Na lang wachten nu ook sneeuw aan noordkant Alpen

Twee meteorologen van Meteo Consult gingen weer op verkenningstocht in de Alpen. Hun verslag.

Terwijl ongeveer een vijfde van Nederland (delen van Friesland en Drenthe en geheel Groningen) nu weer weet hoe het er hier in de winter ook uit kan zien (met veel sneeuw en de laatste dagen ook stevige vorst) wacht de rest van het land nog op een glimp van de winter.

Maar niet alleen hier gedraagt het weer zich opvallend, ook op andere plaatsen in Europa hebben ze hun ogen al meermalen moeten uitwrijven, bij voorbeeld aan de noordzijde van de Alpen. Tot afgelopen vrijdag wilde het daar eigenlijk niet sneeuwen en was het vaak bijzonder warm voor de tijd van het jaar. Pas vrijdag, gisteren en ook vandaag is er wel op uitgebreide schaal sneeuw gevallen en inmiddels ziet het beeld voor wintersporters er een stuk aangenamer uit.

‘Voor het eerst deze winter, en dat een maand na de kerst, ligt er in vrijwel heel Oostenrijk een laagje sneeuw’, jubelt de Oostenrijkse radio, als we vanuit Ischgl in Tirol koers zetten richting Nederland. Nu valt het op de plek waar wij rijden nog tegen met die sneeuw; het dal is nog altijd overwegend groen en op de grond zijn voornamelijk sneeuwresten terug te vinden. Pas op enige hoogte is het aangesuikerd. Maar de grote hoeveelheden zouden pas later komen, op het moment dat wij al lang en breed weer terug waren in het voor een groot deel groene Nederland.

Kleine week eerder
Een kleine week eerder hebben we van dat alles nog helemaal geen weet. De heenreis, op zaterdag 18 januari, gaat door een groen Duitsland. Zelfs op de Aichelberg, in de buurt van Ulm en normaal toch onze eerste kennismaking met de sneeuw in de bergen, ligt dit keer helemaal niks. Slechts mist en laaghangende bewolking zijn ons deel. En een temperatuur die door die mist hier en daar nog rond het vriespunt hangt. Heel even is wat rijp zichtbaar. Daar moeten we het mee doen.

Het is dat een dag eerder vanuit het zuiden wat sneeuw de hoofdkam van de Alpen is overgestoken, anders waren we het zuiden van Duitsland ook zonder sneeuw doorgekomen. Nu is het er op de hogere delen wel wit. Als we – wat verderop in de Alpen – weer wat lager komen, verdwijnt de sneeuw uit de dalen. Alleen de toppen zijn nog wit. En natuurlijk de pistes die we her en der passeren. Want dankzij de kunstsneeuw en de geavanceerde manier van prepareren, gaat het skiën gewoon door, al valt dat op de naar de zon toe gerichte hellingen toch niet altijd mee.

Kale plekken
Als we het Paznauntal naderen, waar ons skigebied Ischgl/Engadin Samnaun zich bevindt, is de sneeuwhoeveelheid nog steeds niet indrukwekkend. In Ischgl (1440 meter) is het dal weliswaar wit, maar op de naar de zon gekeerde hellingen zijn veel kale plekken zichtbaar. Verder dooit het en zijn op het grote parkeerterrein voor ons hotel, dat uitkijkt op een van de dalpistes, flinke plassen aanwezig. Een dag eerder heeft het zowaar gesneeuwd, als bijwerking van de grote sneeuwdump die op dat moment aan de zuidkant van de Alpen aan de gang was. Daar ligt wel heel veel en brengt een storing eigenlijk het hele weekend verse sneeuw. In ons gebied, ook al is dat zuiden dichtbij, zit nieuwe sneeuw er niet in omdat de hoofdkam die dikke wolken aan de zuidkant tegenhoudt. Aan onze kant waait een föhnwind die de temperaturen alleen maar verder laat oplopen.

De eerste twee dagen van onze skivakantie zweten we dan ook wat af in onze winterkleding. In het dal stijgt de temperatuur af en toe tot tussen 5 en 10 graden boven nul, ook op 2000 meter hoogte (waar de meeste pistes van het grote skigebied zelfs boven liggen!) wordt de sneeuw in de geregeld schijnende zon gewoon papperig. Hier en daar komt het zand er doorheen of zijn stenen op de pistes zichtbaar. Toch is het goed skiën, zeker als je de weinige sneeuw en de hoge temperaturen van dat moment in ogenschouw neemt. We hebben er eigenlijk helemaal geen last van.

In de rij
Dat het in Ischgl goed skiën is, blijkt die eerste zondag meteen al. Van heinde en verre komen mensen op de vele liften af, omdat het op andere plaatsen minder mooi is. Hoewel het hoogseizoen nog moet beginnen, staan we beneden 20 minuten in de rij om met een van de 24-persoons cabines van de lift daar het gebied in te kunnen komen. Schijnt eerst de zon, later komen ook wolken over de hoofdkam van de Alpen heen en heel even zien we een klein volkje sneeuw vallen.

De dagen erna breken we ons hoofd over de vraag of en zo ja wanneer er nog sneeuw in ons gebied zal gaan vallen. Storingen zijn steeds in de buurt, met hun grootste activiteit nog altijd aan de zuidkant van de Alpen, maar af en toe komt er toch ook echt wel iets aan de noordkant van de bergen terecht. We moeten alleen nog uitvogelen onder welke omstandigheden dat precies gebeurt. Ondertussen kijken ze toch ook in Ischgl reikhalzend naar die nieuwe sneeuw uit. Ook al ligt het skigebied er nog goed bij, het ‘sneeuwgebrek’ is toch vaak het gesprek van de dag.

Een eerste kans
De dinsdag (vorige week dinsdag) is er een eerste kans. Vol verwachting kijken we in de ochtend naar buiten, maar het dal ligt er als vanouds bij. Er is niets gevallen er zitten gaten in de bewolking. Verder is het beneden onverminderd warm. Hogerop in de bergen, en dan vooral boven 2000 meter, blijkt het wel een beetje te sneeuwen. Groot zijn de hoeveelheden niet, er valt misschien een centimeter of drie, maar de kwaliteit van de pistes verbetert er meteen verder door. Beneden in het dal dooit het gewoon verder en verdwijnt ook die dag weer veel sneeuw. Daar is het geen winter.

Een dag later dient zich de mooiste skidag aan van de zes dagen die we hebben. Omdat het kouder is, kunnen eindelijke de sneeuwkanonnen weer worden gebruikt. Er staan er in het gebied duizend, die gelukkig niet allemaal tegelijk hun werk hoeven te doen. De zon schijnt zolang als hij maar kan aan een staalblauwe hemel en de zichten zijn erg goed. Zelden hebben vanaf de hoogste toppen zo’n schitterend uitzicht als deze dag. Het zicht is echt perfect. De mensen die kunnen, nemen het ervan. Opnieuw is het druk in de liften en op de pistes. Omdat het net iets minder warm is dan de voorgaande dagen, houdt de sneeuw zich in het algemeen goed. Toch wordt de sneeuw op de plekken die recht in de felle zon liggen in de loop van de dag nog wel wat papperig.

Kappl en Galtür
Een dag later brengen we een bezoek aan twee kleinere skigebieden in het dal, waar onze pas ook geldig is. De pistes van het gebiedje bij Kappl liggen allemaal aan de zonkant van de helling. Hier mist het sneeuwgebrek zijn uitwerking niet, als we onze afdalingen maken. Door de voortdurende afwisseling van vorst en dooi zijn veel van de pistes erg ijzig geworden. Goed geslepen ski’s zijn dan ook een must, anders glij je nog weleens onderuit. Niet alles is open. Verder ski je vooral op de lagere delen van de pistes tussen (deels) groene hellingen door. We brengen er de ochtend door.

De middag is voor het (hoger gelegen) skigebiedje bij Galtür, waar jaren geleden een lawine op een hotel terechtkwam en waarbij er ook Nederlandse slachtoffers waren. Omdat dit gebied hoger ligt, is de sneeuwlaag er dikker, ook in het dal. Het ziet er zelfs prachtig winters uit, eigenlijk voor het eerst sinds we in de Alpen zijn. Er steekt een koude wind op die de sneeuw laat stuiven. Terwijl wij er onze afdalingen maken, raakt het bewolkt en later begint het ook een beetje te sneeuwen. Toch komt ook steeds de zon weer door de wolken heen. In Ischgl valt nog steeds helemaal niets.

Zou het dan toch?
Tijdens onze dagelijkse wandeling gedurende de avonduren valt op dat de temperaturen ook beneden in het dal nu eindelijk een paar graden onder het vriespunt liggen. Het is zelfs zo koud dat we onze winterkleding nu echt met plezier dragen. Het is bewolkt geraakt en heel af en toe valt een vlokje uit de lucht. Zou het nu dan wel? Met toch enige verwachting slapen we weer in.

De volgende dag, de laatste alweer van onze wintersportvakantie van dit jaar, blijkt er iets veranderd. Eindelijk heeft het ook beneden gesneeuwd, al gaat het slechts om een dun laagje. Hogerop in het gebied, op de pistes, gaat het om een centimeter of 5. Toch zijn ze aan de noordkant van de Alpen blij, want op veel meer plaatsen vallen die dag sneeuwvlokken uit de lucht. Het is de koude lucht aan de noordkant die de sneeuwval mogelijk maakt, door als springplank te dienen voor de warmere lucht die er vanuit het zuiden overheen glijdt. Die opglijding, een proces dat zich vaak bij warmtefronten  afspeelt, zorgt ervoor dat het sneeuwgebied zich dit keer een stuk verder noordwaarts uitbreidt dan in voorgaande gevallen. En daar profiteert iedereen van mee.

Sterk verbeterd
Ook wij, al is het nog maar tot een uur of twee in de middag. We laten ons de nieuwe sneeuw op de pistes goed smaken, terwijl we bezig zijn valt er ook steeds wat bij. Juist als we naar beneden moeten om de thuisreis naar Nederland te beginnen, breekt de zon weer door.

Inmiddels zijn wij alweer ruim twee dagen terug en heeft het aan de noordkant van de Alpen nog twee keer hard gesneeuwd, gisteren en vandaag. En zijn de omstandigheden daar dus snel verder verbeterd. Dat is dan ook het goede nieuws voor iedereen die de komende tijd nog gaat om te skiën of te snowboarden: het ligt er aan de noordkant van de Alpen allemaal een stuk beter bij!

Bron: Meteo Consult.