Het weer op de Waddeneilanden

Vandaag richten we ons op het (micro)klimaat van de Waddeneilanden. Is het hier altijd fris en winderig?

“Wisselend bewolkt en een enkele bui. Maximumtemperatuur tussen 21 graden op de Waddeneilanden tot 26 in Limburg.” Dit kan zomaar een weersverwachting zijn op een zomerdag in Nederland. Limburg, maar ook de Waddeneilanden worden vaak genoemd in een weersverwachting omdat hier vaak de hoogste en laagste maximumtemperatuur wordt gemeten. Is het op de Waddeneilanden nu altijd zoveel frisser, of valt dat wel mee?

Het klimaat op de Waddeneilanden is totaal anders dan het klimaat in het Geuldal in Zuid-Limburg. De belangrijkste oorzaak is natuurlijk de minimale invloed van de zee in het uiterste zuiden van het land. Hierdoor meten we vaak de hoogste temperaturen in Limburg, het oosten van Brabant of de Achterhoek. Toch is het niet zo dat het elke dag in het jaar onstuimig en guur is op de Waddeneilanden. Er zijn natuurlijk wel dagen dat het bar en boos is met veel wind en talrijke buien, maar gelukkig voor alle vakantiegangers komen er ook volop “mooie” dagen voor.

Matigende invloed van de zee

De zee heeft een matigende invloed op de temperatuur op de Waddeneilanden. Temperaturen van 30 graden of meer zijn zeldzaam. Toch wordt het ook op de Wadden soms tropisch warm, zoals een paar dagen geleden toen op Texel en de oostelijke eilanden een graad of 30 werd gemeten. De invloed van de zee is op de westelijke eilanden het grootst. Zo vangen Texel, Vlieland en Terschelling de meeste wind en is het op Ameland en Schiermonnikoog net iets warmer gedurende de zomermaanden.

In de maanden juni en juli valt er op de eilanden relatief weinig regen. De Veluwe, Drenthe en Zuid-Limburg vangen veel meer regenwater op, al gaat het hier over het algemeen wel om felle en kortdurende buien. In augustus zijn de neerslagverschillen relatief klein en in september valt er op de Wadden 20 tot 30 mm meer regenwater dan in Limburg en Oost-Brabant. De oorzaak hiervan is opnieuw te vinden bij het zeewater dat aan het begin van de zomer nog relatief fris is. Later in het seizoen is het water een stuk warmer en daardoor komen gemakkelijk buien tot ontwikkeling. Dit verschijnsel zien we overigens ook langs de Hollandse en Zeeuwse kust.

Doordat in het eerste deel van de zomer relatief weinig buien tot ontwikkeling komen, is er over het algemeen ook minder bewolking aanwezig. In de maanden juni, juli en augustus schijnt de zon elke maand 30 uur meer in vergelijking met bijvoorbeeld de Achterhoek. Pas in september worden de verschillen kleiner. De Waddeneilanden zijn dus volgens Nederlandse begrippen een zon zekere bestemming. Daarbij kan de wind op sommige dagen wel een spelbreker zijn, de meeste wind staat er landelijk gezien op de eilanden.

Microklimaat

Al deze getallen zijn gebaseerd op slechts een paar meetpunten op de Waddeneilanden. Officieel is er ook maar één echt meetpunt te vinden en dat staat op Terschelling in de buurt van het dorpje Hoorn. Op Vlieland staat nog een windpaal en verder stuurt vrijwillige waarnemer Fred Klok dagelijks waarnemingen naar de weerkamer van Meteo Consult. Meer officiële gegevens zijn er niet beschikbaar. Toch is bekend dat de verschillen tussen de eilanden soms bijzonder groot zijn en zelfs op één eiland kunnen we soms grote verschillen in wind, temperatuur en zonneschijn meten.

De meeste zon is te verwachten op dagen waarbij de wind uit het noordwesten of noorden waait. In dat geval ontstaan boven het relatief koude water van de Noordzee geen stapelwolken. Aan de noordkant van de eilanden zit je dan qua zonneschijn het beste. Achter de eerste duinenrij is het ook direct een stuk warmer omdat de wind daar merkbaar is afgenomen. Aan de zuidkant van de eilanden is het bij een noord(west)enwind ook vaak iets warmer, maar daardoor ontstaan er wel gemakkelijk stapelwolken waardoor de zon niet altijd de ruimte krijgt om te schijnen. Vooral boven Texel en Terschelling groeien deze stapelwolken nog weleens door tot een bui, de andere eilanden zijn daar over het algemeen veel te klein voor.

De temperatuur die verwacht wordt voor het meetpunt Hoorn op Terschelling, wordt vaak gezien als de temperatuur die op alle Waddeneilanden wordt bereikt. Globaal genomen is dit nog niet direct een verkeerde gok, maar lokaal wordt het in de zomer toch veel warmer. Veel campings en bungalowparken staan niet in de polder of op het strand, maar zijn te vinden in de duinen. Deze liggen vaak redelijk beschut. Sommige van die duintoppen op Terschelling en Vlieland reiken tot zo’n 30 meter. In de duinen is het dan ook vaak een stuk warmer en bovendien staat er ook veel minder wind.

Voor ieder wat wils

De 21 graden in het weerbericht waar we dit verhaal mee zijn begonnen, is dus absoluut niet representatief voor grote stukken van de eilanden. Veel vakantiegangers en (horeca)ondernemers kunnen zich dan ook niet altijd vinden in de weersverwachting die wordt uitgegeven voor de Waddeneilanden. Door het grote verschil in weer tussen de noord- en zuidkant van een Waddeneiland, maar ook de verschillen die dagelijks optreden tussen het strand, de duinen en de polders, zijn de Waddeneilanden een prima vakantiebestemming. Is het te warm, dan is verkoeling dichtbij. Waait het te hard, dan is een beschut plekje zo gevonden. Daarbij komt de zon veel vaker tevoorschijn dan in het diepe binnenland.

Ook in de winter is het weer op de Wadden erg verschillend. Later dit jaar zullen we ook daar eens dieper op in gaan.

Bron: Meteo Consult, klimaatatlas van Nederland (normaalperiode 1971-2000). Uitgegeven door het KNMI. Foto's Borkum (D) van Jannes Wiersema.