Het cijfer van de afgelopen zomer

De afgelopen zomer werd als 'matig' beschouwd. Klopt dat ook als we de weercijfers van de afgelopen maanden bekijken?

Vorige week hebben we op deze site besproken hoe het zogenaamde ‘weercijfer’ werkt en hoe u zelf aan iedere dag een dergelijk cijfer kunt hangen. Vandaag zullen we eens gaan kijken welke cijfers de afgelopen zomermaanden hebben opgeleverd en we zullen deze eens vergelijken uit de topzomer van 2006. We doen dit aan de hand van de cijfers die dagelijks op de meetpost Bennekom zijn uitgedeeld. Uiteraard kunnen die cijfers op een andere plaats wat hoger of lager zijn uitgevallen, maar over een wat langere periode bezien, middelen die verschillen grotendeels uit.

Strandweer en doeweer.

Bij het grote publiek heerst de indruk dat de afgelopen zomer niet al te best is verlopen, hoewel de zomertemperatuur als geheel aan de hoge kant is geweest. Het weercijfer vormt een perfect instrument om te zien of dat beeld juist is, of niet, want de temperatuur speelt geen rol bij de bepaling van het weercijfer. Welk cijfer zou er uitgedeeld worden op een typische ‘stranddag’? Nou, het is niet moeilijk om in te schatten dat dit minimaal een ‘8’ zal moeten zijn. Het zou tenminste vrij zonnig moeten zijn, dus één punt aftrek voor bewolking is wel het maximum en het liefst staat er niet te veel wind, dus ook hier is één punt aftrek wel het maximum. Als het érg warm is, is een beetje wind trouwens juist een pluspunt, zolang het maar niet zo hard waait dat ook het zand gaat stuiven. In dat geval zal er voor de wind al gauw twee punten moeten worden afgetrokken.

Bij een lekkere ‘doedag’ in de zomer liggen de eisen wat lager. Het mag wat minder zonnig zijn, een enkele bui is ook niet erg, mits deze niet te lang duurt. Zeker in de zomer als men vrij is, is een dag die bewolkt en regenachtig begint, maar gevolgd wordt een droge middag met brede opklaringen, zeker nog bruikbaar. Als we zeggen dat een ‘doedag’ tenminste een voldoende (een ‘6’ of hoger) moet opleveren, dan zitten we wellicht wel goed. Dagen die een ‘5’ of lager scoren, kunnen ook nog wel een aantal uren met ‘lekker’ weer kennen, maar zullen in het algemeen als ‘matig’ of nog slechter worden ervaren.

Een matige zomer?

Was de afgelopen zomer inderdaad zo matig, als we naar het weercijfer kijken, of viel het mee? We moeten natuurlijk wel beseffen dat we in een land wonen waar het vaak waait, zelden onbewolkt is en geregeld regent. In een ‘gemiddelde’ zomer zal het weercijfer dan ook niet al te hoog uitpakken. Dat blijkt ook uit de harde cijfers. Het gemiddelde van alle zomers sinds 1988 scoort een ‘6.4’, wat niet bijster hoog is. Wat wind, bewolking en een buitje en je zit al snel op een ‘6’. Van deze groep van 21 zomers was die uit 1998 het ‘slechtst’ met een gemiddelde van ‘5.6’, terwijl de zomers van 1988 en 1993 met ‘5.9’ gemiddeld ook net geen voldoende wisten te scoren.

De afgelopen junimaand zat met een maandgemiddelde van 6.6 iets boven de zomernorm. Maar één dag scoorde lager dan een ‘5’ en zestien dagen scoorden een ‘7’ of hoger, waaronder drie ‘negens’ en vier ‘achten’. Het was dus best wel een mooie zomermaand met veel strand- en doedagen.

Duidelijk anders was het beeld in juli. Het gemiddelde weercijfer was toen met 5.8 net niet voldoende, ondanks het sublieme begin. De 1e juli scoorde namelijk een ‘tien’! Daarna was het tot het einde van de derde juliweek echter kommer en kwel met een groot aantal onvoldoendes, op 10 en 21 juli moest er zelfs een ‘2’ worden uitgedeeld! Daarna herstelde het weer duidelijk, na de 21e werd er geen enkele onvoldoende meer uitgedeeld en zelfs nog maar één ‘6’, maar de maand als geheel was niet meer te redden.

Augustus scoorde als geheel met 5.9 ééntiende punt hoger, maar was dus ook een alles behalve fameuze zomermaand, het regende ‘vijfjes’ en ‘zesjes’. Slechts negen dagen scoorden een ‘7’ of hoger en vier dagen een ‘4’ of lager. Er vielen slechts vier stranddagen te noteren. Het is dus te begrijpen dat men de afgelopen zomer niet al te geweldig vond. Met een gemiddelde van ‘6.1’ over de drie zomermaanden zat de afgelopen zomer overduidelijk bij de zwakke broeders.

De cijfers van een topzomer.

Hoe verhouden deze cijfers zich ten opzichte van de laatste topzomer die we hebben gehad, die van 2006? Zie de afbeelding hiernaast. Deze zomer als geheel scoorde een fraaie ‘7.0’ gemiddeld, het hoogste zomercijfer sinds tenminste 1988, maar daar is wel een kanttekening bij te plaatsen. Als we ons beperken tot de drie zomermaanden, dan zien we dat augustus hieraan vrijwel geen bijdrage leverde. Die maand leverde slechts één ‘9’ en twéé ‘achten’ op, de twee maanden daarvoor kon er op maar liefst 22 dagen een ‘9’ of een ‘10’ worden uitgedeeld, en ook nog twaalf ‘achten’. Méér dan de helft van het totaal aantal dagen uit juni en juli waren dus stranddagen en slechts zes maal moest er een onvoldoende worden uitgedeeld.

Het is dus duidelijk dat in 2006 augustus het zomerfeestje behoorlijk bedierf, maar die zomer had nog een bijzonder fraai slot in de aanbieding. September werd een recordwarme, maar ook zeer droge en zonnige maand. In de weercijfers komt dat dan ook zeer duidelijk tot uiting, want ook september scoorde een ‘7.0’ gemiddeld. De ietwat wrange smaak van augustus werd aldus snel uitgewist.

De uitersten.

De maand die de afgelopen 21 jaar gemiddeld het hoogste weercijfer opleverde, was april 2007. Op zich is dat niet verwonderlijk, want dit was een kurkdroge maand. Op meerdere plaatsen viel er in het geheel geen neerslag, in Bennekom kon 0.1 (!) mm worden afgetapt. Aftrekpunten voor neerslag waren er dus niet uit te delen. Ook voor de bewolking viel er niet veel af te trekken, het was namelijk een record zonnige maand. Op slechts één dag moest een ‘5’ worden uitgedeeld, en op één andere dag een ‘6’. Het regende ‘achten’, ‘negens’ en ‘tienen’, waardoor het maandgemiddelde op ‘8.1’ wist uit te komen.

In schril contrast daarmee staat december 1993. Dit was een zeer natte, sombere en winderige maand, tijdens welke het meer herfst dan winter leek, na overigens een zeer koude tweede helft van november. Het ‘sneeuwde’ in deze maand zware onvoldoendes. Op 16 van de 31 dagen – meer dan de helft dus – moest een ‘3’ of een nóg lager cijfer worden uitgedeeld. Daar stonden slechts zeven dagen tegenover die minstens een ‘zes’ scoorden. Het maandgemiddelde was met ‘3.9’ in ieder geval recordlaag in ruim 21 jaar.

Het lijkt u leuk om ook zelf dagelijks een cijfer aan het weer uit te delen? Hier kunt u precies lezen hoe u dat kunt doen.

Bronnen: Meteo Consult, eigen archief, KNMI. Foto's: Gieny Boersma (voorpagina); meteoprogramma Joop Dijkstra.