Pyreneeën in 2050 gletsjervrij?

Volgens een Spaanse studie zijn de gletsjers in de Pyreneeën binnen 50 jaar gesmolten.

Het afsmelten van de poolkappen en het landijs op Groenland is veel in het nieuws. Ook het afsmelten van gletsjers haalt vaak het nieuws. Maar van het in hoog tempo afsmelten en verdwijnen van de gletsjers in de Pyreneeën hoort men vrijwel nooit iets in de nieuwsbulletins. Toch lijkt het erop dat het gebergte binnen 50 jaar geen enkele gletsjer meer heeft.

De Pyreneeën vormen een hooggebergte dat zich uitstrekt over het grensgebied tussen Spanje en Frankrijk. De hoogste berg, de Pico de Aneto, bevind zich op 3404 meter hoogte in het Maladeta massief, gelegen in het noorden van Spanje. Rondom deze bergtop ligt de grootste gletsjer van de Pyreneeën, welke gelijk ook de meest zuidelijke gletsjer van Europa is.

Gletsjers veelal onbekend

Het gebergte is erg populair bij wandelaars en bergbeklimmers. Maar veel mensen weten eigenlijk weinig over de aanwezigheid van gletsjers in dit gebied. Dat is ook niet zo gek, want veel ijstongen liggen er niet in het gebergte. Momenteel bevinden zich 21 gletsjers in het gebergte. Daarvan liggen er elf op Frans grondgebied en tien op Spaanse bodem. Het totale gletsjeroppervlak bedraagt momenteel 450 hectare.

Onderzoekers van de universiteit van Cantabria hebben onderzoek gedaan naar de huidige situatie in de Pyreneeën, de Sierra Nevada en de Picos de Europa. Daarin hebben zij gekeken naar de effecten van klimaatsverandering op gletsjers sinds de kleine ijstijd, die plaatsvond van 1300 tot 1860.

Klimaatsverandering ook in de bergen merkbaar

Een korte terugblik: Vrijwel alle gletsjers in het gebied zijn ontstaan tijden de kleine ijstijd. Volgens metingen was de koudste periode tussen 1645 en 1710. In deze periode bevonden zich ook de meeste gletsjers in het hooggebergte. Tussen 1750 en het begin van de 19e eeuw gingen de gletsjers achteruit. Een nieuwe koude periode zorgde voor enig herstel van de ijstongen.

Sinds die periode zijn ook in de Pyreneeën de gevolgen van globale klimaatsverandering zichtbaar. Sinds de laatste koude periode zijn de temperaturen in de bergen van Noord-Spanje met 0,7 tot 0,9 graden gestegen.

Al meer dan de helft is gesmolten

Volgens het onderzoek van de Spaanse wetenschappers zijn er tussen 1880 en 1980 tenminste 94 gletsjers verdwenen in het gebergte. En dat is nog niet alles. Volgens berekeningen is er tussen 1990 en 2005 sprake van versnelde afsmelting. In die periode is 50 tot 60 % van het totale oppervlak aan ijs van de grootste gletsjers verdwenen.

Er wordt veel gesproken over de gevolgen van klimaatsverandering. Dat het krimpen en verdwijnen van gletsjers hier een duidelijk gevolg van is mag duidelijk zijn. Toch blijven de gevolgen niet beperkt tot het afsmelten van (land)ijs.

Zeespiegelstijging

Het water dat vrijkomt bij het smelten van gletsjers wordt via de rivieren afgevoerd naar zee. In het geval van de Pyreneeën wordt het smeltwater zowel naar de Middellandse Zee als de Golf van Biskaje in de Atlantische Oceaan afgevoerd. Op het moment dat het afsmelten van gletsjers in een stroomversnelling raakt, krijgen de rivieren extra water te verwerken, wat kan leiden tot overstromingen.

Maar dat is nog niet alles. Het is alom bekend dat door het afsmelten van gletsjers de zeespiegel een flink stuk kan stijgen. Overstroming van bepaalde gebieden vormt hierdoor een reëel gevaar. Maar er zijn op de langere termijn nog meer gevolgen. Als de gletsjers eenmaal zijn afgesmolten wordt er uiteindelijk minder (smelt)water afgevoerd door de rivieren. Hierdoor kunnen gebieden rondom de rivieren geconfronteerd worden met een tekort aan water.

Bronnen: Science Daily, noordspanje.be, Meteo Consult.

Foto voorpagina: archief Meteo Consult.