De koolmezen hebben het niet gemakkelijk dit jaar

Hoe opwarming de unieke balans tussen eikenbomen, rupsen en koolmezen verstoord.

Elke keer wanneer ik in de moestuin ben, sta ik even stil bij de koolmezenbroedkast. Afgelopen weken kwam er veel gepiep uit het nest en de ouders vlogen af en aan. Maar gisteren was er niemand te bekennen. Geen gepiep, geen drukke mezen op zoek naar voedsel. Zouden ze het overleefd hebben?

Met het wisselende weer van deze lente hebben de kool- en pimpelmezen het zwaar gehad. De zonnige dagen in maart brachten al snel een lekker lentegevoel met zich mee. Maar toen kwam de natte aprilmaand met winterse buien. Veel nesten zijn daardoor toch laat op gang gekomen. En de lokale zware regenval van de afgelopen tijd maakte het er voor de vogels niet gemakkelijker op.

Dalende lijn
Vorig jaar gebeurde iets soortgelijks. De lente verliep koeler dan normaal. Ondanks dat het toch heel droog en stabiel weer was, zorgden de relatief lage temperaturen ervoor dat veel vogels laat in het seizoen pas hun eerste eieren legden. Het opvallende van vorig jaar was dat de legsels ook een stuk kleiner waren, gemiddeld gezien één ei minder dan normaal. De grootte van het nest zit overigens al in een dalende trend sinds 2010.

Vroege rupsen
De grote vraag is natuurlijk hoe dit mogelijk is. Kleinere nesten, dit jaar ook problemen met het uitvliegen van de jonge mezen. Het heeft alles te maken met het voedselaanbod. Veel boomsoorten lopen elk jaar steeds vroeger uit. Zo ook bijvoorbeeld de eikenbomen. Vrouwelijke wintervlinders leggen in het begin van de winter eitjes op de eikenboom. Zodra de eikenboom zijn eerste jonge blaadjes begint te krijgen, komen ook zo ongeveer de rupsen uit hun eitjes gekropen. Door de warmere winters van de afgelopen decades, komt dat moment steeds vroeger te liggen.

Rupsenfestijn
Normaalgesproken kwamen de mezen uit hun eieren gekropen, wanneer de rupsen op hun hoogtepunt zaten. De oudermezen hadden zo weinig problemen om met veel voedsel op de proppen te komen en de jonge meesjes groeiden letterlijk als kool. Waar vroeger de kool- en pimpelmezen konden profiteren van een koningsmaaltijd, is dat nu lang niet altijd meer zo. Het rupsenhoogtepunt komt steeds vroeger te liggen en de mezen hebben moeite om zich daarop aan te passen.

Alle partijen verliezen
Overigens is het voor de rupsen ook niet gemakkelijk. De eiken komen steeds vroeger in blad, maar de eitjes van de wintervlinder moeten dat ook maar aanvoelen. Wanneer de eitjes te laat uitkomen, kunnen de rupsen alleen oudere bladeren eten. Dat bezit andere kwaliteiten, waardoor de rupsen minder snel groeien. Wanneer ze te vroeg uitkomen, hebben ze niets te eten. Het is een heel precieze balans. Die door de opwarming van het klimaat uit zijn evenwicht wordt gehaald.

Intussen zit ik in de moestuin met aangevreten kool. Rupsen hebben zich uitgeleefd afgelopen week. Terwijl de koolmezenfamilie nergens te bekennen is. De biologische rupsenverdelgers worden nu al gemist!

Bronnen: NIOO, de Vlinderstichting, Rijksuniversiteit Groningen, Vogelbescherming Nederland, Nature Today, MeteoGroup