Regionale hittegolf

In ruim 1/3 deel van het land komt een vrij langdurige hittegolf vandaag op zijn einde. Er komt nu even koeler weer.

De huidige zomerperiode is nog lang niet voorbij, zo lijkt het. De kans op een hittegolf is nog niet verkeken voor De Bilt. Maar met het veel minder warme weer van de komende dagen moet er wel opnieuw worden gespaard in zomerse en tropische dagen.

In De Bilt is het dus niet tot een officiële hittegolf gekomen. Alleen op vrijdag 2 juli werd het er (ruimschoots) tropisch warm, in een periode van 9 zomerse dagen, met vandaag meegerekend. En zoals bekend, het criterium voor een hittegolf is tenminste 5 zomerse dagen op rij, waarvan tenminste drie dagen ook nog eens tropisch warm moeten zijn met minimaal 30 graden. Regionaal is er echter wel ruimschoots aan dit criterium voldaan. In een groot deel van Limburg, in het midden en oosten van Brabant, in vrijwel de hele Achterhoek tot aan de oostrand van de Veluwe aan toe, en in Twente kan men wel van een serieuze hittegolf spreken. Met vandaag erbij heeft men er een hittegolf van maar liefst 12 dagen te pakken. Op vier dagen werd het tropisch warm, en een enkele plaats zoals het Limburgse Arcen kwam zelfs tot 5 tropische dagen. Twente heeft dus ook een hittegolf, maar de reeks is hier net wat korter met 9 dagen, omdat het op 25 juni net niet 25 graden werd. Al met al kunnen we concluderen dat ruim 1/3 van Nederland inmiddels een hittegolf te pakken heeft. Toch zal deze hittegolf niet officieel worden erkend als landelijke hittegolf, omdat nu eenmaal aan het genoemde criterium moet worden voldaan in het station De Bilt. De laatste officiële hittegolven dateren van het jaar 2006, toen het tot twee maal toe tot een hittegolf kwam.

Na de zomerse warmte van vandaag is het even tijd voor een adempauze. Achter een koufront dat morgen over het land trekt stroomt beduidend koelere lucht het land binnen. In de tweede helft van de week keert de zomerse warmte terug. En er hoeft weinig te gebeuren of ook tropische temperaturen behoren weer tot de mogelijkheden, zeker voor het zuidoosten en oosten van het land. Zoals dat in een warme periode meestal gebeurt, wordt droogte een steeds groter probleem. Toch zijn er ook gebieden waar de buien van gisteren en van afgelopen week wel wat verademing hebben gebracht. Maar zoals dat dan bijna altijd gaat met zomerse buien, de verschillen zijn enorm. Er zijn zelfs plaatsen waar de afgelopen twee weken geen druppel is gevallen. Meest het in het oog springend is wat dat betreft het zuidoosten van het land.

Bijvoorbeeld de Peel, in Brabant, werd keer op keer overgeslagen door de buien. Zo ook gisteren. Op het cumulatieve radarbeeld is dit duidelijk te zien. Ook de regio Wageningen, Bennekom en Ede werden min of meer categorisch overgeslagen door de buien. Gisteren kon er met moeite een halve millimeter worden afgetapt terwijl het tot twee maal toe op relatief korte afstand serieus regende. Op het radarbeeld zien we de banen met meer neerslag die vanuit ZZW naar NNO over het land lopen. In de rode banen is minimaal 10 en plaatselijk ruim 20 millimeter gevallen. In de blauwe strook langs Texel is circa 30 millimeter gevallen. Deze regen viel reeds in de hete nacht van vrijdag op zaterdag. De buien boven de oostelijke helft van het land vielen allemaal zaterdagmiddag- en avond.

Wat verder opvalt in het radarbeeld, is dat de neerslagbanen niet allemaal evenwijdig aan elkaar lopen. Dat kan deels verklaard worden door de sturende stroming die in de loop van de periode iets is geruimd. Daardoor trokken de buien zaterdagavond wat meer van ZW naar NO over het land. Maar een zware bui die ’s middags over de Ardennen trok, had ook een zuiver noordoostelijke koers, terwijl de overige buien nog allemaal ZZW-NNO trokken. Deze bui, vanaf de Ardennen op weg naar Duitsland, was een ander type onweersbui, namelijk een supercel.

Een supercel is een onweersbui waarin een volwaardige rotatie optreedt. In ruim 90 procent van de gevallen betreft het een cyclonale rotatie. Deze buien trekken onder een  ‘geruimde’ hoek uit de sturende stroming. Een anticyclonale supercel (die ontstaat nadat een cyclonale supercel zich splitst) trekt juist links uit de sturende stroming weg, en zou in een situatie als gisteren pal noordwaarts zijn getrokken. In de avond trok een vergelijkbare cel over de Achterhoek, noord van Winterswijk langs naar Duitsland. Ook dit betrof vrijwel zeker een supercel. Met name uit Duitsland kwamen meldingen van schade door zware windstoten en in een enkele geval mogelijk door een windhoos. Gezien de aard van de buien, het ging dus om supercellen, is dit niet verbazingwekkend en dus goed mogelijk geweest.

Voor de droogte is veel meer neerslag nodig, in heel Nederland. Gezien de huidige weerkaarten moeten we daar voorlopig niet op rekenen. En blijft het dus behelpen met beregenen.