Op de wip: nazomeren of herfstachtig

Noordwest-Europa is al volop herfstachtig met veel wind, regen en lagere temperaturen. Bij ons weet dit weertype voorlopig nog niet door te dringen.

Op de Britse Eilanden passeert momenteel de ene (actieve) storing na de andere en ook delen van Scandinavië hebben al te maken met onstuimig herfstweer. Het waait fors, dagelijks valt er regen of een aantal (forse) buien en de temperaturen zakken steeds verder terug. Bij ons is dat voorlopig nog anders. Een hogedrukgebied boven Centraal-Europa houdt de lagedrukgebieden die vanaf de Atlantische Oceaan onze kant op komen tot nu toe steeds nog tegen. Af en toe weet een storing ons land net te bereiken, maar dit resulteert meestal in een korte periode met wat nattigheid en, toevallig of niet, deze momenten vallen komende week vaak gedurende de nachtelijke uurtjes.

Ons weer wordt grotendeels bepaald door de ligging van de straalstroom; een snelstromende rivier van lucht op ongeveer 10 kilometer hoogte die de grens weergeeft tussen de warmere lucht in het zuiden van Europa en de koelere lucht in het noorden. De straalstroom kunnen we als het ware zien als de motor achter de aanvoer van lagedrukgebieden en de bijbehorende storingen.

Ligging van de straalstroom
Heeft de straalstroom een wat meer zuidelijke ligging, bijvoorbeeld boven Frankrijk of Spanje, dan bevinden wij ons  aan de koudere kant. Ligt hij juist vrij noordelijk, bijvoorbeeld boven Scandinavië, dan is het bij ons meestal warmer. Kenmerkend voor het Nederlandse weer is dat de straalstroom vaak boven onze omgeving ligt, met een westelijke stroming, wat geregeld resulteert in wisselvallig weer en vaak gematigde temperaturen.

Temperatuurverschillen
De sterkte van de straalstroom is dus afhankelijk van temperatuurverschillen en is dus ook ieder seizoen en zelfs ieder moment anders. De kronkelende rivier van lucht zwabbert dus als het ware een beetje van west naar oost over Europa. In de zomerperiode wordt het ook in de meest noordelijke delen van Europa warmer, waardoor de grens tussen de warme en koude lucht steeds onduidelijker wordt. De straalstroom wordt in dat geval dus steeds minder krachtig. In de herfst (en de lente) worden de temperatuurverschillen tussen het noorden en zuiden meestal groter, waardoor de straalstroom meer kracht krijgt. En in de winterperiode is deze meestal het meest uitgesproken.

Nazomers
De afgelopen weken lag er een vrij standvastig hogedrukgebied boven de centrale delen van Europa en deze was gevuld met warme lucht vanuit het zuiden. Er lag als het ware een ‘berg’ met relatief warme lucht boven Europa. De koudere lucht en bijbehorende lagedrukgebieden die vanuit het westen kwamen, werden daar rond omheen (met de sterker wordende straalstroom) noordwaarts geblazen. Dat resulteerde bij ons in nazomers weer, met veel zon en (bijzonder) hoge temperaturen. We bevonden ons dus duidelijk aan de warmere kant van de straalstroom.

Rustige kant
Ook de komende dagen blijft de grens tussen warme en koude lucht vooral ten noorden van ons liggen. Af en toe weet een bel met koudere lucht even wat verder zuidwaarts uit te zakken, maar echt overtuigend is dit allemaal nog niet. Zo komt er in de nacht naar woensdag een koufront door, met soms een beetje regen en een aantrekkende wind. En ook donderdag passeert een koufront, welke daadwerkelijk gepaard gaat met koudere lucht. Daarmee komen de middagtemperaturen tijdelijk iets onder de norm uit, met vrijdag en in het komende weekend gemiddeld een graad of 17.

Opnieuw opbouw hogedruk
Zoals het er nu uitziet, is dat echter maar weer van korte duur. Aan de achterkant van dat koufront lijkt zich volgens de laatste berekeningen opnieuw een hogedrukgebied vanuit het zuidwesten op te bouwen. Dat zou betekenen dat het ook na het komende weekend nog relatief warm blijft, met middagtemperaturen rond 20 graden. Er zijn zelfs berekeningen die weer richting de zomerse grens van 25 graden gaan. Het is natuurlijk nog ver weg, maar de eerste aanwijzingen zijn er.