Alweer een warmterecord

De reeks warmterecords is nog altijd niet ten einde. Het tweede seizoen op rij schrijft geschiedenis met een overtuigend warmterecord.

Vandaag sluiten we deze gedenkwaardige winter af volgens de meteorologische seizoensindeling. We kunnen zelfs spreken van een legendarische winter, te vergelijken met bijvoorbeeld de ijskoude winter van 1947. Beide zijn immers zeer extreem. Alleen het karakter is volstrekt tegengesteld.

De huidige winter is bij uitstek de zachtste winter sinds tenminste het begin der metingen, in het jaar 1706. Het record stond op 6.0 graden, genoteerd in de zachte winter van 1989/1990. Daar komen we nu met dik 6.5 en mogelijk afgerond 6.6 royaal overheen. Het zoveelste warmterecord in een kort tijdsbestek. De hausse begon met de recordwarme zomermaand juli. Toen volgde de recordzachte herfst, met daarin het warmste september ooit. En nu dus deze merkwaardige winter, met bovendien de zachtste januari in tenminste 300 jaar. Februari schrijft overigens geen geschiedenis. Het maandgemiddelde komt uit op 6 graden. Het record staat op 7.6, daterend uit 1990. Daar blijven we mijlenver uit de buurt. Met 6 graden is de maand overigens wel zeer zacht, mogelijk goed voor een zevende plaats in het klassement vanaf 1901.

Opmerkelijk is ook het aantal zeer zachte dagen in deze winter. In totaal steeg het kwik in De Bilt op 38 dagen tot tenminste 10 graden. Ofwel, op ruim 40 procent van de winterdagen wat het boterzacht. In de extreem zachte winter van 1990 steeg het kwik in De Bilt op 36 graden tot 10 graden of hoger. Toen deed februari de belangrijkste duit in het zakje. In deze winter zijn de zeer zachte dagen netjes over de drie wintermaanden verdeeld.

In De Bilt kwam het in 12 nachten tot een (bescheiden) vorst. In de vorige recordhouder (1990) vroor het in totaal in 14 nachten. Er was in deze winter in totaal sprake van 1 sneeuwsituatie. Op 8 februari heeft het landelijk gesneeuwd en kwam er ook een sneeuwdek tot stand. Maar op de ochtend van de 8e lag er nog niets, en op de ochtend van de 9e was in De Bilt vrijwel alles alweer verdwenen. Dus vanwege het gebruik van het ijkpunt op de ochtend om 7 uur lokale tijd, komt deze winter in die zin zonder een sneeuwdek in de klimaatboeken.

Tenslotte gaan we nog even op zoek naar de vorstgrens. Op basis van modelgegevens zien we op bijgevoegd kaartje de positie van de vorstgrens op deze ochtend. Daarin zien we dat de vorstgrens voor de Noorse kust zijn meest noordelijke positie kiest. Veel zuidelijker zien we de vorstgrens terug boven het vaste land van Centraal Azie. Ook in Noord Amerika is de winter nog prominent aanwezig. De vorstgrens loopt er ruwweg op dezelfde breedtegraad als Spanje of Griekenland.

Dat de vorstgrens juist ter hoogte van Europa zo noordelijk ligt, heeft alles te maken met de overheersende west- tot zuidwestenwinden over de Atlantische Oceaan. Daardoor kan relatief milde oceaanlucht gemakkelijk een flinke progressie boeken naar het noorden en noordoosten. Onze milde winters hebben dan ook alles te maken met de overheersende windrichting uit het zuidwesten en de ligging van de enorme plas water ten westen van Europa. Een oostenwind kan dit patroon doorbreken. Maar nu de westcirculatie dit seizoen heer en meester blijkt te zijn, krijgt de winter echt geen schijn van kans. Bijkomend gevolg van de dominantie van de westcirculatie is tevens, dat deze winter zeer nat en bovendien nogal somber verloopt.