Ondanks vele bewolking toch bruinen

Op bewolkte voorjaarsdagen kan je huid behoorlijk verbranden als gevolg van indirect zonlicht.

Velen zullen het wel herkennen. Als je op een grijze voorjaarsdag lang buiten bent geweest, dat je huid dan ondanks de vele bewolking toch behoorlijk verbrand blijkt te zijn. Blijkbaar komt er meer zonnestraling door een wolkenpakket heen, dan je op het eerste gezicht zou denken. Veel mensen smeren echter pas anti-zonnebrandcrême, als de lucht strakblauw is en de luchttemperatuur zomerse waarden van 25 graden of hoger heeft bereikt. Hebben bewolking en luchttemperatuur eigenlijk wel invloed op de snelheid waarmee je huid verbrandt? We laten ons (zon)licht erover schijnen.

De meeste mensen staan er niet zo bij stil, maar in het dagelijks leven wordt onze huid aan verscheidene vormen van straling blootgesteld. Denk maar eens aan de elektromagnetische straling afkomstig van mobiele telefonie, televisies en computers óf infrarode straling, ook wel warmtestraling genoemd. Zodra de luchttemperaturen fors beginnen te stijgen en het aantal zonuren aanmerkelijk oploopt, komt de term zonkracht vaak al snel om de hoek kijken. Deze veelgebruikte term hangt weer samen met nog een andere vorm van straling, zogenaamde ultraviolette straling.

Zonkracht óf UV-index
Dat de zon een enorme hoeveelheid energie uitzendt, zal waarschijnlijk weinig mensen verbazen. Aan de hand van vrij eenvoudige natuurkunde kan worden berekend dat de maximaal inkomende zonnestraling bij afwezigheid van een dampkring 1367 W/m 2 betreft. De aardse atmosfeer houdt echter een aanzienlijk deel van deze straling tegen. Gemiddeld over de aardbol ontvangt elke vierkante meter namelijk slechts 342 Watt aan zonne-energie. Daarvan bestaat maar ongeveer 5% van deze inkomende straling uit ultraviolette straling, ook wel afgekort als UV. De intensiteit van deze UV-straling wordt veelal aangeduid door middel van de UV-index of ook wel zonkracht. Van de overige inkomende zonnestraling bestaat ongeveer de helft uit infrarode straling en nog eens zo’n 45% uit zichtbaar licht.

Een hogere zonkracht geeft aan dat een gemiddelde huid eerder schade ondervindt als gevolg van aaneengesloten blootstelling aan zonnestraling. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) bepaalt dagelijks de verwachte zonkracht, die publiekelijk beschikbaar worden gesteld. In ons land lopen de waarden voor de zonkracht uiteen van maximaal 1 in januari tot maximaal 8 in juli. Zuidelijkere gebieden als de Mediterrane landen en de Alpen en Pyreneeën ontvangen gemiddeld meer zonnestraling dan onze regio, waardoor de UV-index daar in het zomerseizoen regelmatig waarden van 10 tot 12 weet te bereiken. In tegenstelling tot wat veel mensen denken hoeft het echter absoluut niet zonnig weer te zijn om verbrandingsverschijnselen aan de huid te krijgen. Dit heeft te maken met de verstrooiing van zonlicht.

Diffuse straling
De aanwezigheid van wolken heeft zeker invloed op de hoeveelheid inkomende straling. Zo wordt een belangrijk deel van de zonne-energie door bewolking direct teruggekaatst naar het heelal. Toch weet een deel van de energie als gevolg van verstrooiing door wolkendruppeltjes het aardoppervlak te bereiken, waardoor ook ultraviolette straling door het wolkendek heen komt. In tegenstelling tot directe straling spreken we hier van diffuse straling als gevolg van verstrooid zonlicht. Grofweg kan gesteld worden dat de UV-index wordt gehalveerd bij bewolkt weer ten opzichte van onbewolkte condities.

Huidverbranding
Straling is niets anders dan een energiegolf. Hoe korter de golflengte des te hoger de energetische intensiteit van de straling is. Infrarode straling is een relatief langgolvige straling en is daardoor een stuk minder gevaarlijk dan de kortgolvige ultraviolette straling. De UV-straling is als gevolg van de relatief hoge energetische intensiteit een belangrijke bron van huidkanker, doordat deze straling bij een overdosis schade veroorzaakt aan huidcellen. Hierdoor wordt aangeraden om bij een relatief hoge zonkracht direct zonlicht te mijden en de huid regelmatig in te smeren met anti-zonnebrandcrême. Op de verpakking van deze crêmes staat een vermenigvuldigingsfactor vermeld, die aangeeft met hoeveel keer de tijdsduur vermenigvuldigd mag worden waarop de gemiddelde huid bij de actuele zonkracht verbrandt. Even een voorbeeld: stel je gebruikt een crême met factor 20, dan verbrandt de gemiddelde huid bij een zonkracht 4 niet na 30 minuten, maar pas na ruwweg 600 minuten. Doordat de mate van UV-straling onafhankelijk is van de luchttemperatuur, zal je huid bij koude lucht net zo snel verbranden als bij warme lucht.

Bron: MeteoGroup.
Foto uitsnede voorpagina: Ben Saanen.