Januari ook erg nat

Januari is nog nooit zo zacht verlopen als dit jaar, maar was dat overal wel zo? Tijd voor uw eigen waarnemingstation?

De eerste maand van 2007 is alweer voorbij en heeft ook direct weergeschiedenis geschreven. Tot nu toe was de gemiddelde etmaaltemperatuur over de gehele 31 dagen niet boven 6.2 graden uitgekomen. Deze waarde is gemeten in de ultrazachte louwmaand van 1921, 1975 en 1983. Doordat de wind vrijwel onafgebroken uit het zuidwesten waaide, kwam constant subtropische lucht richting ons land. Deze luchtmassa was ook nog eens behoorlijk vochtig, de maand verliep dan ook behoorlijk nat. In De Bilt werd 103 millimeter regenwater opgevangen tegen 67 millimeter normaal.

Het maandoverzicht dat door de klimatologische dienst van het KNMI wordt uitgegeven vergelijkt vooral de data van het hoofdstation De Bilt. Veel mensen vragen zich af of de overzichten ook voor bijvoorbeeld Groningen, de Achterhoek of Zeeuws-Vlaanderen representatief zijn. Niet alleen in De Bilt wordt het weer gemeten, ook elders in het land. Het KNMI heeft een netwerk van (automatische) weerstations en verder verrichten tientallen, zo niet honderden vrijwillige waarnemers dagelijks waarnemingen van temperatuur, neerslag, wind en hoeveelheid zonneschijn.

Als we de gegevens van alle waarnemingsplaatsen naast die van De Bilt leggen dan blijkt dat de temperatuur in vrijwel het hele land (ruim) vier graden boven normaal uit is gekomen. Opmerkelijk is dat het weerstation Meddo-Winterswijk met 5.9 graden niet een nieuw januarirecord kon bijschrijven. In 1988 was het namelijk net iets zachter. De opmerkelijkste verschillen zien we vooral in de hoeveelheid regen die in de regenmeters is opgevangen. Zo kwam in de zuidelijke helft van het land (grofweg zuid van de grote rivieren) tussen 80 en 110 millimeter regenwater naar beneden. Dit komt overeen met 30 à 40 millimeter boven de norm. In het noorden was de afwijking zo’n 80 millimeter met in Drenthe ruim 180 millimeter (Beilen 182 mm en Schoonlo 183 mm).

Het zelf verrichten van weerkundige waarnemingen is heel goed mogelijk en hoeft ook absoluut niet duur te zijn. Een (digitale) thermometer met de mogelijkheid om zowel de laagste als de hoogste waarde op te slaan is al voldoende om de temperatuurextremen bij te houden. In de bouwmarkt koopt u voor een paar euro een maatbeker zodat u ook de neerslag kunt meten. Vaste neerslag moet dan natuurlijk wel eerst even smelten. Op deze manier kunt u elke dag de minimale en maximale temperatuur én de hoeveelheid regen noteren. De hoeveelheid bewolking, neerslagvorm en de hoeveelheid sneeuw die eventueel het aardoppervlak bedekt, zijn visueel goed vast te stellen.

Voordat u aan de slag gaat is het wel belangrijk om een goede waarnemingsplek te zoeken. Hang een thermometer bijvoorbeeld niet aan een muur omdat die muur, zeker als die in de zon staat in de zomer behoorlijk warm kan worden. Verder kan een beschutte tuin een veel hogere temperatuur opleveren. Het beste is dus om de metingen te verrichten in het open veld. Hebben we u “warm” gemaakt voor het opstarten van een eigen weerstation en wilt u ook wat met uw waarnemingen doen? De meteorologen van Meteo Consult zijn altijd benieuwd naar de waarnemingen. Deze kunt u sturen naar waarnemingen@weer.nl . Vooral bij bijzonder weer (sneeuw, ijzel, onweer, veel wind of opmerkelijke temperaturen) kunnen waarnemingen van amateur-stations een nuttige aanvulling zijn voor bijvoorbeeld de weerpraatjes op de (regionale) radio of TV.

 

Bron: Meteo Consult, KNMI, vrijwillige waarnemers