Winter van start

De aanwijzingen voor een koude december worden steeds sterker.

De winter gaat bijna van start. Zaterdag is het zover. Dan begint officieel de winter, althans, volgens de indeling die meteorologen aanhouden. Volgens die seizoensindeling loopt de winter van 1 december tot en met 28 februari.

Zoals ieder jaar zijn de verwachtingen hoog gespannen. Altijd valt het op, dat mensen aan de vooravond van de winter zo vaak vragen of we al iets kunnen zeggen over de aanstaande winter. Veel vaker dan voor de start van de zomer. Eigenlijk is dat opmerkelijk. In het zomerhalfjaar hebben de meeste mensen meer vakantie, en worden er veel meer buitenactiviteiten georganiseerd. Evenementen die vaak gebaat zijn bij mooi en warm weer. Toch is die belangstelling voor een seizoensverwachting dan blijkbaar toch wat kleiner. Misschien omdat het in de meeste zomers gewoonweg vaak zat mooi weer is, terwijl het lang niet in iedere winter echt serieus winter wordt.

In de winter worden er veel minder buitenevenementen georganiseerd. Tenminste, zo lang het niet echt serieus gaat vriezen. Want als de schaatskoorts eenmaal losbarst in ons land, is er ook geen houden meer aan. Herinnert u zich die prachtige zaterdag nog, eerder dit jaar? Op 11 februari trok Nederland er massaal op uit, om deel te nemen aan een van de honderden toertochten die waren uitgeschreven. Massaal werden de ijzers ondergebonden. Men schatte het aantal schaatsers die dag in de miljoenen.

Nog geen schaatsijs
Van schaatsijs is voorlopig geen sprake. Toch worden de aanwijzingen voor een kouder weertype steeds duidelijker. Misschien niet in de natuur, maar wel in de berekeningen van de diverse computermodellen. In de media gonst het soms ook al over een Sinterklaaswintertje dat op handen zou zijn. Op de diverse weerfora wordt al dagenlang driftig gespeculeerd over de kansen op de eerste sneeuw van deze winter. Toch is het ook nu nog lang niet zeker, dat er rond Sinterklaas inderdaad echt winterweer gaat komen.

Wat wel zeker is, is dat de luchtdrukverdeling gaat veranderen. Op de weerkaarten zien we de komende dagen lagedrukgebieden boven het Europese continent. Tegenspeler is een langgerekte rug van hogedruk op de oceaan. Op de weerkaart voor aanstaande zaterdag zien we tussen genoemde druksystemen een noordelijke stroming. Daarmee wordt Europa als het ware volgepompt met koudere lucht.

Koude bovenlucht
Op het vlak van 850 hPa, zeg maar een hoogte van rond anderhalve kilometer, daalt de temperatuur in ons land aanstaande zaterdag al tot zo’n 5 a 6 graden onder nul. Boven Scandinavië vriest het op dat niveau meer dan 10 graden. Ook in Frankrijk komen we al waarden tegen van -7 graden op het 850 hPa vlak. De temperatuur op deze hoogte zegt veel over de kans op sneeuw. Het spreekt voor zich, dat met dit soort temperaturen alle middelgebergten sowieso sneeuw krijgen. Als er tenminste neerslag valt.

Dat laatste is waarschijnlijk. Het lagedrukgebied bevordert immers stijgende bewegingen in de atmosfeer. Stijgende lucht betekent vorming van bewolking en vaak ook neerslag. Dus de ontwikkelingen zijn voor de Europese wintersportcentra zondermeer gunstig. Daar kan men zo langzamerhand wel een lading sneeuw gebruiken nu het wintersportseizoen officieel van start gaat.

Natte sneeuw
Ook in ons land kunnen buien komend weekend plaatselijk vergezeld gaan van (natte) sneeuw. In zo een situatie met aanlandige wind (uit noordwestelijke richting), zoals is te zien aan de weerkaart voor zaterdag, vallen de meeste en actiefste buien aan de kust. Daar zorgt het vrij warme zeewater (met een temperatuur van tenminste 10 graden) er echter voor, dat de buien in hoofdzaak in ‘vloeibare’ vorm vallen. Landinwaarts worden de buien minder actief en schaarser, maar is de lucht kouder en kan er gemakkelijker een bui met sneeuw vallen. Het is goed mogelijk dat het in het weekend voor het eerst dit seizoen (even) wit wordt.

Volgende week laat de stromingskaart op grotere hoogte duidelijk zien, dat de situatie met kou op grotere hoogte stand houdt. Op het 500 hPa vlak (afgerond een kilometer of 5) zien we de gordel met de sterkste stroming duidelijk terug. Die loopt vanaf Newfoundland, over de Oceaan in de richting van Spanje, om vanaf daar zelfs nog verder weg te duiken naar de noordrand van Afrika. Aan de linkerzijde van deze ‘rivier van wind’ ofwel de straalstroom, is de lucht vooral op grote hoogte erg koud. Aan de rechterzijde zit de warmere lucht. Op basis van deze stroming is het redelijk om te veronderstellen, dat een groot deel van Europa volgende week kan rekenen op relatief koud weer. Bovendien zal er vooral in de iets hoger gelegen gebieden, en bijvoorbeeld ook in Sauerland en zelfs de Ardennen, een sneeuwdek tot stand kunnen komen.

Nog weken lang?
Als we verder vooruit kijken, dan blijkt uit berekeningen van het ECMWF, dat dit type stroming, met koude lucht boven het continent, nog weken lang kan aanhouden. In feite zelfs tot nabij kerst. In de komende 4 weken geeft het model bijvoorbeeld voor Deelen een heel duidelijk signaal voor ruimschoots te koud weer voor de tijd van het jaar. Zowel overdag als ’s nachts is het zo’n 2 a 3 graden kouder dan het langjarig gemiddelde. De kans dat we in deze periode een vorstperiode krijgen met een standvastige oostenwind (met schaatsijs), is gering. De kans dat het af en toe tot een sneeuwdek komt in de maand december, kunnen we op basis van de huidige berekeningen wel als groter dan gemiddeld beoordelen. Al met al dus toch enigszins hooggespannen verwachtingen voor de eerste maand van de winter.

Bron: Meteo Consult.