Aftakelende gletsjers

Het hoogste ski-resort ter wereld staat er treurig bij. De Chacaltaya gletsjer in Bolivia bestaat niet meer.

Het armste land van Zuid-Amerika zit op een tikkende tijdbom. Meer dan 20% van alle tropische gletsjers ter wereld bevinden zich in Bolivia. Ze zijn in rap tempo aan het smelten en dat levert grote waterproblemen op in het land. De boeren in de hooglanden kunnen hun land niet meer irrigeren. De lagergelegen steden hebben geen aanvoer meer van zoet water. Ook ontstaan er gevaarlijke smeltwatermeren die compleet onverwachts voor grote overstromingen kunnen zorgen.

Hoogste ski-resort ter wereld verdwenen
Chacaltaya was de meest bekende gletsjer in Bolivia. Het was namelijk het hoogst gelegen ski-resort van de hele wereld. Ski-fanaten kwamen dan ook van heinde en verre om een keer op die hoogte op de latten te staan. Dat is nu niet meer mogelijk. Werelds hoogste skiresort (5.300meter) is allang verdwenen. Het was de verwachting dat Chacaltaya het nog tot 2015 zou volhouden, maar in 2009 was er al niets meer van de gletsjer over.

Rappe aftakeling
In de tropische Andes zijn gletsjers zich overal aan het terugtrekken, maar niet overal even snel. Dat heeft vooral te maken met de hoogte waarop een gletsjer ligt en de dikte van een gletsjer. Gletsjers op een hoogte onder de 5.400 meter, verliezen ongeveer een meter in ijsdikte per jaar sinds 1970. De gletsjers op deze hoogte zijn meestal ook de kleinere gletsjers die vaak niet meer dan een 40-50 meter ijsdikte hebben. Met een zodanig snel verlies in ijs, verdwijnen deze gletsjers snel van de aardbodem. Chacaltaya is daar een heel duidelijk voorbeeld van, daar is niets meer van over.

Opwarming
De gemiddelde temperatuur in de Andesregio is gestegen met 0,1 graad per 10 jaar. Dat klinkt misschien niet zo zorgwekkend, maar dat is het wel degelijk. Het is nu al meer dan 70 jaar gaande, waardoor de gemiddelde temperatuur al met 0,7 graad is gestegen. Intussen is er aan de regenval niets veranderd. Wel aan het type neerslag. Met de hogere temperaturen valt gemiddeld meer neerslag als regen in plaats van sneeuw. Ook vindt er een langere tijd per jaar smelting plaats dan vroeger. Al met al een hachelijke situatie.

Minder gletsjers, meer meren
Onderzoek geeft aan dat Bolivia aan het einde van deze eeuw al het grootste deel van haar gletsjers verloren heeft. In de afgelopen 30 jaar heeft het land al zo’n 43% van de totale gletsjergrootte verloren. In plaats daarvan zijn er veel meren ontstaan. Dit zijn gevaarlijke meren, aangezien ze vaak omgrenst zijn met ijs, sneeuw en sedimentafzettingen. Je kunt dit zien als een soort onstabiele dam, die het meer omgrenst. In de loop van de tijd breekt zo’n dam en dan kunnen lager gelegen dorpjes compleet overstromen. Dit is in het verleden al eens gebeurd in Peru, met meer dan 5000 (!) doden tot gevolg. In 2009 is het ook voorgekomen in Bolivia, in een zeer afgelegen regio. Een dorpje bleef toen maandenlang van de bewoonde wereld afgesloten, omdat de omringende wegen (en ook de landbouwgrond) compleet weggevaagd waren door de zware overstroming.

Miljoenensteden zonder water
In de Andes is in de meeste plaatsen de populatie laag. Maar in Bolivia ligt op 4 kilometer hoogte een bijzonder grote stad. En de stad groeit nog steeds. Het zijn eigenlijk twee ‘miljoenen’ steden die aan elkaar gegroeid zijn, El Alto (Hoog) en La Paz (Vrede). In het droge seizoen halen deze steden meer dan een kwart van hun drinkwater voorziening uit de gletsjers. Maar ook in het regenseizoen wordt het smeltwater van de gletsjers aangesproken. Meer dan 15% van de drinkwatervoorziening komt ook dan nog daar vandaan. Zonder de gletsjers hebben El Alto en La Paz een immens probleem. En dat is niet de enige zorg. De gletsjers bieden drinkwater, maar tegelijkertijd zorgen de smeltwaterstromen voor een booming business in waterkrachtcentrales. Ongeveer de helft van de Boliviaanse elektriciteit wordt daaruit opgewekt. Ook daar zit dus een einde aan te komen. Het armste land van Zuid-Amerika staat nog een grote crisis te wachten.

Bron: MeteoGroup, Hoffmann en Wegenmann (2013), Cook et al. (2016), Rabatel et al. (2013).