Snel komen en gaan

Het ene oceaanfront is nog niet weg of het volgende komt er alweer aan; een duidelijk voorbeeld van "straalstroom-weer" van de eerstkomende dagen.

Van fraai lenteweer is de eerstkomende dagen geen sprake. Dat was vorig jaar rond deze tijd trouwens wel anders! Maar nu is het een snel komen en gaan van oceaanstoringen. Het ene front is nog niet weg of het volgende komt er alweer aan; typerend voor 'straalstroomweer'.

Brede luchtrivier
De straalstroom (ook wel "jet" of "jetstream" genoemd) is een brede luchtrivier op een hoogte van ongeveer 10 kilometer. Een typische breedte van deze snelstromende rivier van lucht ligt in de ordegrootte van 100 tot 300 kilometer. De windsnelheden in de jetstream lopen soms op tot wel 250 à 300 kilometer per uur. Er zijn verschillende straalstromen, maar voor ons is de straalstroom tussen de 55-ste en de 65-breedtegraad van belang. De straalstroom markeert de grens tussen polaire lucht uit het noorden en (sub)tropische lucht uit het zuiden.

In herfst en winter krachtigere straalstroom
Tijdens maanden met lange nachten kan de straalstroom in potentie steviger worden. Als in de loop van september en oktober de temperatuurverschillen tussen de noordelijkste streken en de evenaar groot zijn, gaat er op het hoger gelegen ‘snijvlak’ van beide luchtsoorten een steeds stevigere wind waaien. In principe waait de wind van zuid naar noord, van hoge luchtdruk naar lage luchtdruk, maar de draaiing van de aarde maakt daar een slag in. De stereotype straalstroom loopt dan ook west-oost over de wereldbol met lichte golvingen. Als de golvingen groter uitslaan, kan de situatie blokkeren. We spreken van blokkades, zowel hoge- als lage luchtdrukblokkades.

Een soort pomp
Een straffe straalstroom, met de windsnelheden van zeg ruim 200 kilometer per uur, leidt aan de grond - of boven het water - tot opzuiging van lucht. Vooral op plekken waar er even een versnelling in de jetstream zit, zal het tijdelijke tekort aan lucht snel worden aangevuld door lucht vanaf onder. Een soort pomp dus. Vandaar dat er bepaalde plekken in de straalstroom voorkomen waar als het ware lagedrukgebieden worden ‘geboren’. Deze depressies worden vervolgens onder de straalstroom meegesleurd en door het enorme tempo komen er forse luchtdrukverschillen omheen tot stand en dus een forse hoeveelheid wind. Bovendien vormen zich aan het ontstane lagedrukgebied twee fronten; een warmte- en een koufront. Beide brengen neerslag.

Straalstroomweer
De weerkaarten van de eerstkomende vier dagen zijn duidelijk: straalstroomweer. Dit betekent een straffe westcirculatie met als gevolg vaak regen en van tijd tot tijd veel wind. Voor de lente is een actieve straalstroom vrij opmerkelijk dus. Dit kunnen we aardig afleiden uit de lijst met zware stormen sinds 1962. De meeste stormen woedden in het winterhalfjaar, slechts vier in het (vroege) voorjaar; twee begin april en twee zware stormen in mei, waaronder de zware storm van zondag 28 mei 2000.

Nou is de kans op een lentestorm de eerstkomende dagen klein, maar stevig waaien doet het dus wel degelijk. Eerst loopt de straalstroom vanaf Noordoost-Canada, via de oceaan tussen IJsland en de Azoren, tot over onze omgeving. Rond de maandwissel kantelt de nog steeds straffe circulatie naar west tot noordwest. Daarmee wordt op grote hoogte koudere lucht aangevoerd en verder blijven (oceaan)storingen aan zet. Het gevolg van dit alles is een dynamische atmosfeer waar vaak neerslag en veel wind bij horen. De buien en regenzones worden wel door enkele opklaringen afgewisseld volgende week, alleen morgen (zondag) komt de zon waarschijnlijk niet aan bod. De middagtemperaturen verkeren bij dit alles niet in lentestemming, het wordt dagelijks veelal 8 tot 12 graden, woensdag mogelijk nog iets kouder met daarbij kans op hagelbuien.

Zware windstoten zondagmiddag
We lichten zondag er nog even uit. Een kleine maar venijnige depressie trekt zondagmiddag via Engeland over ons land. De koers van het lagedrukgebiedje met bijbehorend frontaal systeem veroorzaakt veel regen en veel wind. De gemiddelde wind wordt in de loop van de middag vrij krachtig tot stormachtig, 5 tot 8 Beaufort. In de westelijke helft van het land en in Zuid-Limburg worden flinke uitschieters, zware windstoten van 75 tot 90 kilometer per uur verwacht. In de avond wordt de wind iets minder. Qua regenhoeveelheden zijn er ook uitschieters: op sommige plekken in het midden en zuidoosten valt mogelijk 20 tot 26 liter regenwater per vierkante meter (millimeter).

Vorig jaar warm
Kortom, het is allesbehalve droog, zonnig en zacht lenteweer. Vorig jaar rond deze tijd was het zeer zacht tot warm. Van 30 maart tot en met 3 april werden op sommige plekken in het binnenland warme dagen opgetekend, zo ook op landelijk hoofdweerstation De Bilt. Op de laatste dag van die reeks warme lentedagen, 3 april 2014, werd het in De Bilt 22,7 graden.... Het begin van de zomertijd in het laatste weekend van maart konden we toen letterlijk nemen. Op 29 maart 2014 werd het 16 tot 20 graden, 30 maart nog iets warmer met in Woensdrecht maarliefst 22 graden en de laatste dag van maart 2014 kwam in Gilze Rijen de thermometer zelfs tot bijna 23 graden (22,7 graden). Overigens werd het dezelfde dag in Lauwersoog slechts 10,2 graden....Dit uitzonderlijk warme weer zorgde ervoor dat de natuur op dat moment al zo'n vier weken voor lag op schema. Nu, eind maart 2015, is die vooruitgang in de natuur minder, maar toch nog een week of twee eerder dan normaal - in vergelijking met het gemiddelde van 50 jaar geleden, vanwege de zachte winter.

Bron: MeteoGroup, Natuurkalender.