Filmpje ijssmelt Noordpool

De bedekking aan zeeijs in het Noordpoolgebied heeft met 3 miljoen vierkante kilometer een historisch dieptepunt bereikt. Een filmpje van de smelt.

Nu de echte zomer in het Noordpoolgebied voorbij lijkt te zijn – de temperaturen boven het resterende zeeijs zijn er weer tot beneden het vriespunt gedaald – kunnen we de balans opmaken van het afgelopen smeltseizoen. Schreven we op 12 augustus al dat er in het bekken van de Arctische zeeën nog nooit zo weinig zeeijs was geweest als op dat moment (iets minder dan 4 miljoen vierkante kilometer was er nog over), sinds een week lijkt de teller een soort ondergrens gevonden te hebben bij rond 3 miljoen vierkante kilometer.

Dit betekent dat er in de afgelopen drie weken nog eens een oppervlakte van ongeveer 1 miljoen vierkante kilometer aan ijs extra gesmolten is. Daarmee zien we dit jaar een adembenemende verplettering van het record van twee jaar geleden. Met de snelle afname van het zeeijs in het Noordpoolgebied van dit jaar komen we stukje bij beetje dichterbij een Noordpool zonder zeeijs. Wordt er in veel klimaatrapportages nog van uitgegaan dat dit punt, gedurende de zomermaanden, pas ergens halverwege deze eeuw of nog later zal worden bereikt, op basis van de trend sinds 2005 zou het best zo eens kunnen zijn dat de Noordelijke IJszee ergens tussen de jaren 2015 en 2020 al voor het eerst nagenoeg ijsvrij zal zijn. Geen wonder dan ook dat de strijd om het gebied, dat naar verluid rijk aan grondstoffen is, inmiddels in volle hevigheid is losgebarsten. Rusland, Canada en Denemarken betwisten het gebied al en de verwachting is dat meer landen zich bij dit rijtje voegen. Binnen enkele jaren wordt in VN-verband waarschijnlijk al over deze kwestie gesproken.

Als ergens de gevolgen van de klimaatsverandering pijnlijk duidelijk zijn, dan is dat wel in het Noordpoolgebied. Was er hier al lange tijd sprake van het geleidijk aan afsmelten van het zeeijs, de laatste jaren lijken we in een spiraal terechtgekomen te zijn die zichzelf versterkt. Zowel in de zomer als in de winter zien we nu de gevolgen van die spiraal. Zo is het tijdens de wintermaanden sinds 3 jaar zo dat het zeeijs zich niet meer tot het niveau van voorheen herstelt. Er hoeft in de zomers dan ook minder te smelten om tot het minimum van het jaar ervoor te komen. Daarbij lijkt het er op dat het ijs, dat in de wintermaanden nog wel ontstaat, veel dunner is dan voorheen. Veel minder ijs dan voorheen overleeft zo de zomermaanden. Het heeft er hierbij verder alle schijn van dat het oude ijs, dat nog wel door de zomermaanden heen komt, in de tussentijd stukje bij beetje dunner aan het worden is.

Nu steeds grotere stukken zee gedurende de zomermaanden niet meer met ijs bedekt zijn, neemt het open water (water absorbeert 90 procent van de invallende zonnestraling, daar waar wit ijs juist 90 procent reflecteert) over steeds grotere oppervlakten en gedurende steeds langere perioden in het jaar warmte op. Warmte die er in de wintermaanden weer voor zorgt dat het langer duurt, voordat er weer ijs op het water komt. En zo versterkt de spiraal zichzelf. En gaat het allemaal veel harder dan we in eerste instantie allemaal dachten.

Over andere oorzaken dan de klimaatsverandering is de afgelopen tijd natuurlijk ook nagedacht. Niet alleen bij ons, maar ook in het Noordpoolgebied was de voorbije winter veel warmer dan normaal. Het ijs kon zich daardoor niet alleen slecht herstellen, het nieuw gevormde ijs was ook nog eens veel dunner dan normaal. Er hoefde deze zomer dan ook duidelijk minder ijs te smelten dan in andere jaren.

Daarnaast is de afgelopen tijd meer dan eens gewezen op de hardnekkige aanwezigheid van een hogedrukgebied, de afgelopen zomermaanden boven de Noordpool. Op veel plaatsen was er daardoor duidelijk meer zonneschijn dan normaal (de zon staat in het poolgebied de hele dag boven de horizon) waardoor de temperaturen hoger uitkwamen en er meer ijs smolt. Tevens heeft vooral in het gebied van de Oost-Siberische Zee een groot deel van de zomer een wind met steeds een zuidelijke component gewaaid, die lange tijd erg warme lucht, afkomstig uit Siberië het gebied in blies.

Het is een feit dat deze zomer op deze plaats al het ijs is verdwenen. Het zeewater in dit gebied, dat normaal met zijn temperaturen ook in de zomermaanden nauwelijks boven het vriespunt uitkomt, heeft dichtbij de kust nu een temperatuur van een aantal graden boven nul. En moet de komende tijd dus verder dan anders afkoelen voordat zich op het zeeoppervlak weer ijs kan vormen.

De grens tussen het zeeijs en het open water is in de zomer waarschijnlijk nog nooit zo dichtbij de geografische Noordpool geweest als de afgelopen weken. Bleef de afsmelt van ijs op dit gedeelte van de Arctische zeeen de afgelopen jaren nog relatief beperkt, dit jaar heeft de dooi ook hier onverbiddelijk toegeslagen.

Een laatste opmerkelijke punt is dat de zogenoemde noordwestpassage, de vaarroute tussen de Stille Oceaan en de Atlantische Oceaan om het noorden van Canada heen voor de eerste keer ooit uit het pakijs is gekomen. Ook nu kunnen schepen die route varen.

Al met al wordt het de komende periode zeer interessant om te zien in hoeverre het zeeijs in het Noordpoolgebied zich herstelt. Gebeurt dit niet, of in nog mindere mate dan in de vorige 2 a 3 winters al het geval was, ligt een nieuw record volgend jaar zomer voor het oprapen. Blijft de spiraal, waarin we geleidelijk aan terecht zijn gekomen, in dit tempo doorgaan, dan is de Noordpool binnen niet al te lange tijd in de zomer voor het eerst ijsvrij.

Start de zeeijs animatie.

Bronnen: Universiteit van Illinois, Meteo Consult