El Nino

Komt ie wel, komt ie niet… El Nino. En wat zijn de gevolgen.

Komt ie wel, komt ie niet… Wetenschappers rekenen zich als het ware suf om grip te krijgen op weerkundige ontwikkeling in de tropen. Die duiden op de ontwikkeling van een El Nino, maar zeker is het allemaal nog niet…

Peruaanse vissers

El Nino is onderdeel van de ENSO variatie. De ENSO variatie is de afwisseling tussen twee uitersten: El Nino en la Nina, en toont zich in het equatoriale deel van de Stille Oceaan. Tijdens de El Nino fase is het oceaanwater met name aan de oostkant van de Pacific beduidend warmer dan normaal. De oostzijde grenst aan de westkust van Zuid-Amerika, bijvoorbeeld aan een land als Peru. Daar is El Nino ook bekend van geworden. Peruaanse vissers hebben het slecht tijdens een El Nino. Voedselrijk koud water wordt dan langs de Peruaanse kust vervangen door veel ‘armer’ water. Minder voedsel in het water betekent minder vis. El Nino bereikt niet zelden zijn piek in onze winter, in de maand december. Dat kan samen vallen met kerst. Daarom is het verschijnsel met zulke grote gevolgen El Nino gedoopt, refererend aan de geboorte van Christus dat met kerst wordt gevierd.

Orkanen en bosbranden

El Nino heeft zeker niet alleen merkbare gevolgen voor de Peruaanse vissers. In veel meer gebieden langs de evenaar gaat El Nino samen met sterke veranderingen in het ‘normale’ weer. In Indonesië bijvoorbeeld blijven de regens grotendeels uit. Land- en tuinbouw krijgen er tijdens een krachtige El Nino te maken met droogte. Het aantal bosbranden neemt op de Indonesische archipel toe. Ook in Noord-Amerika zijn de effecten van El Nino merkbaar, en belangrijk. Al pakken de verschijnselen daar doorgaans veel gunstiger uit. Minder orkanen die ‘aanvallen’ vanaf de Atlantische Oceaan, en in het winterhalfjaar meer regen in zuidelijke staten zoals California. California heeft momenteel nog altijd te kampen met ernstige droogte. Die duurt er al meer dan een jaar, heeft grote gevolgen voor de landbouw, en verhoogt het risico van grote natuurbranden.

Super El Nino

In april werden de signalen van een op hande zijnde El Nino op de Pacific steeds duidelijker. Sterker nog, er werden al vergelijkingen gemaakt tussen de ‘super El Nino’ van 1997/1998. Inmiddels staan de meeste seinen nog steeds op groen voor het verder ontwikkelen van El Nino, maar de situatie is toch wat minder uitgesproken geworden. Het CPC/IRI (onderdeel van NOAA) komt nu met een kans van 70 tot 80 procent dat El Nino zich verder weet te ontwikkelen, ofwel, dat we in (de loop van) de zomer officieel van een El Nino kunnen spreken.

Warme zomer

Voor Europa en meer in het bijzonder voor Nederland zijn de gevolgen van een El Nino zwakker en veel minder duidelijk. Variaties in de voor ons bekendere Noord-Atlantische Oscilatie (NAO) zijn voor ons belangrijker. In de negatieve fase van NAO zien we in ons land tijdens de winter niet zelden koud weer, een positieve NAO-index gaat samen met en verhoogde activiteit van de west-circulatie en daarmee met zachter dan gebruikelijk winterweer. Afwijkingen van de NAO in de zomer zijn per definitie zwakker. Simpelweg omdat luchtdruksystemen zwakker zijn dan in de winter. Maar een negatieve NAO wordt in de zomer vaak in verband gebracht met warm weer. Het lijkt er op dat op z’n minst de eerste helft van deze zomer bepaald voor door een negatieve NAO-fase. De meeste signalen van complexe rekenmodellen houden rekening met een warme zomer voor onze omgeving.

Opwarming van de aarde

Tenslotte terug naar El Nino. Tijdens een El Nino komt er zeer veel warmte aan de oppervlakte van de Pacific. Dit heeft zelfs wereldwijd een sterk verhogend effect op de temperatuur. Tijdens de El Nino van 97/98 piekte de wereldtemperatuur spectaculair. Het werd mondiaal een van de warmste jaren ooit gemeten. Als El Nino verder ontwikkelt, is de kans groot dat de wereldtemperatuur dit jaar en volgend jaar wederom kunnen pieken. Al zien we met de voortschrijdende opwarming van de aarde sowieso, dat al meer dan 15 jaar lang ieder jaar in de top 10 warmste jaren sinds tenminste 1850 wordt weggeschreven. Op zich al een zeer sterk signaal dat de opwarming van de aarde de realiteit is. Klimatologen zijn het er wereldwijd over eens, dat deze opwarming vrijwel zeker wordt veroorzaakt door de doorgaande uitstoot van broeikasgassen zoals CO2, verband houdend met het verstoken van fossiele brandstoffen als olie, gas en steenkool.

?