Het jaar 2016 breekt opnieuw het globale temperatuurrecord

Dit jaar waarschijnlijk een wereldgemiddelde temperatuur van ongeveer 1 tot 1,2 graden boven de pre-industriële niveaus!

Het jaar 2016 loopt op zijn einde. Dat het opnieuw een recordjaar aan warmte is geweest, dat zal niemand verbazen. 

De temperatuur wereldwijd breekt dit jaar opnieuw een record. Het is nog warmer geworden dan vorig jaar. En toen werd het ook al 0,13 graden warmer dan in 2014, dat toendertijd een recordjaar was. Al jaren op rij worden records verbroken, ook dit jaar zat het in de lijn der verwachtingen. Dat betekent letterlijk dat 16 van de 17 warmste jaren in de huidige eeuw zijn voorgekomen. We zitten dit jaar waarschijnlijk op een wereldgemiddelde temperatuur van ongeveer 1 tot 1,2 graden boven de pre-industriële niveaus, tegenover 0,9 graden vorig jaar.

Mijlpaal waar je niet trots op bent
Vorig jaar gingen we al over de grens van 400 deeltjes CO2 (per miljoen). Dat was een serieuze mijlpaal, die gelukkig ook de politiek enigszins wakker schudde. In het akkoord van Parijs werd vastgelegd de opwarming wereldwijd te beperken tot +1,5 graad ten opzichte van pre-industrieel. Dit jaar zitten we wereldwijd al op +1,2 graad! In feite is dus afgesproken om vanaf nu alles te doen om praktisch géén opwarming meer te veroorzaken. 

El Niño
De belangrijkste invloeden van de hoge temperaturen waren dit jaar de El Niño (van vorig jaar) en de klimaatverandering. Uit het verleden blijkt dat een El Niño altijd heel lang na-ijlt. De opwelling van het warme zeewater op het zuidelijk halfrond veroorzaakt nog lange tijd daarna mondiaal hogere temperaturen. Vorig jaar was een El Niño jaar. De eerste helft van dit jaar, 2016, verliep ook nog bizar warm. Warmer dan je op basis van alleen klimaatverandering zou verwachten. Dat kwam dus door de naweeën van El Niño, ongeveer 0,2 van de 1,2 graden opwarming komt door El Niño. Na een aantal maanden vlakte de opwarming enigszins af en bleef eigenlijk vooral nog het verhoogde CO2-niveau de boosdoener van de opwarming, verantwoordelijk voor de overige graad aan opwarming.

Regionaal
De getallen zijn berekend op wereldwijde gemiddelden. Regionaal pakt het heel anders uit. Afgelopen maanden werd dat zeer duidelijk met bijvoorbeeld regio’s als de Noordpool en Siberië. Op de Noordpool was het ook afgelopen weken nog extreem warm voor de tijd van het jaar met temperaturen rond nul in plaats van -20 graden. Het zee-ijs heeft het daar dan ook, subtiel gezegd, moeilijk. In Siberië was het juist omgekeerd, daar was het een paar weken geleden -45 graden! De diepvrieskou leverde ook daar veel problemen op.

Europa
In Europa verloopt de opwarming ook anders dan gemiddeld wereldwijd. Dit jaar komt ons continent uit in de top 5 warmste jaren sinds 1950. Het werd 0,7 graden warmer dan normaal met een gemiddelde jaartemperatuur van 11 graden. De afwijking is hier dus minder groot wanneer we het vergelijken met het wereldwijde beeld. Niet zo gek, want het deel van de opwarming dat veroorzaakt werd door de El Niño, heeft veel meer invloed op het zuidelijk halfrond dan op het noordelijk halfrond.

Plaknachten
Plaknacht werd met recht uitgeroepen tot hét weerwoord van de afgelopen jaren. Het is dan ook een fenomeen dat steeds vaker voor zal komen in de toekomst. Ook afgelopen jaar zagen we dat vooral de nachten relatief warm waren. In een strook van Zuid-Zweden, Noord-Duitsland, Nederland tot aan de Adriatische kust van Kroatië leverde de maand juni nachttemperaturen op van circa 5 graden warmer dan normaal. Het is een fenomeen dat duidelijk terug te zien is in de data van de afgelopen tientallen jaren. Het aantal te warme nachten in de zomer stijgt nóg sneller dan het aantal te warme dagen.

Nederland
Met mogelijk drogere zomers en fors nattere winters staan ons ook grote veranderingen te wachten. De zeespiegelstijging geeft flinke uitdagingen, net zoals de extremen die we kunnen verwachten. We kregen dit jaar al een voorproefje in de vorm van hagel, zo groot als tennisballen in Zuidoost-Brabant. Dat leverde schade op waarvan de kosten uitkwamen op meer dan een half miljard euro. Dat soort weersfenomenen zullen in de toekomst vaker gaan voorkomen.

Bronnen: NOAA, NASA, WMO, KNMI, MeteoGroup