Weer versus gemoedstoestand

Onze gemoedstoestand wordt deels beïnvloed door het weer, maar in hoeverre kunnen we dit terugvinden in de meteorologie? En hoever kan of mag je gaan om gemoedstoestanden te koppelen aan weerfenomenen?

Als gevolg van de spreekwoordelijke wisselvalligheid van het Nederlandse weer op dit moment, hebben veel mensen last van de weersveranderingen. Hoofdpijn, slapeloosheid en depressies zijn hierbij veelvoorkomende klachten. Het ene moment is het 30 graden en erg vochtig en een dag later is het 19 graden en waait het heel hard. De veranderingen zijn dus groot, maar kunnen ze ook wetenschappelijk aangewezen worden als de oorzaak van de klachten en pijnen waar mensen met dit weer last van hebben?

De koppelingen van het weer aan onze gemoedstoestand zijn bij iedereen wel bekend; wanneer we te weinig zonlicht krijgen, worden we depressief. Kinderen en dieren worden druk en onrustig als er onweer op komst is en van bepaalde windsoorten kunnen mensen hoofdpijn krijgen. Toch lijkt het onmogelijk om bij vage klachten het weer meteen als schuldige aan te wijzen. Er is gewoonweg nog te weinig wetenschappelijk bewijs. In vooral landen met veel bergen wordt hier intensief onderzoek naar gedaan. Door bergen ontstaan er namelijk grote verschillen in het weer en het klimaat, maar ook grote verschillen in een zeer korte tijd; denk hierbij aan een föhnwind. Maar ook in Nederland kan een groot aantal weergerelateerde elementen effect op de gezondheid hebben. Denk hierbij aan kou, hitte en smog. En met deze variaties heeft onze gezondheid nog wel eens moeite.

De Griekse wijsgeer Hippocrates stelde zich omstreeks 400 voor Christus al de vraag in hoeverre het weer het menselijk welzijn en zijn gedrag bepaalt. Hoewel zijn veronderstellingen nauwelijks wetenschappelijk zijn, merkte hij toen al op dat sommige ziektebeelden verergerden onder invloed van luchtvochtigheid, luchtdruk of zonlicht.

Deze leer van de invloed van weersverschijnselen op levende wezens, ook wel biometeorologie, is ook in Nederland sterk in opkomst. Maar vooral landen als Canada, Duitsland en de Alpenlanden, Zwitserland en Oostenrijk, zijn al behoorlijk ver met onderzoek op dit vakgebied. Een Canadees medisch meteoroloog, Tom Wood, stelt dat het menselijk lichaam geen statisch organisme is en dat de biochemische processen in ons lichaam voortdurend in interactie zijn met hun omgeving. Volgens hem spelen ook klimaatfactoren een rol bij ons welbevinden, namelijk zonlicht, temperatuur, luchtvochtigheid, luchtdruk en windkracht en kunnen er met meer kennis van die wisselwerking veel levensvreugde en zelfs levensjaren gewonnen worden. Doordat het lichaam van heel jonge mensen en ouderen zich moeilijk kan aanpassen, zijn zij vaak extra weersgevoelig. Maar ook vrouwen blijken over het algemeen gevoeliger te zijn voor het weer dan mannen. Echter, een wetenschappelijke reden hiervoor is (nog) niet gevonden!

Biometeorologie in Nederland

De Australische meteoroloog Manfred Kaiser vindt het onbegrijpelijk dat er in een land als Nederland zo weinig aandacht wordt besteed aan deze tak van sport. Hij stelt dat het menselijk organisme vooral op snel veranderende weersomstandigheden en onstabiel weer reageert en dat is juist het kenmerk van het Nederlandse klimaat. Uit onderzoek blijkt dat 60 procent van de Duitsers gevoelig is voor plotselinge weersveranderingen en dat zal volgens hem in Nederland niet anders zijn. Toch komt het gemiddelde Nederlandse weerbericht tot dusverre niet veel verder dan een waarschuwing voor hooikoorts en UV-straling.

Psychische en fysieke verschijnselen.

Europese wetenschappers hebben een lijst gemaakt van symptomen die voorkomen bij mensen die weersgevoelig zijn. Enkele hiervan zijn: toenemende geïrriteerdheid en agressiviteit, angstgevoelens, depressiviteit, slaapproblemen, hoofdpijn, wondpijn en reumatische pijnen. Pijn is natuurlijk een lastig element om te meten, maar veranderingen in gevoel en humeur zijn helemaal slecht meetbaar. Toch zijn deze veranderingen wel enigszins terug te vinden in de statistieken van onder andere suïcideaantallen, verkeersongevallen en aanmeldingen voor spoedopname in ziekenhuizen. Zo houdt bijvoorbeeld de FBI in Amerika statistieken bij die aantonen dat warm weer leidt tot verkrachtingen en moorden, en koeler weer tot delicten zoals inbraak en tasjesroof. Tevens is de Amerikaanse politie tijdens een warme en vochtige zomer meer berekend op problemen in en uitbraken uit de gevangenissen.

Mogelijke relaties

Sommige van deze effecten en relaties zijn natuurlijk heel duidelijk en direct. Bijvoorbeeld smog leidt tot hoesten en hoofdpijn door de toenemende hoeveelheid roet en fijnstof in de atmosfeer. Ook de relatie tussen huidkanker en fanatiek zonnen is inmiddels welbekend. Maar er zijn ook minder duidelijke verbanden met gezoendheidsklachten als ‘hoogte en luchtdruk’ en ‘winden die waaien in Europa en zorgen voor sterke atmosferische veranderingen’. Deze laatste twee voorbeelden worden hieronder nog even verder uitgelicht.

Hoogte en luchtdruk: Op elke hoogte is het percentage aan zuurstof ongeveer 21 %. Maar hoe hoger je komt, des te lager de dichtheid van de lucht is, waardoor er absoluut gezien minder zuurstof beschikbaar is. Daardoor neemt de hoeveelheid zuurstof die per ademhaling door het lichaam kan worden opgenomen af, waardoor hoofdpijn en vermoeidheid op kunnen treden.

Beruchte winden in en om Europa: Een paar voorbeelden hiervan zijn de Mistralwinden, Föhnwinden, Siroccowinden en Sharavwinden. Dit zijn droge winden die als ze eenmaal inzetten de luchtvochtigheid en de temperatuur snel kunnen laten veranderen.

De Mistralwind die in de Rhonevallei waait, kan bijvoorbeeld zo tekeergaan dat veel geluid geproduceerd wordt dat sommige mensen daarvan echt gestresst raken.

Een ander voorbeeld is een valwind als de Föhn in berggebieden. Deze wordt voorafgegaan door een massieve muur van positief geladen luchtdeeltjes (positieve ionen), waardoor er een ander spanningsveld tot stand komt en de aarde positief geladen wordt in plaats van ‘normaal’ negatief. De hiermee samenhangende positieve ionen lijken ook bij ons, in bepaalde weersituaties, een cruciale rol te spelen voor weergevoelige mensen. Droge lucht vanuit het zuiden en de vorming van stapelwolken kunnen leiden tot onrustige gevoelens, concentratieverlies en druk gedrag bij kinderen. Maar ook depressie, prikkelbaarheid, angstgevoelens en astma komen voor. Dit heeft onder andere te maken met de frequentie van het ontstane elektrische veld.

Wat doen deze positieve ionen?

De positieve ionen komen in de longen en dringen door in de bloedbaan. Hierin maken ze serotonine los van bloedplaatjes en histamine en serotonine van de cellen in de weefsels van het ademhalingskanaal. Door dit verhoogde serotonineniveau in het bloed wordt er adrenaline aangemaakt in het bloed (stresshormoon), waardoor het lichaam in een soort alarmfase komt en anti-stresshormonen gaat aanmaken. Hierdoor neemt het serotonineniveau in de hersenen juist af en dit leidt dan uiteindelijk tot de eerder genoemde klachten als depressiviteit, prikkelbaarheid en angstgevoelens. Negatieve ionen gaan deze klachten weer tegen.

Workshops

Hoewel dus van steeds meer ziektebeelden kan worden aangetoond waarom en hoe ze meteorologisch worden beïnvloed, blijft bij andere ziektebeelden de onzekerheid over of het inderdaad echt te maken heeft met de weersveranderingen aanwezig. Toch worden stukje bij beetje de geheimen rondom de relatie tussen het weer en de gezondheid ontrafeld en kunnen steeds meer symptomen verklaard worden.

Wilt u meer weten over de relatie tussen het weer en uw gemoedstoestand? Kijk dan op onze website en geef u op voor de workshop ‘Wijzelf als barometer’.

Bron: MeteoConsult, KNMI, NRC, Elsevier