempo door gaat. Immers, nog altijd worden de gebieden gebruikt voor bewoning en uiteraard ook land- en tuinbouw. Sterker nog, het gebruik van de gronden neemt nog altijd toe. Omdat er met zwaardere machines wordt gewerkt, en er ook volop wordt gebouwd (stedelijk gebied en bijbehorende infrastructuur), drukt dit als het ware nog eens extra op de kwetsbare bodem. Mensen die bijvoorbeeld in het Groene Hart van Nederland worden ondervinden de bodemdaling in de praktijk. Neem een stad als Gouda. Daar moet men om de paar jaar het stoepje bij de voordeur ophogen. Het huis is goed gefundeerd en staat stabiel, maar de omliggende tuin daalt. Met centimeters per jaar!

2 miljoen auto’s

Deskundigen luiden de noodklok. Wetenschappers tonen op congressen, geheel gewijd aan de slappe bodem, hun laatste inzichten. De problemen van klimaatverandering (onder meer extremere stortbuien en stijgende zeespiegel) worden op termijn vrijwel onoplosbaar. Dor die opwarming gaat de oxidatie van het veen trouwens ook nog eens sneller. Het broeikaseffect zelf wordt door ontvening nog eens versterkt. Het proces is een extra bron van CO2. Als je alles optelt in alleen Nederland, komt deze uitstoot overeen met de emissie van 2 miljoen auto’s! Kostenramingen om de toenemende problemen en risico’s tegen te gaan, worden geschat op om en nabij de 20 miljard euro tot het jaar 2050.

Nazomer

Na een kletsnatte start van oktober is het risico op wateroverlast de komende tijd gering. Sterker nog, later deze week krijgen we de nazomer op bezoek. Rondom een sterk hogedrukgebied dat zich nestelt op het continent, komt warme lucht vanuit Zuid Europa naar ons toe. Zaterdag moet de nazomerzon de strijd nog aangaan met nevel en laaghangende bewolking, maar in drogere lucht zou de zon op zondag wel volop de ruimte moeten krijgen. En dan krijgt het kwik vleugeltjes en wordt het aangenaam warm met temperaturen rond de 20 graden. Misschien dat het de dagen erna zelfs nog een paar graden warmer wordt! Uitleg over de opmars van warmere lucht en de rol van een stormdepressie vind je in onze weervideo van gisteren.