Lichte opwarming klimaat door afname in mist

Er komt veel minder vaak mist voor dan vroeger, maar 40 dagen ipv 80 dagen.

Afgelopen tijd was het mooi nazomerweer. Vanaf vorige week vrijdag is het al (vrijwel overal) droog en rustig weer geweest, met vooral in de middagen veel zonneschijn. De temperaturen kwamen ook geregeld hoger uit dan normaal. Zo werd het woensdagmiddag zelfs lokaal 22 graden. Normaal in deze laatste septemberweek is een graad of 18. Het lijkt wel een compensatieweekje voor alle regen en lage temperaturen die we eerder in september hadden. Toch is het niet ‘genoeg’ compensatie. De septembermaand gaat als geheel te koel en te nat de boeken in.

Compleet mistige dagen?
Ondanks het nazomerweer, is het natuurlijk wel duidelijk herfst. De zon gaat al tegen half acht ’s avonds onder, en dan koelt het snel af. De nachtperiode duurt al meer dan 12 uur, waardoor het een lange tijd is waarin mist zich gemakkelijk kan ontwikkelen. Veel wind blaast mist uit elkaar. De rustige dagen zijn dan ook perfect voor grijze omstandigheden. Dinsdag duurde het zelfs lokaal tot het middaguur voordat de mist opgelost was. Daarna bleef het op sommige plaatsen nog een aantal uren bewolkt, voordat de zon doorbrak. De zon is nu nog sterk genoeg om dat ochtendgrijs op te lossen. Het duurt echter niet lang meer, voordat we weer eens een compleet mistige dag gaan meemaken.

Veel minder vaak mist dan vroeger
Mist heeft niet alleen een rustige atmosfeer met weinig wind nodig om te ontstaan. Ook ronddwarrelende micro-deeltjes in de lucht zorgen ervoor dat vochtdruppeltjes zich gemakkelijker kunnen hechten, waardoor mist sneller tot ontwikkeling kan komen. Afgelopen tientallen jaren is onze lucht schoner geworden. Een goede ontwikkeling. En dat heeft ook invloed op het weer. Vroeger, tot circa het jaar 1985, hadden we in De Bilt gemiddeld 80 mistdagen per jaar. Een dag waarop er een uur voorkomt met zichtwaardes van minder dan één kilometer, wordt gezien als een mistdag. Dat zijn flink wat dagen, bijna 3 maanden. Inmiddels is dat een stuk minder geworden. De lucht is schoner en ook hebben we volgens het KNMI vaker een westenwind. Zeelucht is uiteraard schoner dan lucht die vanuit het Ruhrgebied met een oostenwind wordt aangevoerd richting Nederland. Zo komen we tegenwoordig uit op circa 40 mistdagen, nog maar de helft!

Lichte opwarming door afname in mist
Op een dag met mist kan het een stuk minder opwarmen. Dat zagen we dinsdag al gebeuren. Maastricht was al snel uit de grijzigheid, daar werd het 20 graden. In delen van Noord-Nederland bleef het lange tijd grijs, en daar bleef de temperatuur steken op 16 of 17 graden. De afname in mistdagen geldt niet alleen voor Nederland, maar voor een groot deel van Europa. Als logisch gevolg zien we dan ook dat een klein deel van de opwarming van Europa te ‘wijten’ is aan de afname in mistdagen.

Bezem door de atmosfeer
Veel mensen zien mist als een teken van de herfst, maar ook een stevige wind. Dat gaat niet samen. Begin oktober, vanaf zondag, naderen actieve depressies waardoor de bezem weer eens door de atmosfeer gaat. We krijgen dan een paar nattere en winderige dagen. Mist staat dan niet meer op het programma.

Bron: MeteoGroup, KNMI