Weer wateroverlast?

Na de extreme juli, augustus en september zijn we zeer benieuwd naar de nieuwe maand op de kalender: oktober.

We hebben er al vaker over geschreven, dit merkwaardige jaar met een bizarre regen aan records. Met oktober in aantocht vraag je je af, waar dit nu weer op zal uitlopen. Maar de voortekenen verklappen al het een en ander. De bordjes worden weer verhangen!

In september profiteerden we vrijwel voortdurende van hogedruk boven het continent, in combinatie met lagedruk op de Atlantische Oceaan. Deze luchtdrukverdeling (aan de grond) stond garant voor zuidelijke stromingen waarmee voortdurende warme lucht op transport werd gezet naar ons land. Tot op zekere hoogte had het circulatiepatroon van september overeenkomsten met het patroon van juli. Beide maanden waren goed voor het predicaat: warmte maand ooit.

In augustus hadden lagedrukgebieden juist een voorkeur voor het Europese vasteland. Hogedruk hield zich toen op afstand, op de Oceaan.

Met oktober op de kalender lijkt dit augustuspatroon weer op de rails te worden gezet. Depressies komen dichterbij en hebben volgende week de neiging om stationair te worden boven Noordwest Europa. Hogedruk zoekt een plek op de Oceaan. Dat betekent dus niet dat we te maken krijgen met een krachtige westcirculatie. Opnieuw zoekt de atmosfeer naar een oplossing waarin de westelijke stromingen een tamelijk geblokkeerd karakter krijgen. Dat beeld zien we in feite al het hele jaar. Het is ook kenmerkend voor weer dat zich uit in extremen. De ene vorm van blokkade zoals in juli en september wordt voor Nederland in hoofdzaak bepaald door een blokkerende rug van hogedruk op grotere hoogte in de atmosfeer. De andere blokkadevorm heeft juist te maken met een trogvormige uitzakking van het stromingspatroon in de bovenlucht. De rug van hogedruk ligt dan ver stroomopwaarts, boven de Oceaan. En tevens verder naar het oosten, richting Turkije. De gevolgen laten zich raden.

Na de extreme droogte deze maand, wordt het in oktober opnieuw nat. Maar er is een belangrijk verschil met augustus. De neerslag wordt immers in dergelijke geblokkeerde situaties voor een belangrijk deel gebracht door buien. Buien ontstaan in augustus niet alleen aan zee, maar zeker zo gemakkelijk boven land. Vandaar dat het in augustus ook landinwaarts extreem nat was met geregeld wateroverlast. In oktober is dat totaal anders. De zon staat lager en het land warmt niet meer voldoende op voor de vorming van flinke buien. Maar de zee is nog warm. Momenteel bedraagt de zeewatertemperatuur zelfs nog 18 tot 19 graden. Daardoor zullen buien een veel sterkere voorkeur vertonen voor de kuststrook in vergelijking met augustus. Toen was het westen ook al het natst met plaatselijk meer dan 300 millimeter in de hele maand, maar het binnenland kwam op uitgebreide schaal nog tot minstens 200 millimeter. In een vergelijkbaar patroon in oktober worden de verschillen veel groter. Een relatief smalle strook langs de kust kan gemakkelijk over de 100 millimeter heen gaan in een tijdsbestek van 10 dagen. Het binnenland en met name het oosten komt gedurende dezelfde periode maar tot enkele tientallen millimeters.

De buien aan de kust worden niet alleen talrijk en actief langs de westkust, maar net als in augustus zullen de buien ook weer geregeld vergezeld van waterhozen. Dat levert vast weer een aantal fraaie foto’s op, in het tijdperk dat heel veel mensen toch een digitale camera binnen handbereik lijken te hebben. U kunt uw mooie weerfoto’s overigens altijd even opsturen naar Meteo Consult. Kijk daarvoor even op www.weer.nl waar u in de linkerkolom een kopje weerfoto’s aantreft.

De cumulatieve neerslagprognose van het ECMWF brengt deze verschillen duidelijk in kaart. Op de Waddenzee zien we een klein maximum van 120 millimeter in de komende 10 dagen, lopend vanaf afgelopen nacht. Langs de hele westkust, net buitengaats, zien we een langgerekt gebied met hoeveelheden boven de 100 millimeter. Ten oosten van de lijn Groningen-Hilversum-Den Bosch wordt minder dan 25 millimeter berekend.

Met dit soort modelberekeningen kunnen we er zeker van zijn, dat het op lokale schaal nog aanmerkelijk natter wordt. Dat betekent dat er wellicht op sommige plaatsen in West-Nederland weldra weer situaties ontstaan met wateroverlast. De vraag is natuurlijk wel, hoe lang het geschetste circulatiepatroon stand weet te houden. Misschien wordt er weer keurig netjes een maand vol gemaakt?!