Over hitte en zuks

Dinsdag was in het nieuws dat eind deze eeuw temperaturen van ruim boven 40 graden mogelijk zijn in Nederland. Maar wat weten we nu eigenlijk meer dan op maandag?

Uitgebreid was dinsdag en woensdag in het nieuws dat eind deze eeuw in Nederland maximumtemperaturen van ruim boven 40 graden zouden kunnen worden bereikt, zo’n acht graden meer dan de absolute records van nu. Dat meldde het KNMI. Wat betekent de gegeven informatie nu voor ons dagelijks leven?

Dat is de vraag. Op de website van het KNMI en via de gegeven interviews wordt niet helemaal duidelijk wat we precies kunnen verwachten. Meer dan dat er in Nederland maximumtemperaturen van boven 40 graden mogelijk zijn, staat er niet.

46 à 47 graden?! Wel erg hoog….

Rekenen we die extra 8 graden bovenop de oude records, zoals het artikel op de website van het KNMI lijkt te suggereren, dan zou 46 à  47 graden mogelijk zijn in Oost- en Zuidoost-Nederland (het oude record van 38,6 graden van Warnsveld in Gelderland uit 1944, plus 8 graden). Een logische conclusie.

Maar, bijna 47 graden, dat lijkt wel héél erg hoog. Zeker als in het artikel aangegeven wordt dat in Zuid-Frankrijk, waar er zo’n 10 graden bij de huidige records kan worden opgeteld, de stad Lyon gemiddeld één keer in de honderd (!) jaar, 45,4 graden zou kunnen bereiken. En Kansas City (in het Midden-Westen van de VS) 46,5 graden. Als dat daar de absoluut hoogste te bereiken temperaturen zouden zijn, dan halen wij  dat in Nederland gewoonweg niet.

Eerst maar eens die 40 graden

Eerst maar eens de voor ons land al zeer extreem klinkende 40-gradengrens. In zeer uitzonderlijke omstandigheden zouden we op dergelijke superhoge temperaturen uit kunnen komen. Oprichter en voormalig directeur van Meteo Consult, Harry Otten, geeft al jaren aan dat de 40-gradengrens, nu al, een slechtbare barrière is tijdens de zomer.

Voorlopig zijn de ‘ideale’ omstandigheden die daarvoor nodig zijn, niet bereikt (een zeer droge ondergrond en daardoor een extra lage luchtvochtigheid, gecombineerd met 100% zonnige omstandigheden, en verder tevens de aanvoer van extreem warme lucht uit Afrika met temperaturen ter hoogte van het 850 hPa-drukvlak [meestal op ongeveer 1500 meter hoogte] van ten minste 22 of 23 graden). Al deze elementen tegelijk moeten ‘kloppen’ om tot zulke historische thermometerwaarden te komen.

Recent stranden we op 7 augustus 2003 in Arcen (Limburg) tijdens uitzonderlijke hitte op 37,8 graden. Het nu al meer dan 60 jaar stammende record van 38,6 graden in Warsveld uit het oorlogsjaar 1944 bleek te hoog gegrepen.

Maar, met het veranderende klimaat wordt de kans op het voorkomen van uitzonderlijke omstandigheden die 40 graden mogelijk maken, daadwerkelijk wel steeds groter. Want nu het klimaat aan het opwarmen is, ook in Nederland, gaan niet alleen de temperaturen omhoog, tevens het aantal lange droogteperioden neemt toe.

In dergelijke extreem droge periodes kan het kwik onder bepaalde omstandigheden, zoals zojuist al aangegeven, het hoogst pieken. De lage luchtvochtigheid zorgt er daarbij dan voor dat er minder energie nodig is om de lucht op te warmen door de zon.

De zeer droge periode die vooral in het noorden van het land in de afgelopen maanden april, mei en juni van dit jaar 2008 huishield, liet hiervan een staaltje zien. Vorige week woensdag 2 juli werd het in het zeer droge noordoosten in de middag maar liefst 34,3 graden Celsius op station Eelde in Noord-Drenthe, bij een 1500-metertemperatuur van circa 17 graden (terwijl temperaturen van 23 graden al eerder gemeten zijn boven Nederland).

Tegelijkertijd was het, vorige week woensdag, op vliegbasis Twenthe, normaal gesproken een nóg warmer station, op het zelfde moment bij dezelfde omstandigheden 33 graden. De verwachtte maximumtemperatuur voor Eelde was overigens 32 graden. Het kwik schoot door de extreme droogte nog eens twee graden hoger uit.

Mogelijke maxima van ruim boven 40 graden voor het eind van de eeuw zijn dan eigenlijk ook geen echt groot nieuws meer (met een 1500-metertemperatuur van 23 graden, zitten wen nog 6 graden hoger dan vorige week toen het blijkbaar al dik 34 graden kon worden). De 40-gradengrens ligt in het huidige klimaat in feite al binnen handbereik, als alle puzzelstukjes maar op hun plaats vallen. Al blijft het natuurlijk spectaculair klinken.

Relatief voordeel bij zulke bizar hoge temperaturen is overigens dat ze dus alleen mogelijk zijn bij een zeer lage luchtvochtigheid. Hierdoor is dergelijke hitte iets minder ondragelijk dan bij normalere Nederlandse luchtvochtigheidpercentages. Veel mensen in het noordoosten van Nederland zullen de hitte van vorige week woensdag met een plaatselijke 34 graden, dan ook waarschijnlijk iets minder heet hebben ervaren. Waarschijnlijk als een ‘gewone’ dikke dertiger.

Afbeelding homepage: uitsnede foto Karin Broekhuijsen

Bronnen: Meteo Consult, KNMI, VWKWEB